Introductie tot de kennis van oesoel al-fiqh

– de fundamenten van de islamitische jurisprudentie –

Oesoel al-fiqhBron: Appendix C & D uit het boek De ontwikkeling van fiqh (de islamitische wet & de madzaahib), uitgegeven door Uitgeverij Momtazah. (Zie onder aan deze pagina.)

Lees ook de korte artikelen:

 

 

De termen fiqh en oesoel

Fiqh (faqaha) betekent letterlijk “begrip” of “het begrijpen (nefqahoe) van iets”. Islamitisch betekent het de islamitische jurisprudentie, wetgeving. De volledige definitie van fiqh is: kennis (‘ilm) van de islamitische wetoordelen (ah’kaam as-sharie’ah) over islamitische praktijkzaken met daarbij de uitgebreide duidelijke bewijsvoering (daliel).

Een faqieh (meervoud: foeqahaa-e) is een geleerde of ‘aalim (meervoud: ‘oelamaa-e) in fiqh die religieuze uitspraken/oordelen of fataawaa (enkelvoud: fatwaa) kan geven (ook wel moeftie genoemd).

Oesoel is de meervoudsvorm van asl. Taalkundig betekent het ‘fundamenten’ of ‘oorsprong’.

Allah Soebh’aanahoe wa Ta’aalaa (Glorieus en Verheven is Hij) zegt in de Qor-aan (Nederlandstalige interpretatie): “Zie jij niet hoe Allah een gelijkenis stelt: een goed woord is als een goede boom, de wortel (asl) ervan is stevig en de takken ervan reiken naar de hemel.” [Soerat Ibraahiem (14), aayah 24.]

Uit religieus oogpunt betekent oesoel:

1.) Algemene regel, bijvoorbeeld dat een gebod een verplichting aanwijst.

2.) Daliel (meervoud: adillah) is een bewijs, bijvoorbeeld de asl van Ramadhaan is dat Allah de Verhevene zegt… (aayah).

Oesoel al-Fiqh betekent: fundamenten van de islamitische jurisprudentie. De betekenis van oesoel al-fiqh in zijn geheel: de kennis die algemene bewijzen (adillah izmaliyah) onderzoekt en niet zo zeer de bewijzen in details (adillah tafsiliyah). [Bijvoorbeeld: izmaliyah = er zijn 30 studenten; tafsiliyah = de studenten zijn ‘Aliy, Ah’med etc.…]

Het bestuderen van deze kennis is te verdelen in twee categorieën:

– Een oesoelie bestudeert algemene zaken of richtlijnen, bijvoorbeeld: een gebod staat voor die en die verplichting.

– Een faqieh onderzoekt specifieke zaken met bewijs, bijvoorbeeld: het gebed is verplicht, omdat…

Het nut van het bestuderen hiervan, is het verkrijgen van kennis over ah’kaam as-sharie’ah, wat een grote gunst is en dat er toe leidt om een gelukkig leven te leiden, zowel hier op aarde als straks in het Hiernamaals. Er zijn drie bronnen voor deze kennis:

1.) ‘ilm van tawh’ied (Eenheid van Allah)
2.) ‘ilm van de Arabische taal
3.) ‘ilm van ah’kaam as-sharie’ah (islamitische wetoordelen).

Het oordeel over het vergaren van deze kennis, is dat het fardh kifayah is, d.w.z. dat als een deel van de gemeenschap zich er mee bezig houdt, dan is dat voldoende en zijn anderen er van vrijgesteld. Zo is bijvoorbeeld salaat al-djanaazah (het gebed voor de overledenen) fardh kifayah. Dit in tegenstelling tot fardh ‘ayn, waar elk individu die voldoet aan bepaalde voorwaarden belast is met de verplichting. Bijvoorbeeld het gebed, opdoen van algemene kennis, zakaat etc.

 

De categorieën van ah’kaam as-sharie’ah (islamitische wetoordelen)

H’okm al-wadhie: wat de sharie’ah heeft aangegeven als voorwaarden, redenen etc. om aan te geven of h’okm as-sharie’ah van toepassing is of niet. Bijvoorbeeld salaat (het gebed), voorwaarden zijn reinheid, soetrah, qiblah, intentie etc.

H’okm taklifie: d.w.z. een Uitspraak van Allah de Verhevene die betrekking heeft op daden van een mokalif (verantwoordelijke). Mokaliefien (of moekaliefoen) zijn degenen die goddelijke verplichtingen moeten nakomen of goddelijke verboden moeten nalaten.

