De wereld van de djinn

 Het zijn geen geesten, maar wat wel?

DjinnVertaald en bewerkt door Aboe Yoesoef ‘Abdoellaah (bron www.islamqa.info.)

Alle lof is voor Allah, en vrede en zegeningen zijn met de boodschapper en zijn familie en metgezellen.

Djinn (vaak vertaald als geesten) zijn voor de mens onzichtbare schepsels geschapen door Allah de Verhevene van rookloos vuur (zie aayah 15:27 en 55:15), zoals mensen van aarde (zie o.a. aayah 3:59) en engelen van licht. In Sah’ieh’ Moeslim is overgeleverd dat ‘Aa-ieshah (moge Allah tevreden zijn met haar) zei dat de boodschapper van Allah (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) gezegd heeft (Nederlandstalige interpretatie): “De engelen werden geschapen van licht, de djinn werden geschapen van rookloos vuur en Adam werd geschapen van hetgeen dat aan jullie omschreven is.” Djinn (of jinn) dienen niet verward te worden met het onstoffelijke (de ziel) van een overleden mens, die volgens de algemene misvatting ronddoolt na het overlijden. Djinn zijn ook schepsels met een eigen wil en dienen ook te kiezen tussen goed en kwaad. Er zijn onder de djinn ook moslims, christenen, joden en ongelovigen etc. Men kan contact leggen met de djinn d.m.v. zwarte magie, glaasje draaien, ouijabord, pendelen etc., wat h’araam (verboden) is in de Islaam. Het is zeer gevaarlijk om djinn op te roepen, omdat je niet weet of je met goede/eerlijke of slechte/leugenachtige djinn te maken gaat krijgen. Slechte djinn zullen hun best doen om de mens schade te berokkenen door hen tot ongeloof uit te nodigen, te achtervolgen, angstaanvallen teweeg te brengen etc. en zelfs zelfmoord te laten plegen.

De Qor-aan en Soennah geven aan dat de djinn bestaan en dat er een doel is voor hun bestaan in dit leven, namelijk het aanbidden van Allah alleen, zonder partner of deelgenoot. Allah de Verhevene zegt (Nederlandstalige interpretatie van de betekenis): “En Ik (Allah) schiep de djinn en de mensheid enkel om Mij (alleen) te aanbidden (#1).” [Soerat ad-Dzaariyaat (51), aayah 56.]

“O gemeenschap van djinn en mensen (die niet geloven)! Kwamen er tot jullie geen boodschappers van onder jullie, die Mijn verzen aan jullie voordroegen en jullie waarschuwden voor de ontmoeting met deze Dag van jullie (de bestraffing)?…” [Soerat al-An’aam (6), aayah 130.]

<<< (#1) De schepping is niet voor zinloos spel en vermaak (zie o.a. aayah 21:16). Allah de Verhevene heeft een serieus doel erachter, wat we, in onze onvolmaakte toestand, alleen kunnen uitdrukken door te zeggen dat elk schepsel (onder de mensheid en de djinn) de kans gegeven wordt om zich te ontwikkelen en vooruit te gaan richting het doel, d.w.z. Allah (Glorieus en Verheven is Hij). Allah is de Bron en Kern van alle macht en alle goedheid, en onze vooruitgang hangt af van het in overeenstemming brengen van onszelf met Zijn Wil: dit is het aanbidden van Hem. Het is van geen enkel voordeel voor Hem (#2), het is voor ons eigen voordeel. (A. Yusuf Ali Quran Commentary – de herziene versie.) Zie het boek van Dr. Abu Ameenah Bilal Philips, Het doel van de schepping, uitgegeven door Uitgeverij Momtazah (www.momtazah.net).>>>

<<< (#2) Moeslim leverde over in zijn Sah’ieh’ dat Aboe Dzarr (moge Allah tevreden zijn met hem) verhaalde dat de boodschapper van Allah (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) zei dat zijn Heer, de Verhevene en Meest Geëerde, zei (Nederlandstalige interpretatie): “O Mijn dienaren! Als de eerste en de laatste van onder jullie (d.w.z. jullie allemaal), mensen en djinn onder jullie, het hart hadden van de meest vrome en rechtschapen man onder jullie, dat zal Mijn Koninkrijk helemaal niet vermeerderen. O Mijn dienaren! Als de eerste en de laatste van onder jullie (d.w.z. jullie allemaal), mensen en djinn onder jullie, het hart hadden van de meest slechte man onder jullie, dat zal Mijn Koninkrijk helemaal niet verminderen. O Mijn dienaren! Als de eerste en de laatste van onder jullie (d.w.z. jullie allemaal), mensen en djinn onder jullie, zouden staan op een vlak gebied en iedereen zou Mij vragen (wat zij wensen), en Ik zou eenieder van hen geven wat zij vroegen, dat zal Mijn Koninkrijk niet verminderen behalve dat wat de naald draagt (aan water) wanneer het in de zee gestoken wordt.”>>>

