Soedjoed at-Tielaawah

Soedjoed (neerknieling) tijdens de recitatie.

Soedjoed at-tielaawahBron: sheikh Moh’ammed ibn Saalih’ al-‘Oethaymien.

Aboe Hoerayrah (moge Allah tevreden zijn met hem) verhaalde: “De boodschapper van Allah (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) zei (Nederlandstalige interpretatie): ‘Wanneer de zoon van Adam de verzen reciteert die een neerknieling bevatten, trekt de shaytaan (satan) zich huilend terug en zegt: ‘Ah! Wee mij! De zoon van Adam werd bevolen neer te knielen en hij knielde neer, dus het Paradijs is voor hem; ik werd bevolen neer te knielen en ik weigerde, dus ben ik gedoemd tot de Hel.’’” (Overgeleverd door Moeslim.)

 

Bij het reciteren van verzen in het Arabisch die gekenmerkt worden door het volgende symbool Symbool soedjoed at-tielaawah, is het aanbevolen om neer te knielen. Wanneer een persoon een vers reciteert waarin een dergelijk symbool voorkomt, dient hij de tekbier te doen (d.w.z. het zeggen van Allaahoe akbar) en dan een sadjdah (of soedjoed – neerknieling) te verrichten waarin hij de smeekbeden van soedjoed at-tielaawah (neerknieling bij recitatie) reciteert. Na de sadjdah kan men verder gaan met hetgeen hij bezig was. Het is beter voor een dienaar om rein te zijn bij het verrichten van soedjoed at-tielaawah en zich te richten tot de qiblah (richting van Mekkah), maar dit is geen voorwaarde. De smeekbede die gereciteerd kan worden bij soedjoed at-tielaawah luidt:

Smeekbede soedjoed at-tielaawah 3

 

 

 

 

Sadjada wadjhie lielladzie khalaqah wa sawwarahoe, wa shaqqa sam’ahoe wa basarahoe bieh’awliehie wa qoewwatieh. Fa tabaaraka llaahoe ah’sanoe l-khaalieqien (mijn gezicht is neergeknield voor Degene Die het heeft geschapen en het gehoor en gezichtsvermogen heeft gegeven door Zijn Macht en Zijn Kracht. “Dus Gezegend is Allah, de Beste der makers”). (At-Tirmidzie 2/474, Ah’med 6/30, al-H’aakim. Ad-Dhzahabie heeft deze h’adieth authentiek verklaard 1/220.)

Na de smeekbede van soedjoed at-tielaawah dient men zijn hoofd op te heffen zonder de takbier te verrichten en zonder de tesliem te verrichten, behalve als de sadjdah tijdens het gebed is. Als degene die reciteert tijdens het bidden een vers reciteert waarin zich een sadjdah bevindt, dan is hij in dat geval verplicht de takbier te verrichten wanneer hij de soedjoed verricht en dient hij tevens de takbier te verrichten wanneer hij opstaat. Dit is omdat degenen die het gebed van de profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) beschreven hebben, vermeld hebben dat hij de takbier verrichtte wanneer hij omhoog kwam of omlaag ging. Dit geldt dus ook voor de soedjoed tijdens het gebed en de soedjoed der recitatie.

Wat betreft of reinheid een voorwaarde is voor de acceptatie van de soedjoed ter recitatie (soedjoed at-tielaawah), hierover bestaat een meningsverschil tussen de geleerden: er zijn er onder hen die zeggen dat hij in een staat van rituele reinheid dient te zijn, en er zijn er onder hen die zeggen dat het geen voorwaarde is, en Ibn ‘Oemar (moge Allah tevreden zijn met hen) verrichtte gewoonlijk de soedjoed als hij niet in staat van rituele reinheid was.

Ik ben echter van mening dat het beter is om de soedjoed enkel te verrichten wanneer men de wassing heeft verricht.

En Allah weet het best.

 

Aayaat waar soedjoed at-tielaawah verricht kan worden:

 

nr. soerah naam soerah nr. aayah nr.
1. al-A’raaf 7 206
2. ar-Ra’d 13 15
3. an-Nah’l 16 50
4. al-Israa-e 17 109
5. Maryam 19 58
6. al-H’adj 22 18
7. al-H’adj 22 77
8. al-Foerqaan 25 60
9. an-Naml 27 26
10. as-Sadjdah 32 15
11. Saad 38 24
12. Foessilat 41 38
13. an-Nadjm 53 62
14. al-Inshiqaaq 84 21
15. al-‘Alaq 96 19

 

Relevante artikelen:

Vraag 45. Hoe dien ik sadjdat al-tilaawah te verrichten na het lezen van de betreffende verzen van de Qor-aan?

Artikelen over de Koran

 

Soedjoed at-tielaawah