<<<Noot uwkeuze.net: ‘Aa-ieshah (moge Allah tevreden zijn met haar) verhaalde dat de profeet (salallaahoe ‘alayhie wa sellem) zei (Nederlandstalige interpretatie): “De daden van de volgende drie personen worden niet genoteerd door de pen (d.w.z. zij worden niet verantwoordelijk gehouden voor hun daden): (1) een slapende persoon totdat hij wakker wordt, (2) een kind totdat hij de pubertijd bereikt, en (3) een geestelijk zieke persoon totdat hij geestelijk gezond wordt.” (Overgeleverd door an-Nasaa-ie.) Iemand die verantwoordelijk gehouden wordt voor zijn daden – volwassen en geestelijk gezond – noemt men een moekallaf. We dienen te begrijpen dat men niet bestraft wordt louter op basis van Allahs Eigen Kennis, maar nadat aan alle vereisten van rechtvaardigheid voldaan is. Dit is waarom een volledig verslag van eenieders woorden en daden voorbereid is, zodat een allesomvattend en onbetwistbaar bewijs van ieders levenswerk en activiteiten beschikbaar is. Naast de twee engelen die alles noteren, doet ook je eigen lichaam dienst als je persoonlijke band en film waarop alles opgenomen wordt. Zie o.a. aayah 17:36 en 24:24. (Naar Tefhiem al-Qor-aan, Sayyid Aboe al-A’laa Mawdoedie.)>>>

 

Er zijn vijf ah’kaam taklifiyah

De 5 islamitische wetoordelen zijn:

1.) Waadjib (waadjibaat) of fardh (faraa-idh): verplicht – bijvoorbeeld het gebed, zakaat, h’adj etc. Degene die het verricht wordt beloond, degene die het nalaat wordt bestraft.

2.) H’araam (h’oeroemaat): verboden – bijvoorbeeld alcohol, gokken etc. Degene die het verricht wordt bestraft, degene die het nalaat wordt beloond.

3.) Mandoeb of moestahaab (moestahabaat), soennah (soennan) of nafilah (nawaafil): aanbevolen of vrijwillig – bijvoorbeeld het nachtgebed, extra vasten (op b.v. maandag en donderdag) etc. Degene die het verricht wordt beloond, degene die het nalaat wordt niet bestraft en niet beloond.

4.) Makroeh (makroehaat): afgeraden of afkeurenswaardig – bijvoorbeeld het binnentreden van de moskee met de linkervoet eerst, of met je rechtervoet als eerste een toilet betreden etc. Degene die het nalaat wordt beloond, degene die het verricht wordt niet bestraft en niet beloond.

5.) Moebaah’ of h’alaal: toegestaan – bijvoorbeeld scheiden, eten, reizen etc. Degene die het verricht wordt niet beloond, degene die het nalaat wordt niet bestraft. Bijvoorbeeld eten: wat jou in leven houdt is waadjib, de rest is moebaah’ (hoewel het makroeh is om te veel te eten). Bijvoorbeeld slapen: slapen is normaal gesproken gewoon toegestaan, je wordt hier niet voor beloond of bestraft, maar als je vroeg gaat slapen omdat je het nachtgebed wilt bidden, dan wordt deze slaap een vorm van aanbidding (‘ibaadah) en wordt je ervoor beloond, in shaa-e Allaah. Bijvoorbeeld lachen: normaal is dit moebaah’, maar als je lacht naar een broeder (voor de broeders) of naar een zuster (voor de zusters) met de intentie om broeder-/zusterschap te kweken of te versterken, dan is het sadaqah (liefdadigheid), een goede daad (al-mandoeb, h’asanah) waar je voor beloont zult worden, in shaa-e Allaah.

 

Enkele fiqh termen – ‘oerf, istih’saan, istis-h’aab, istislaah’

‘Oerf

Gewoonte of traditie gewoon voor een gebied of mensen, verenigd met de islamitische wet. Lokale gewoonten kunnen een secundaire bron worden van wetgeving, mits het niet strijdig is met de basisprincipes van de islamitische wet, zoals lokale huwelijksgewoonten. Islamitisch moet de bruidschat (mahr) overeengekomen worden als een onderdeel van het huwelijkscontract. Maar het bepaalt niet wanneer het betaald moet worden. Zo is het de gewoonte van de Egyptenaren, alsook anderen, dat een deel ervan, met de naam moeqaddam, vóór de huwelijksceremonie betaald moet worden terwijl het overgebleven deel, met de naam moe’akhkhar, alleen betaald hoeft te worden in het geval van overlijden of scheiding, wat er als eerste plaatsvindt.

Een ander voorbeeld van ‘oerf treft men o.a. aan in huurgewoontes. De islamitische wet vereist geen betaling van een prijs als een voorwerp dat gekocht wordt nog niet volledig geleverd wordt. Maar het is de geaccepteerde gewoonte dat de huur betaald wordt voordat een plaats of voorwerp voor de overeengekomen periode gebruikt is. Een ander voorbeeld heeft betrekking op een gewoonte in Syrië waar het woord daabbah ‘paard’ betekent; terwijl de algemene betekenis in het Arabisch ‘een vierpotig dier’ is. Een contract gemaakt in Syrië dat een betaling vereist in de vorm van een daabbah zal juridisch een paard betekenen, terwijl elders in de Arabische wereld het specifieker als een paard gedefinieerd dient te worden.