De wereld van de djinn is een afzonderlijke wereld, met zijn eigen onderscheiden aard en kenmerken die verborgen zijn voor de wereld van mensen. Djinn en mensen hebben enkele zaken gemeen, zoals het bezit van verstand en de keuze tussen de weg van het goede en de weg van het kwaad. Het woord djinn komt van een Arabisch stamwoord [idjtinan] met de betekenis “verborgen voor het zicht”. Allah de Verhevene zegt (Nederlandstalige interpretatie van de betekenis): “…Waarlijk, hij (shaytaan) en zijn stam (zijn aanhangers/soldaten van de djinn) zien jullie van waar jullie hen niet kunnen zien…” [Soerat al-A’raaf (7), aayah 27.]

Mensen kunnen de djinn dus niet zien, maar kunnen dieren de djinn zien? Ja, er zijn dieren die de djinn zien. Allahs boodschapper (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) heeft gezegd (Nederlandstalige interpretatie): “Wanneer je een haan hoort kraaien, vraag Allah dan om Zijn Gulheid, want hij (de haan) zag een engel. Wanneer je het gebalk van een ezel hoort, zoek dan Allahs Hulp en Bescherming tegen de shaytaan, want hij (de ezel) zag een shaytaan.” (Overgeleverd door al-Boekhaarie op gezag van Aboe Hoerayrah – moge Allah tevreden zijn met hem.)

Djinn trouwen en krijgen kinderen. Dit feit wordt aangeduid door zowel de Qor-aan als de Soennah. In het Boek staat (Nederlandstalige interpretatie): “…Zullen jullie hem (Iblies – de satan) en zijn afstammelingen dan als awliyaa-e (helpers, beschermers) nemen in plaats van Mij, terwijl zij voor jullie een vijand zijn (#3)!?…” [Soerat al-Kahf (18), aayah 50.] Qaadie ‘Abdoel-Djabbaar zei: “Nageslacht verwijst naar kinderen en familie.”

<<< (#3) Zie het artikel De vallen van Iblies.>>>

De boodschapper van Allah (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) heeft gezegd (Nederlandstalige interpretatie): “De djinn planten zich voort zoals de kinderen van Adam zich voortplanten. Maar hun aantal is groter.” (Ibn Abie Haatim en Aboe as-Shaykh leverden dit over op gezag van Qataadah – moge Allah tevreden zijn met hem.)

 

Soorten djinn

Allah de Verhevene heeft verschillende soorten djinn geschapen. Onder hen zijn er die verschillende vormen kunnen aannemen, zoals die van honden en slangen; sommigen zijn als vliegende winden met vleugels en sommigen kunnen reizen en rusten. Aboe Tha’labah al-Khoeshanie zei: “De boodschapper van Allah (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) heeft gezegd (Nederlandstalige interpretatie): ‘De djinn bestaan uit drie soorten: een soort die vleugels heeft en zij vliegen door de lucht; een soort die lijkt op honden en slangen; en een soort die stopt voor een rustpauze, vervolgens hervat hij zijn reis.’” [Overgeleverd door at-Tahhaawie in Moeshkil al-Athaar (4/95) en door at-Tabaraanie in al-Kabier (22/214). Sheikh al-Albaanie zei in al-Mishkaat (2/1206, nr. 4148): “At-Tahhaawie en Aboe l-Shaykh leverden het over met een sah’ieh’ isnaad (authentieke keten).”]

 

Is Iblies (de satan) een engel of een djinn?

