Zonden heroverwegen: zijn kleine zonden echt klein?

Door hardnekkig door te gaan met kleine zonden worden zij grote zonden; en het kan zelfs leiden naar shirk!!

Geschreven door Ibn Farhoon al-Qurtubi (bron: al-Jumuah Magazine.)
Vertaald door Aboe Yoesoef ‘Abdoellaah.

Waarlijk, alle lof is voor Allah. Wij prijzen Hem, zoeken Zijn hulp en vragen Hem om vergeving. Wij zoeken toevlucht bij Allah tegen het slechte in onze zielen en het slechte van onze handelingen. Wie Allah leidt, er is niemand die hem kan misleiden; en wie Allah laat dwalen, er is niemand die hem kan leiden. Ik getuig dat er geen God is Die het recht heeft om aanbeden te worden behalve Allah, Hij heeft geen deelgenoten, en ik getuig dat Moh’ammed Zijn dienaar en boodschapper is. Voorts:

VEEL MENSEN NEIGEN naar de gewoonte om allerlei soorten zonden te bagatelliseren, ze kleiner/onbeduidender voor te stellen dan ze in werkelijkheid zijn. Sommigen daarvan kunnen mogelijk enorm zijn. Voor ons succes in dit leven alsook in het Hiernamaals is het cruciaal dat we ons de belangrijkheid realiseren van het niet bagatelliseren van enige slechte daad.

In plaats van te kijken naar onze zonde en te denken: “Och, het is maar iets kleins,” dienen we na te denken over en in te zien Wie wij onrecht hebben aangedaan en Wie wij ongehoorzaam zijn geweest. Allah de Almachtige zegt (Nederlandstalige interpretatie):

“…en jullie beschouwden het als iets onbeduidends, terwijl het bij Allah ernstig is.” [Soerat an-Noer (24), aayah 15.]

We dienen werkelijk rekening te houden met het feit dat we tegen het Bevel van Allah in gaan, in plaats van de overtreding te zien als iets kleins en zonder gevolgen. We dienen in gedachten te houden dat we de Regels van de Verheven en Almachtige Allah gebroken hebben, onze Schepper en Heer Die – als Hij wil – een grote zonde door de vingers kan zien en ons verantwoordelijk kan houden voor een kleine.

De boodschapper van Allah (vrede en zegeningen van Allah zijn met hem) heeft gezegd (Nederlandstalige interpretatie):

“Wees op je hoede voor kleine zonden, want de kleinere zonden zijn als de gelijkenis van enkele mensen die hun kamp opsloegen aan de zijde van een vallei. Elk van hen bracht een stuk hout totdat zij hetgeen verzamelden waarmee zij hun brood konden bakken.” (Overgeleverd door Ah’med.)

Een wijze persoon zei eens:

“Let op jouw zonden, want zij zijn als een enorm rotsblok dat naar een huis gegooid wordt en het vernielde; de wind gaat vervolgens naar binnen en blaast alle kaarsen uit.”

Het meest belangrijke van alles, we dienen altijd voor ogen te houden dat er voor elke zonde een tawbah (berouw) is. Maar het mijden van zonden is veel beter dan berouw tonen. Soefyaan at-Thawrie zei:

“Ik vroeg mijn leraar eens: ‘Wie is de fatsoenlijke en rechtschapen persoon?’ Hij antwoordde: ‘Degene die de metgezel aan de rechterkant (de engel bij je linker schouder die de zonden opschrijft) geen slechte handelingen op laat schrijven.’” Ik (de auteur) zeg: “De fatsoenlijke en rechtschapen persoon is degene die constant bewust is van de Waakzaamheid van Allah en zijn hart en tong niet laat rusten van het gedenken van zijn Heer.”

Dus, wees uiterst bewust voor alle soorten van overtredingen en zonden, zonder jezelf over te halen te geloven dat sommigen onbelangrijk zijn, en zonder te veronderstellen dat Allah ze toch wel zal vergeven. Ook al zouden ze dat zijn, we dienen ons bewust te zijn dat dit mogelijkerwijs een gewoonte zal worden en we uiteindelijk zullen glijden in de duisternis van ernstige en dodelijke zonden.

