H’adieth 5

Het verbod op innovatie (bid’ah).

40 NawawiehOverzicht “De veertig ah’aadieth van an-Nawawie”.

De moeder der gelovigen, Oemm ‘Abdoellaah ‘Aa-ieshah (moge Allah tevreden zijn met haar) verhaalde dat de boodschapper van Allah (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) gezegd heeft (Nederlandstalige interpretatie): “Wie iets toevoegt aan deze zaak van ons wat hiertoe niet behoort, het zal verworpen worden.” (Overgeleverd door al-Boekhaarie en Moeslim.)

In de versie van Moeslim (Nederlandstalige interpretatie): “Wie een daad verricht die niet in overeenstemming is met onze zaak, het zal verworpen worden.”

 

Uitleg

De geleerden hebben over deze overlevering gezegd dat het de maatstaf is voor de uiterlijke daden. De overlevering van ‘Oemar ibnoe al-Khattaab (moge Allah tevreden zijn met hem) – de eerste van dit verzamelwerk (zie H’adieth 1) – waarin hij verhaalde (Nederlandstalige interpretatie): “Voorwaar, de daden worden beoordeeld op basis van de intentie,” dient als maatstaf voor de innerlijke daden. Want elke daad heeft een intentie (niyyah) en een uitvoering. De uitvoering is het uiterlijk van de daad en de intentie is het innerlijk ervan.

 

Wat leert deze overlevering ons?

1.) Eenieder die iets toevoegt aan deze zaak – oftewel de Islaam – wat daartoe niet behoort, dit zal nooit en te nimmer van hem geaccepteerd worden, ook al is zijn intentie nog zo goed. Hieruit kunnen wij dus opmaken dat alle vormen van bid’ah ontoelaatbaar en onaanvaardbaar zijn, al is de intentie goed.

<<<Toevoeging uwkeuze.net: er bestaat dus ook geen zogenaamde “bid’ah h’asanah – goede innovatie”, want dan zeg je met andere woorden dat de profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) vergeten is iets goeds mede te delen, en dat is onjuist omdat Allah de Verhevene met hem de religie voltooide en volmaakte. Allah Ta’aalaa zegt (Nederlandstalige interpretatie): “…Vandaag heb Ik jullie religie vervolmaakt voor jullie, Mijn gunsten voor jullie volledig gemaakt…” [Soerat al-Maa-idah (5), aayah 3.]>>>

2.) Iedereen die een goede daad verricht, maar deze niet volgens de islamitische voorschriften nakomt, zijn daad zal verworpen worden ook al vindt deze daad zijn oorsprong in de Islaam. Dit op basis van de tweede overlevering van imaam Moeslim. Zo wordt bijvoorbeeld een kooptransactie die niet aan de islamitische voorschriften voldoet, nietig verklaard en zo ook het verrichten van optionele gebeden zonder enige reden op verboden tijden en het vasten op de ‘ied-dagen. Dit omdat al deze daden niet in overeenstemming zijn met het Bevel van Allah Soebh’aanahoe wa Ta’aalaa (Glorieus en Verheven is Hij) en Zijn Boodschapper (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) en daardoor als nietig en verworpen worden beschouwd.

 

Overzicht “De veertig ah’aadieth van an-Nawawie”.

 

 

Relevante artikelen:

Het verbod op innovaties (bid’ah)

De voorwaarden voor acceptabele ‘ibaadah (aanbidding)

 

(Klik op onderstaande afbeeldingen om ze vergroot weer te geven. Gebruik de afbeeldingen voor da’wah.)