Sommige mensen denken dat Iblies, de grootste duivel, een engel is. Deze opvatting heerst vooral onder de christenen die denken dat de duivel een gevallen (opstandige) engel is. Maar Iblies is geen ‘gevallen’ engel, maar een djinn die eerst een aanbidder van Allah Ta’aalaa was en zich onder de engelen bevond, maar vervolgens uit arrogantie dacht dat hij beter was dan Adam (vrede zij met hem) (omdat hij van vuur geschapen was en Adam van klei) en daardoor Allah de Verhevene ongehoorzaam was en niet knielde voor Adam (vrede zij met hem). Het bewijs hiervoor zijn de Woorden van Allah de Verhevene (Nederlandstalige interpretatie): “…behalve Iblies (satan). Hij behoorde tot de djinn…” [Soerat al-Kahf (18), aayah 50.]

Allah de Verhevene zegt ook (Nederlandstalige interpretatie): “Hij (Allah) zei: ‘Wat belette jou (O Iblies) om neer te knielen toen Ik jou dit opdroeg?’ Hij (Iblies) zei (arrogant): ‘Ik ben beter dan hem (Adam), U schiep mij van vuur, terwijl U hem van klei schiep.’” [Soerat al-A’raaf (7), aayah 12.]

 

De djinn en de zonen van Adam

Ieder individu onder de zonen van Adam (d.w.z. de mensen) heeft een djinn die aangewezen is als zijn constante metgezel (qariem). Ibn Mas’oed (moge Allah tevreden zijn met hem) zei: “De boodschapper van Allah (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) heeft gezegd (Nederlandstalige interpretatie): ‘Er is niemand van jullie die niet een djinn als zijn constante metgezel toegewezen heeft gekregen.’ Zij zeiden: ‘En u, O boodschapper van Allah?’ Hij zei: ‘Ik ook, maar Allah heeft mij geholpen en hij [de djinn] heeft zich overgegeven zodat hij mij slechts helpt om het goede te doen.’” (Overgeleverd door Moeslim, 2814.)

An-Nawawie zei in zijn commentaar op Moeslim (17/175): “‘Hij heeft zich overgegeven’… hij werd een gelovige moslim. Dit is de klaarblijkelijke betekenis.” Al-Qaadie zei: “Weet dat de oemmah het eens is over het feit dat de profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) beschermd werd tegen de shaytaan, fysiek en mentaal, en (ook) met betrekking tot zijn spraak. Deze h’adieth bevat een verwijzing naar de waarschuwing tegen de fitnah (verleiding, beproeving) en influisteringen van de qarien (blijvende metgezel van onder de djinn). We weten dat hij bij ons is dus we dienen ons zo veel mogelijk bewust van hem te zijn.”

 

Hun krachten

Allah de Verhevene heeft de djinn krachten gegeven die Hij niet aan mensen heeft gegeven. Allah de Verhevene heeft ons bericht over enkele van hun krachten, zoals het vermogen om snel te bewegen en reizen. Een ‘ifriet van onder de djinn garandeerde de profeet Soelaymaan (vrede zij met hem) dat hij de troon van de koningin van Jemen zou brengen in een moment sneller dan dat nodig is voor een man om op te staan van waar hij zit. Allah de Verhevene zegt (Nederlandstalige interpretatie): “Een krachtige van onder al-djinn zei: ‘Ik zal deze (haar troon) naar jou brengen voordat jij van jouw plaats opstaat. En waarlijk, ik heb de kracht en ben betrouwbaar om dat te doen.’ (#4) Degene met kennis van het Boek zei: ‘Ik zal hem naar jou brengen voordat jij met jouw oog knippert!’ Toen hij (Soelaymaan) deze dan voor hem geplaatst zag, zei hij: ‘Dit behoort tot de gunst van mijn Heer…’” [Soerat an-Naml (27), aayah 39-40.]

<<< (#4) Soelaymaan (vrede zij met hem) was toentertijd in het gebied as-Shaam en de afstand tussen hem en Saba-e was ongeveer vier maanden reizen. Twee maanden heen en twee maanden terug en toch zei deze krachtige djinniy: “Ik zorg ervoor om het te brengen ongeacht zijn grootte en gewicht en zelfs voordat je opstaat van je bijeenkomst.” (Teysier al-Kariem ar-Rah’maan fie Tefsier Kalaam al-Mannaan van sheikh ‘Abdoer-Rah’maan ibn as-Sa’die.)>>>

 