Let op voor het treden in de voetsporen van degenen die slaven zijn geworden van hun lusten en die zich richten op al hun begeerten, terwijl zij totaal geen acht slaan op hetgeen Allah Ta’aalaa en Zijn boodschapper (vrede en zegeningen van Allah zijn met hem) bevolen en verboden hebben. Laat je niet misleiden door de luxe waarin zij nu leven, maar wees overtuigd dat er een Dag voor hen zal zijn waarop hun voeten zullen schudden, hun lichamen zullen rillen en hun kleur zal vervagen. Het is de Dag wanneer hun staan zeer lang zal zijn, hun afrekening zeer hard zal zijn en hun harten in hun kelen zullen kloppen. Zij zullen al hun daden genoteerd in hun boeken zien, op een Dag waarvan de lengte gelijk is aan vijftigduizend jaar. Zij zullen de ondraaglijke hitte en de onverdraaglijke dorst ondervinden. Zij zullen snikken en huilen wegens kwelling en spijt. Denk na over die Dag!

Die Dag is de Dag der Opstanding, de Dag van ar-raadjifah (de eerst blaas op de bazuin – as-soer – waardoor de aarde en de hemelen zullen schudden en het leven zal eindigen), de Dag van ar-raadifah (de tweede blaas, waarna iedereen uit zijn graf tevoorschijn zal komen). Het is de Dag van Spijt, de Dag waarop geen enkel excuus zal baten en de engelen zullen zeggen (Nederlandstalige interpretatie):

“O degenen die ongelovig zijn! Verontschuldig jullie vandaag niet!…” [Soerat at-Tah’riem (66), aayah 7.]

Op die Dag zal geen vader zijn zoon kunnen helpen, noch zal een zoon zijn vader van nut zijn. Het is werkelijk:

“De dag dat jullie haar (de beving) zullen zien zal elke zogende vrouw haar zuigeling vergeten (door de verschrikkingen) en elke zwangere vrouw zal een miskraam krijgen en jij zult de mensen dronken zien terwijl zij niet dronken zijn, maar de kwelling van Allah is zwaar!” [Nederlandstalige interpretatie van soerat al-H’adj (22), aayah 2.]

Op die Dag zullen alle daden stopgezet worden, alle bezittingen en rijkdommen verdwijnen, alle stemmen zullen tot zwijgen gebracht worden en alle wereldse koningen zullen met nederigheid en angst staan. Alle tongen zullen dan verzegeld zijn en alle ledematen zullen bevolen worden te spreken (en vertellen wat zij gedaan hebben, zie o.a. aayah 17:36 en 24:24). Dit zal de toestand zijn van degenen die hun levens doorbrachten in blinde onderdanigheid jegens hun begeerten.

Maar als jij bij de geredde mensen wilt zijn, zorg dan dat je bent zoals hen – houd jezelf verantwoordelijk voor alles wat je doet. Probeer in hun schoenen te lopen, en houd jezelf nooit voor de gek dat louter in hun omgeving zijn voldoende is, want Allah Ta’aalaa zal niemand behalve as-saalih’ien (de rechtschapen dienaren) en degenen die hun voorbeeld volgden in het Paradijs toelaten. Sla acht op de Verklaring van Allah Ta’aalaa (Nederlandstalige interpretatie):

“En wat betreft degene die het staan voor zijn Heer vreesde en zichzelf de zondige begeerten ontzegde. Dan is het Paradijs waarlijk zijn verblijfplaats.” [Soerat an-Naazi’aat (79), aayah 40-41.]

(Lees verder onder de afbeelding. Gebruik onze afbeeldingen voor da’wah.)

 

[Toevoeging van de vertaler:]

Al-Boekhaarie leverde over dat Ibn Mas’oed (moge Allah tevreden over hem zijn) zei:

“De gelovige beschouwt zijn zonden alsof hij onder aan een berg zit waarvan hij vreest dat die op hem zal vallen, en de zondaar beschouwt zijn zonden als vliegen die voor zijn neus passeren en hij doet zoals dit bij hen [hen met zijn hand weg wuiven].”