Istih’saan

Letterlijk betekent dit ‘voorkeur’: de voorkeur voor een bewijs boven een ander bewijs omdat de eerste meer geschikt voor de situatie lijkt dan de andere, ook al is het bewijs waar de voorkeur aan wordt gegeven misschien technisch gezien zwakker dan de andere. Dit kan betekenen dat er prioriteit gegeven wordt aan een h’adieth die specifiek is boven een algemene h’adieth, of het kan zelfs betekenen dat er de voorkeur gegeven wordt aan een meer passende wet boven een wet die afgeleid is door qiyaas. Een toepassing van het principe van istih’saan kan gevonden worden in de behandeling van een contract voor het produceren en verkopen van een voorwerp. Volgens qiyaas en gebaseerd op de verklaring van de profeet (salallaahoe ‘alayhie wa sellem) (Nederlandstalige interpretatie): “Eenieder die voedsel verkoopt dient dit niet te doen voordat hij het in zijn eigen bezit heeft.” [Verhaald door Ibn ‘Oemar (moge Allah tevreden zijn met vader en zoon) en overgeleverd door imaam Maalik, al-Moewatta-e.]

Contracten voor productie zijn ongeldig aangezien het voorwerp niet bestaat op het moment van het sluiten van het contract. Maar omdat zulke contracten door iedereen geaccepteerd worden en de behoefte voor zulke contracten duidelijk aanwezig is, kwam de bepaling door qiyaas te vervallen en de contracten werden toegestaan op basis van het principe van voorkeur, dat wil zeggen istih’saan.

Istis-h’aab

Letterlijk betekent dit ‘het zoeken naar een verband’: dit verwijst naar het proces van het afleiden van fiqh-wetten door een latere reeks van omstandigheden te koppelen aan een vroegere. Het is gebaseerd op de veronderstelling dat de fiqh-wetten toepasbaar op bepaalde omstandigheden geldig blijven zo lang het niet zeker is dat die omstandigheden veranderd zijn. Als, bijvoorbeeld, er volgens het bericht dat een persoon lang afwezig is, het niet zeker is of die persoon nog leeft of niet, dan dienen volgens istis-h’aab alle regels van kracht te blijven die ook zouden gelden als men zeker wist dat hij nog leefde.

Istislaah’

Letterlijk betekent dit ‘het zoeken naar welvaart’: het principe van istih’saan werd ontwikkeld door Aboe H’aniefah en werd ook toegepast door Maalik en zijn studenten in een meer beperkte vorm en genoemd als istislaah’, wat eenvoudig betekent het zoeken naar dat wat geschikter is voor de menselijke welvaart. Het behandelt kwesties die niet specifiek in overweging genomen zijn door de sharie’ah, maar waarop gedoeld is in de Goddelijke Wet. Een voorbeeld van istislaah’ treft men aan in de bepaling van khalief ‘Aliy (moge Allah tevreden zijn met hem) dat elk lid van een groep die deelnam aan een moord schuldig was ook al heeft maar één persoon van die groep de moord daadwerkelijk gepleegd. De juridische teksten van de sharie’ah omvatten alleen maar de feitelijke moordenaar. Een ander voorbeeld is het recht van een moslimleider om van de rijken belastingen te innen anders dan de zakaah, als het belang van de staat dat vereist; terwijl in de sharie’ah alleen de zakaah gespecificeerd is. Imaam Maalik paste ook de principes van istislaah’ toe om wetten af te leiden die meer in overeenstemming waren met de menselijke behoeften dan die wetten afgeleid door qiyaas.

En tot Allah keren wij allemaal terug.

 

Kaft De ontwikkeling van fiqh klBron: Appendix C & D uit het boek De ontwikkeling van fiqh (de islamitische wet & de madzaahib), uitgegeven door Uitgeverij Momtazah. Dit 227 pagina’s tellende boek is geschreven door Dr. Abu Ameenah Bilal Philips en vertaald door Aboe Yoesoef ‘Abdoellaah, die ook de appendices toegevoegd heeft. Dit interessante en waardevolle boek is te bestellen via onze webshop.

 

Relevante artikelen:

De islamitische sharia

Sharie’ah en fiqh: kent u het verschil?

Ontwikkeling van fiqh – de islamitische wet: bronnen, wetscholen (madzaahib) en meningsverschillen

Fiqh (wetgeving) (diverse artikelen)