Het eten en drinken van de djinn

De djinn eten en drinken. Ibn Mas’oed (moge Allah tevreden zijn met hem) zei: “De boodschapper van Allah (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) heeft gezegd (Nederlandstalige interpretatie): ‘Iemand van onder de djinn riep mij, en ik ging met hem en reciteerde Qor-aan voor hen.’ Hij nam ons mee en toonde ons de sporen van waar zij geweest waren en de sporen van hun vuren. Zij vroegen hem om eten en hij zei: ‘Jullie kunnen elk bot – dat in jullie bezit komt, waarover de Naam van Allah genoemd is, als vlees krijgen [daarom dienen wij over de botten die wij weggooien de Naam van Allah uit te spreken (door bismiellaah te zeggen), zodat de goede djinn het kunnen eten als vlees], en alle uitwerpselen als voedsel voor jullie dieren.’ De profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) zei: ‘Gebruik [deze dingen] dus niet om jullie zelf mee te reinigen [nadat je je behoefte gedaan hebt], want zij zijn als voedsel en voorziening voor jullie broeders (in de religie).’” (Overgeleverd door Moeslim, 450.)

Volgens een andere overlevering (Nederlandstalige interpretatie): “Een delegatie djinn van Nasiebien kwam bij mij, en wat een goede djinn zijn zij! Zij vroegen mij om voedsel en ik bad tot Allah voor hen, zodat zij niet langs botten en uitwerpselen zouden komen of zij zouden er voedsel op vinden.” (Overgeleverd door al-Boekhaarie, 3571.)

De gelovige djinn mogen elk bot eten waarover de Naam van Allah genoemd is, omdat de boodschapper van Allah (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) hen niet toestond om iets te hebben waarover Allahs Naam niet genoemd is – die zijn voor de koeffaar (ongelovigen) van onder de djinn. (Klik op onderstaande afbeelding om het vergroot weer te geven. Gebruik de afbeelding voor da’wah.)

 

Djinn bot

 

De dieren van de djinn

Volgens de h’adieth verhaald door Ibn Mas’oed, die we hierboven hebben aangehaald, vroegen de djinn aan de boodschapper (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) voor voorzieningen, en hij zei tegen hen (Nederlandstalige interpretatie): “…en [jullie kunnen hebben] alle uitwerpselen als voedsel voor jullie dieren.”

 

De verblijfplaatsen van de djinn

De djinn leven op dezelfde aarde als waar wij op leven. Zij worden meestal aangetroffen in ruïnes en onreine plaatsen zoals toiletten, mesthopen, vuilnisstortplaatsen en begraafplaatsen. Vandaar dat de profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) ons onderwees om voorzorgsmaatregelen te treffen wanneer wij zulke plaatsen binnengaan, en dit geschiedt door het reciteren van adzkaar [meervoudsvorm van dzikr (het gedenken van Allah)] die voorgeschreven zijn door de Islaam. Een van deze is verhaald door Anas ibn Maalik (moge Allah tevreden zijn met hem), die zei: “Wanneer de boodschapper van Allah (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) het toilet binnenging, zei hij: ‘Allaahoemma innie a’oedzoe bika mina l-khoebthie wa l-khabaa-ith (O Allah, ik zoek toevlucht bij U tegen de (schadelijke/onreine) mannelijke en vrouwelijke satans.’” (Overgeleverd door al-Boekhaarie, 142; Moeslim, 375.)

Al-Khattaabie legde uit dat khoeboeth het meervoud is van khabieth (slecht of vies – mannelijke vorm), en khabaa-ith is het meervoud van khabiethah (slecht of vies – vrouwelijke vorm); en dat wat er mee bedoeld wordt is mannelijke en vrouwelijke shayaatien (duivels).

 

Onder de djinn zijn moslims en ongelovigen

Allah de Verhevene bericht ons dat sommige van de djinn zeiden (Nederlandstalige interpretatie): “En dat er onder ons moslims zijn (degenen die zich aan Allah hebben overgegeven) en er onder ons onrechtvaardigen zijn (die afwijken van de rechte weg). Wie zich dan overgeeft (aan Allah), zij zijn het dan die de rechte weg gekozen hebben. En wat de onrechtvaardigen betreft, zij zullen dan brandhout voor de Hel zijn (#5).” [Soerat al-Djinn (72), aayah 14-15.]