Ah’med leverde over van ‘Abdoellaah ibn Mas’oed (moge Allah tevreden over hem zijn) dat de boodschapper van Allah (vrede en zegeningen van Allah zijn met hem) gezegd heeft (Nederlandstalige interpretatie):

“Pas op voor kleine zonden, want zij kunnen ophopen totdat zij een man ten ondergang doemen,” en de boodschapper van Allah (vrede en zegeningen van Allah zijn met hem) gaf een gelijkenis hiervoor: “Zoals mensen die een kamp opsloegen in de wildernis, en een man bracht een stok, een andere man bracht een stok enzovoort, totdat zij veel verzamelden, waarna zij een vuur aanstoken en hun eten kookten.” [Door al-Albaanie als h’asan (goed) geclassificeerd in Sah’ieh’ al-Djaami’, 2687.]

Al-Ghazaalie zei:

“Het herhaaldelijk begaan van kleine zonden hebben een groot effect op het zwart maken van het hart. Het is als het effect van water dat drupt op een steen, wat het uiteindelijk zal doen afslijten, ook al is water een vloeistof en steen is hard.” (Einde citaat.)

De poëet sprak verstandig toen hij zei:

“Beschouw kleine zonden niet als onbelangrijk, want bergen zijn gevormd door kiezels.”

(Lees verder onder de afbeelding. Plaats deze afbeelding met een link naar dit artikel op social media.)

 

Hardnekkig doorgaan met een kleine zonde maakt het een grote zonde

Sheikh ‘Abd-Allaah ibn Jibreen (moge Allah hem genadig zijn) zei aangaande het kijken naar pornografisch materiaal en masturberen:

“Elke moslim is verplicht om weg te blijven van deze foto’s en films die de begeerten prikkelen en iemand provoceren om zondige handelingen te verrichten, zoals masturbatie of zinaa (ontucht, overspel), zodat deze vermijding een middel van bescherming is tegen deze verboden zaken. Er is geen twijfel dat het kijken daarnaar en het volharden daarin een grote zonde is, want er is geen kleine zonde als men hardnekkig daarmee doorgaat. Degene die volhardt in het begaan ervan (een kleine zonde) wordt wegens zijn volharding beschouwd als iemand die zich schuldig maakt aan een grote zonde, in tegenstelling tot iemand die het slechts één keer ziet, zoals een niet bedoelde blik en dergelijke; in dat geval wordt het als een kleine zonde beschouwd. Hetzelfde geldt voor masturbatie; als het maar één keer voorvalt, om de druk van begeerte te verlichten, moge Allah dat vergeven, want het is een kleine zonde. Maar er hardnekkig mee doorgaan is een grote zonde.” [Bron: https://islamqa.info/en/130711 (Engels), https://islamqa.info/ar/130711 (Arabisch).]

Shaykh al-Islaam Ibn Taymiyah zei in Madjmoe’ al-Fataawaa (15/293):

“Overspel is een grote zonde, maar het kijken en aanraken zijn lamam (kleine zonden) die vergeven kunnen worden als men grote zonden mijdt. Maar als iemand volhardt in het kijken en aanraken, dan wordt dat een grote zonde, en het volharden daarin kan erger zijn dan een kleine hoeveelheid aan grote zonden. Want het hardnekkig doorgaan met kijken met begeerte, samen met de daaraan verbonden gevoelens van menging en aanraking, kan veel erger zijn dan het kwaad van een eenmalige handeling van zinaa. Vandaar dat de foeqahaa-e [islamitische juristen/rechtsdeskundigen, geleerden op het gebied van fiqh (islamitische jurisprudentie/wetgeving)] zeiden betreffende het teken van goed karakter: hij begaat geen grote zonde, noch volhardt hij in een kleine zonde… Waarlijk, kijken en aanraken kunnen een man leiden naar shirk (polytheïsme), zoals Allah zegt (Nederlandstalige interpretatie): ‘En onder de mensen zijn er die anderen als gelijken (afgoden) naast Allah nemen. Zij houden van hen zoals zij van Allah houden…’ [Soerat al-Baqarah (2), aayah 165.] Degene die verliefd is wordt een slaaf van degene van wie hij houdt.” (Einde citaat.)

Allah Ta’aalaa zegt in Zijn Nobele Qor-aan (Nederlandstalige interpretatie):

“Heb jij (o Moh’ammed) degene gezien die zijn begeerte als god nam?…” [Soerat al-Foerqaan (25), aayah 43.]