<<< (#5) Men kan zich afvragen: hoe kunnen de djinn gestraft worden met vuur, aangezien zij zelf geschapen zijn van vuur? Het antwoord is eenvoudig: ook al is de mens geschapen van aarde, hij voelt pijn als er zand in zijn ogen gegooid wordt, of als er een kluit aarde tegen hem aan gegooid wordt etc. Zo worden de djinn op een vergelijkbare manier gestraft. >>>

De moslims onder de djinn bestaan uit verschillende niveaus met betrekking tot rechtschapenheid en taqwaa (godsvrees, vroomheid). Allah de Verhevene zegt (Nederlandstalige interpretatie): “En (wij beseffen nu) dat er onder ons rechtschapenen zijn en onder ons zijn er die daaraan onderdoen; wij zijn (groepen op) verschillende wegen.” [Soerat al-Djinn (72), aayah 11.]

Het verhaal over hoe de eerste djinn van deze oemmah (de oemmah van Moh’ammed – Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) moslim werd, is verhaald door ‘Abdoellaah ibn ‘Abbaas (moge Allah tevreden zijn met hem), die zei: “De profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) ging weg met een groep van zijn metgezellen richting de marktplaats van ‘Oekaaz. Dit was toen de shayaatien (duivels) weerhouden werden om enig nieuws van de hemel te krijgen, en vallende sterren werden naar hen gezonden. De shayaatien gingen terug naar hun mensen, die zeiden: ‘Wat is er met jullie aan de hand?’ Zij zeiden: ‘We kunnen geen nieuws van de hemel krijgen, en vallende sterren werden naar ons gezonden.’ Hun mensen zeiden: ‘Niets houdt jullie tegen om nieuws van de hemel te horen behalve een nieuwe gebeurtenis die plaats heeft moeten vinden. Ga en kijk in het oosten en het westen van de aarde, en zie of jullie kunnen ontdekken wat het is dat jullie tegenhoudt om het nieuws van de hemel te horen.’ Degenen die weggingen richting Tihaamah troffen de profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) aan in Nakhlah, terwijl hij onderweg was naar ‘Oekaaz, en zagen hem zijn metgezellen leiden in het fadjr-gebed. Toen zij de Qor-aan hoorden, luisterden zij ernaar en zeiden: ‘Bij Allah, dit is wat ons er van weerhoud om het nieuws van de hemel te horen.’ Toen zij naar hun mensen teruggingen, zeiden zei: “…Waarlijk, wij hebben een verbazingwekkende recitatie gehoord (zowel qua taal als inhoud). Het leidt naar het bewustzijn (van wat goed en correct is, het rechte pad); dus wij geloofden erin en wij zullen niet één deelgenoot aan onze Heer (Allah) toekennen.” [Soerat al-Djinn (72), aayah 1-2.] Vervolgens openbaarde Allah de Verhevene aan Zijn profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) de woorden (Nederlandstalige interpretatie): “Zeg (O Moh’ammed): ‘Er is aan mij geopenbaard dat een groep van de djinn luisterde (naar de Qor-aan)…’” [soerat al-Djinn (72), aayah 1], en Allah Ta’aalaa openbaarde aan hem wat de djinn gezegd hadden.” (Overgeleverd door al-Boekhaarie, 731.)

 

Hun afrekening op de Dag der Opstanding

De djinn zullen op de Dag der Opstanding ter verantwoording worden geroepen. Moedjaahid (moge Allah hem genadig zijn) zei, met betrekking tot de aayah (Nederlandstalige interpretatie) “…En werkelijk, de djinn weten dat zij zeker voorgeleiden zullen zijn (op de Dag der Opstanding)” [soerat as-Saffaat (37), aayah 158]: “Er zal over hen geoordeeld worden.” (Sah’ieh’ al-Boekhaarie, Baab Dzikr al-Djinn wa Thawaabihim wa ‘Iqaabihim.)

 

Djinn in de moskee en tijdens het gebed

De shayaatien onder de djinn proberen de gelovigen af te leiden wanneer zij aan het bidden zijn, om zo van hun gebed te ‘stelen’ waardoor de beloning minder wordt. De beloning die genoteerd wordt door de engelen (zie het artikel Het aantal engelen bij iedere persoon en hun taken) is in verhouding tot de mate van khoeshoo’, zoals de profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) zei (Nederlandstalige interpretatie): “Een dienaar kan bidden, maar er wordt niets genoteerd (als goede daad) behalve een tiende, of een negende, of een achtste, of een zevende, of een zesde, of een vijfde, of een kwart, of een derde, of de helft.” (Overgeleverd door imaam Ah’mad; Sah’ieh’ al-Djaami’, 1626.) Alleen die delen van het gebed die met aandacht en concentratie verricht worden, zullen van nut zijn. (Zie het artikel Khoeshoo’ tijdens het gebed.) (Klik op onderstaande afbeelding om het vergroot weer te geven. Gebruik de afbeelding voor da’wah.)

 

Khoeshoo wp

 

Aboe l-‘Aas (moge Allah tevreden zijn met hem) verhaalde dat hij zei: “O boodschapper van Allah! De shaytaan stoort mij wanneer ik bid en ik raak in de war bij mijn recitatie.” De boodschapper van Allah (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) zei (Nederlandstalige interpretatie): ‘Dat is een shaytaan wiens naam Khienzab is. Als je zijn aanwezigheid opmerkt, zoek dan toevlucht bij Allah tegen hem en spuug (droog, zonder speeksel) drie keer naar je linkerkant.’ (Aboe l-‘Aas zei:) Ik deed dat en Allah nam hem van mij weg.” (Overgeleverd door Moeslim, nr. 2203.)

Een andere truc van shaytaan is als volgt omschreven. De profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) heeft gezegd: “Als één van jullie aan het bidden is en een beweging voelt in zijn achterste (anus) en niet zeker weet of zijn woedhoe-e nog geldig is, laat hem zijn gebed niet beëindigen, tenzij hij een geluid hoort of een geur ruikt.”

Inderdaad, zijn trucs kunnen heel vreemd zijn, zoals de volgende h’adieth duidelijk maakt. Ibn ‘Abbaas (moge Allah tevreden zijn met hem) verhaalde dat de profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) werd gevraagd over een man die dacht dat hij zijn woedhoe-e verbroken had, hoewel dat niet het geval was. De boodschapper van Allah (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) zei (Nederlandstalige interpretatie): “De shaytaan kan naar iedereen van jullie komen wanneer hij aan het bidden is en zijn achterste openen en hem laten denken dat hij zijn woedhoe-e heeft verbroken, hoewel hij dat in feite niet heeft gedaan. Dus als iemand van jullie dit overkomt, laat hem zijn gebed niet beëindigen, tenzij hij het geluid ervan hoort met zijn oren of de geur ervan ruikt met zijn neus.” (Overgeleverd door at-Tabaraanie in al-Kabier, nr. 11556, deel 11, p. 222.) – [Als je er zeker van bent dat je een windje hebt gelaten, stop dan met bidden en ga opnieuw woedhoe-e doen en verricht opnieuw het gebed. Je hoeft geen tasliem te verrichten en je kunt in elke positie stoppen en weglopen. Ook in het gezamenlijke gebed moet je stoppen en weggaan. Er is immers geen gebed zonder woedhoe-e.)

De profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) heeft ook gezegd (Nederlandstalige interpretatie): “Maak jullie rijen (tijdens het gebed) recht, laat ze dicht op elkaar volgen en sta schouder aan schouder. Want bij Degene in Wiens Hand de ziel van Moh’ammed is, ik zie shaytaan door de gaten in de rijen komen zoals kleine zwarte schapen.” (Overgeleverd door Aboe Daawoed.)

 

Bescherming tegen het kwaad van de djinn

Omdat de djinn ons kunnen zien terwijl wij hen niet kunnen zien, onderwees de profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) ons vele manieren om onszelf te beschermen tegen hun kwaad, zoals het zoeken van toevlucht bij Allah tegen de vervloekte shaytaan, het reciteren van soerat al-Falaq en soerat an-Naas (de laatste twee soewar van de Qor-aan), en het reciteren van de woorden die door Allah de Verhevene zijn onderwezen in de Qor-aan (Nederlandstalige interpretatie): “En zeg: ‘Mijn Heer! Ik zoek toevlucht bij U tegen de aansporingen van de satans (duivels). En ik zoek toevlucht bij U, mijn Heer, opdat zij niet bij mij komen.’” [Soerat al-Moe-eminoen (23), aayah 97-98.]

Het zeggen van bismillaah (in de Naam van Allah) voordat je je huis binnengaat, voordat je eet en drinkt, en voordat je geslachtsgemeenschap hebt, zal de shaytaan ook tegenhouden om een huis binnen te gaan of participeren met een persoon in zijn voedsel, drinken en seksuele activiteit. Evenzo zal het noemen van Allahs Naam voordat je het toilet binnengaat of je kleren uittrekt, de djinn verhinderen om de ‘awrah van een persoon te zien of hem kwaad aan te doen, want de profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) heeft gezegd (Nederlandstalige interpretatie): “Laat eenieder van jullie bismillaah zeggen wanneer je het toilet binnengaat, om een barrière te plaatsen die de djinn zal verhinderen om de ‘awrah van de zonen van Adam te zien.” (Overgeleverd door at-Tirmidzie, 551; Sah’ieh’ al-Djaami’, 3611.)