Deze aayah beduidt: zie en overpeins – o edele boodschapper – de toestand van deze ongelovigen. Jij zult geen ergere onwetendheid dan die van hen aantreffen. Wanneer hun begeerte voor hen iets goedkeurt volgen zij het en nemen zij het als een god, ongeacht hoe verachtelijk hun daad en hun denken zijn. Zij onderwerpen zich eraan zoals de dienaar zich onderwerpt aan degene die hij aanbidt. (At-Tefsier al-Wasiet lil Qor-aanie l-Kariem van Moh’ammed Sayyid Tantaawie.) Door de eigen begeerten en ideeën te prefereren boven de geboden en verboden van Allah, kent de mens deelgenoten aan Allah Ta’aalaa toe. Men wordt dan een slaaf van zijn eigen lusten en begeerten, die van nature veranderend van aard zijn.

(Lees verder onder de afbeelding. Zie ook de afbeeldingen onder aan deze pagina.)

 

Berouw

Als iemand berouw toont voor zijn zonde, dan zal die vergeven worden en hij zal er niet voor bestraft worden, niet in deze wereld noch in het Hiernamaals. Vandaar dat de profeet (vrede en zegeningen van Allah zijn met hem) zei (Nederlandstalige interpretatie):

“Degene die berouw toont voor een zonde is als degene die helemaal geen zonde begaan heeft.” [Overgeleverd door Ibn Maadjah, 4250. Al-H’aafidhz zei: “De isnaad (keten van overleveraars) ervan is h’asan (goed).” Al-Albaanie classificeerde het ook als h’asan in Sah’ieh’ Ibn Maadjah. ]

An-Nawawie (moge Allah hem genadig zijn) heeft gezegd:

“Geleerden verklaren dat berouw verplicht is voor elke zonde. Als de ongehoorzaamheid van een persoon enkel iets is tussen hem en Allah, de Meest Verhevene, en niet verbonden is met de rechten van andere mensen, dan heeft zijn berouw drie voorwaarden: (1) hij dient te stoppen met het begaan van de zonde, (2) hij dient spijt te hebben dat hij de zonde verricht heeft en (3) hij dient zich voor te nemen om het nooit meer te verrichten. Als één van deze voorwaarden niet oprecht aanwezig is, dan is zijn berouw niet geldig!! Indien de handeling van ongehoorzaamheid verbonden is met de rechten van andere mensen, dan heeft het berouw vier voorwaarden: de drie bovengenoemde voorwaarden en de vierde is het teruggeven van het recht van de andere persoon. Als dit recht een eigendom is, of iets dergelijks, dan dient hij dit terug te geven aan de eigenaar.” (Riyaadh as-Saalieh’ien, bewerkt door al-Arnaa-oet, blz. 10-11.)

Voor meer informatie over berouw, zie de artikelen:

En tot Allah – voor Wie alle lof is en Die alles hoort en ziet – keren wij allemaal terug.

(Lees verder onder de afbeelding.)

 

Tip: een relevant boek, dat de imaan (het geloof) kan vermeerderen, in shaa-a Allaah, is o.a. het 243 pagina’s tellende boek Een glimp van de binnenkant van de Hel, geschreven door sheikh ‘Abdoer-Rah’maan ‘Abdoel-Khaaleq, vertaald door Aboe Yoesoef ‘Abdoellaah. Alsook het boek Een zwak imaan (geloof): symptomen, oorzaken en hoe te genezen, 118 pagina’s, geschreven door Muhammad Salih al-Munajjid, vertaald door Oem Yoenoes. Beide boeken zijn uitgegeven door uitgeverij Momtazah. Ga naar onze webwinkel voor meer informatie en om deze boeken te bestellen.

 

Relevante artikelen:

De bittere gevolgen van zonden

Het gebed van berouw – salaat at-tawbah

De zeven vernietigende zonden

10 Manieren om je imaan (geloof) te vermeerderen

Taqwaa (Godvrezendheid), dat moet je hebben

De vallen van Iblies

Stelen en het afhakken van handen

De islamitische sharia

 

(Klik op onderstaande afbeeldingen om ze vergroot weer te geven. Gebruik de afbeeldingen voor da’wah.)