Een sterk geloof en religie in het algemeen zal ook voorkomen dat de djinn een persoon kwaad kunnen doen, zozeer dat als zij zouden moeten vechten, dat degene die geloof heeft zal winnen. ‘Abdoellaah ibn Mas’oed (moge Allah tevreden zijn met hem) zei: “Een man van onder de metgezellen van Moh’ammed (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) ontmoette een man van onder de djinn. Zij worstelden en de mens sloeg de djinn neer. De mens zei: ‘Jij ziet er klein en mager uit voor mij, en jouw onderarmen lijken op de voorpoten van een hond. Zien alle djinn er zo uit, of alleen jij?’ Hij zei: ‘Nee, bij Allah, onder hen ben ik sterk, maar laat ons nog eens worstelen, en als je mij verslaat dan zal ik jou iets leren dat goed zal zijn voor jou.’ De mens zei: ‘Oké.’ Hij zei: ‘Reciteer “Allah! Er is geen god die het recht heeft om aanbeden te worden behalve Hij, al-H’ayy (de Eeuwig Levende – zonder begin, zonder eind), al-Qayyoem (de Zelfbestaande – alles en iedereen is afhankelijk van Hem, terwijl Hij niets of niemand nodig heeft)…” [Aayat al-Koersie (#6) – soerat al-Baqarah (2), aayah 255 (Nederlandstalige interpretatie).] De mens zei: ‘Oké.’ Hij zei: ‘Jij zult dit nooit in jouw huis reciteren of de shaytaan zal er naar buiten gaan als een ezel die een wind laat, en hij zal er niet terugkomen tot de volgende ochtend.’” (Overgeleverd door ad-Daarimie, 3247.)

<<< (#6) Zie het boek Uitleg van Aayatoel-Koersie van sheikh Moh’ammed ibn Saalih’ al-‘Oethaymien, uitgegeven door Uitgeverij Momtazah (www.momtazah.net.>>>

De boodschapper van Allah (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) heeft gezegd (Nederlandstalige interpretatie): “Eenieder die dit (ayaat al-Koersie) reciteert als hij ‘s ochtends opstaat wordt beschermd tegen de djinn tot de avond, en eenieder die dit in de avond reciteert wordt beschermd tegen de djinn tot de dageraad.” [Al-H’aakiem 1/562. Al-Albaanie bevestigde dat de overlevering sah’ieh’ is en voert het terug tot an-Nasaa-ie en at-Tabaraanie. Hij zei dat at-Tabaraanie’s keten van overlevering, of isnaad, betrouwbaar is (djayyied) – al-Albaanie 1/273. ]

De shayaatien (duivels) zijn vooral aanwezig tijdens het vallen van de avond, het eerste uur vanaf het tijdstip van salaat al-maghrib. Men dient dan de kinderen binnen te houden om hen tegen de shayaatien te beschermen. De profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) heeft gezegd (Nederlandstalige interpretatie): “Als de nacht invalt en het is schemerig, houd je kinderen dan binnen, want de shayaatien verzamelen zich op dat tijdstip. Als er een uur voorbij is, laat ze dan naar buiten. Sluit de deuren en noem de Naam van Allah; shaytaan opent geen gesloten deur.” (Overgeleverd door al-Boekhaarie, op gezag van Djaabir ibn ‘Abdoellaah – moge Allah tevreden zijn met hem.)

 

Communiceren met ‘geesten’

Zie ook het begin van dit artikel.

Sheikh Rashied al-H’asan zei: “Sommige mensen beweren te kunnen communiceren met ‘geesten’. Als zij de waarheid spreken, dan communiceren zij met de djinn en roepen hen aan. Dit is wat beoefenaars van magie en zogenaamde toekomstvoorspellers doen. Zij vertrouwen op djinn om hun behoeftes te vervullen en om voordeel of schade voor anderen te bewerkstelligen. In ruil keren zij zich tot de djinn en prijzen hen. Dit is een vorm van polytheïsme (shirk), omdat zij op de djinn vertrouwen, hen prijzen en zich tot hen keren in ruil voor de diensten die de djinn leveren.

Allah de Verhevene zegt (Nederlandstalige interpretatie): “En (gedenk) de Dag dat Hij hen (de djinn en hun helpers onder de mensen) gezamenlijk zal verzamelen (en zal zeggen): ‘O gemeenschap van de djinn! Werkelijk, jullie hebben velen van de mensen misleid.’ En hun awliyaa-e (helpers, aanhangers) van onder de mensen zullen zeggen: ‘Onze Heer! Wij genoten van elkaar (vonden baat bij elkaar), en wij hebben nu onze termijn bereikt die U voor ons bepaald heeft.’ Hij (Allah) zal zeggen: ‘Het Vuur (de Hel) is jullie verblijfplaats, daarin zijn jullie onsterfelijk, behalve wat Allah wil.’ Waarlijk, jouw Heer is Alwijs, Alwetend. En zo maken Wij sommigen van de onrechtplegers awliyaa-e (helpers en aanhangers) van elkaar (in het begaan van misdaden) vanwege hetgeen zij gewoon waren te verwerven.” [Soerat al-An’aam (6), aayah 128-129.]

Allah de Verhevene zegt ook (Nederlandstalige interpretatie): “En dat er mannen (individuen) waren onder de mensen die bescherming zochten bij mannen (individuen) onder de djinn, waarna zij (de djinn) hen (de mensen) vermeerderden in zondigheid en overtreding.” [Soerat al-Djinn (72), aayah 6.]

Als deze mensen beweren dat zij spreken met de geesten van overleden mensen, dan zijn hun beweringen ongegrond en men dient er daarom niet eens aandacht aan te schenken.” (Einde citaat.)

De duivels onder de djinn kunnen opstijgen naar de hemel waar zij de gesprekken van de engelen afluisteren over wat er zal gaan gebeuren op de aarde aangaande overlijden, andere gebeurtenissen en onwaarneembare zaken. Zij geven dit nieuws door aan waarzeggers die het op hun beurt weer doorvertelden aan de mensen. Maar omdat de djinn slechts fragmenten horen van hetgeen de engelen tegen elkaar zeggen, mengen zij dit met leugens om er toch een samenhangend geheel van te maken: zozeer dat zij voor elk waar woord er zeventig valse woorden aan toevoegen.

 

Loop niet zoals shaytaan!

De boodschapper van Allah (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) heeft gezegd (Nederlandstalige interpretatie): “Niemand van jullie dient te lopen op slechts één sandaal, want shaytaan loopt op één sandaal.” (Overgeleverd door Moeslim, Aboe Daawoed, at-Tirmidzie en Ibn Maadjah.)

 

Wees op je hoede

“O nakomelingen van Aadam (Adam)! Laat de satan (de duivel, Iblies) jullie niet misleiden, zoals hij jullie ouders (Adam en Eva) heeft verdreven uit het Paradijs…” [Soerat al-A’raaf (7), aayah 27.]

Allah de Verhevene waarschuwt de nakomelingen van Aadam voor Iblies en zijn stam. Hij verduidelijkt hen zijn oeroude vijandigheid aan de vader van de mensheid, Aadam (vrede zij met hem), en het streven van de satan om hem uit het Paradijs te verdrijven van het Huis van genieting naar het Huis van ellende en leed. (Tefsier Ibn Kethier.)

De satans onder de mensen en de djinn zijn altijd actief en misleiden anderen door gebruik te maken van zeer mooie woorden en plausibele excuses en bezwaren. Daarom is het opdoen van kennis zo belangrijk om niet in de vallen van de satans te trappen. Imaam Ah’mad heeft gezegd: “De mensen hebben meer behoefte aan kennis dan dat zij behoefte hebben aan voedsel! Want zij hebben maar twee of drie keer per dag behoefte aan voedsel maar zij hebben op elk moment behoefte aan kennis!” (Siyar an-Noebala, 2/256.) Zie de artikelen Het zoeken naar kennis en De vallen van Iblies (satan).

Dit was een beknopte samenvatting betreffende de djinn en hun aard en kenmerken. Voor meer informatie, zie o.a. ‘Aalam al-Djinn wa’l-Shayaatien door ‘Oemar Soelaymaan al-Ashqar.

Allah is de Beste der beschermers en de Meest Barmhartige van degenen die barmhartigheid tonen.

 

Relevante artikelen:

Engelen (al-malaa-ikah)

Het aantal engelen bij iedere persoon en hun taken