De schepping van Adam van aarde

Een verduidelijking van een controversiële zaak.

adam-zand-klAlle lof is voor Allah en vrede en zegeningen zijn met de boodschapper en zijn familie en metgezellen, alsook iedereen die hen in het goede volgt.

Allah Ta’aalaa (Verheven is Hij) zegt in Zijn Nobele Koran (Nederlandstalige interpretatie): “…Hij (Allah) schiep hem (Adam) van aarde, vervolgens zei Hij tegen hem: ‘Wees!’ – waarna hij was.” [Soerat Aal ‘Imraan (3), aayah 59.]

Imaam Ah’med leverde over dat Aboe Moesaa (moge Allah tevreden over hem zijn) zei: “De boodschapper van Allah (vrede en zegeningen van Allah zijn met hem) heeft gezegd (Nederlandstalige interpretatie): ‘Allah schiep Adam van een handvol (aarde) genomen van over de gehele aarde. Vandaar variëren de zonen van Adam zoals de aarde varieert; dus zijn zij wit en rood en zwart en (kleuren) daartussen, slecht en goed, gemakkelijk of moeilijk – of iets daartussen.’” (Overgeleverd door Aboe Daawoed en at-Tirmidzie, die zei: “Deze h’adieth is h’asan sah’ieh’.”) (Tefsier Ibn Kethier, bij vers 30:20.)

“Geschapen van aarde” wil zeggen uit levenloze onbewuste substanties die gevonden worden in hun elementaire vormen op en in de aarde, zoals koolstof, calcium, natrium en enkele andere vergelijkbare elementen. Door verbindingen van deze elementen is er een wonderbaarlijk wezen voortgebracht, de mens, en in hem zijn enorme vermogens geplaatst, zoals gevoelens, bewustzijn, fantasie, een geweten… Het verwijst ook naar de voortdurende transmutatie van deze substanties – door middel van inname van uit de grond voortkomend en in de grond groeiend voedsel – in reproductieve cellen. Hiermee wordt de nederige oorsprong van de mens benadrukt, en dat de mens om die reden dank verschuldigd is aan God omdat Hij hem begiftigd heeft met een denkende ziel.

Hassan uz Zaman schreef het volgende artikel over “De schepping van Adam van aarde” (vertaald door Aboe Yoesoef ‘Abdoellaah).

Volgens wat moslims geloven verwijst “God schiep Adam (vrede zij met hem) van aarde” naar een werkelijke stoffelijke schepping en niet louter naar een metafoor. Mensen proberen het Besluit van God – om Adam van aarde te scheppen – op verschillende manieren te rationaliseren. Zulke pogingen zijn begrijpbaar, want als God gewild had, dan had Hij Adam van andere zaken kunnen scheppen. Dus waarom van aarde?

Sommige anti-islamitische apologeten gaan zo ver dat zij beweren dat de stelling dat God de mens uit Adam schiep onwetenschappelijk is, aangezien aarde of klei niets meer dan siliciumdioxide en aluminium is en dergelijke elementen slechts in kleine hoeveelheden aangetroffen worden in het menselijk lichaam.

Dit argument is echter zeer gemakkelijk te weerleggen, omdat het begrijpelijk is dat God met aarde (of klei) niet verwijst naar aarde (of klei) zoals dat door de hedendaagse wetenschappelijke gemeenschap wordt begrepen. Bovendien vroeg God aan de aartsengel Gabriël (vrede zij met hem) – wat blijkt uit bovenstaande h’adieth – om aarde te verzamelen van verschillende delen van de wereld. Dit betekent dat de aarde welke gebruikt werd waarschijnlijk geen homogeen gezuiverd materiaal was, maar een mengsel van verschillende substanties die gewoonlijk aangetroffen worden in de aardkorst. Het kon geheel of gedeeltelijk afgebroken organische stoffen bevatten, of humus en andere elementen die niet aangetroffen worden in zuivere aarde, maar die afgezet zijn door natuurlijke processen enzovoort.

De aarde kon daarom koolstofhoudend zijn, en koolstof is de basis voor elk organisch leven. Maar dit terzijde. Zelfs als God de mens geschapen zou hebben van zuivere aarde – een mengsel of suspensie van siliciumdioxide en aluminium in water – dit is geen vernietiger van het Koranische scheppingsverhaal. * Per slot van rekening beweert niemand dat de schepping van Adam (vrede zij met hem) van aarde een natuurlijk proces was. Verwachtingen van de aanwezigheid van een grote hoeveelheid van het beginmateriaal (aarde, klei) in het eindproduct (de mens) zijn gebaseerd op natuurlijke schepping, niet op een speciale of bovennatuurlijke schepping.

* Noot van de vertaler:

Zo is evolutie ook niet per definitie een bewijs tegen God, hoewel fanatieke evolutietheorie aanhangers dit blijven volhouden. Hierdoor zijn zij soms even dogmatisch als hun tegenstanders die zij vaak van dogmatisme beschuldigen. Want wat nou als God de Organisator is van (al dan niet beperkte) evolutie? Het artikel De verwarring aangaande God geeft aan: “Evolutie is een proces net zoals ontelbare andere processen op aarde. Het is echter geen argument tegen God! Men treft in de natuur vele processen aan, zoals de watercyclus. Maar de watercyclus weerlegt het bestaan van God niet. Elk natuurlijk proces is een teken voor een organisator. Evolutie is ook een proces, dus moet het ook een intelligentie hebben die het in beweging zet.”

 

Wij weten alleen dat God begon met stof/klei/aarde en water als grondstoffen. We hebben echter totaal geen idee wat Hij er mee gedaan heeft, hoe Hij het veranderd heeft en hoe die verandering leidde naar Adam (vrede zij met hem). We beschikken over te weinig informatie om hier iets zinnigs over te zeggen.

Denk eens aan een kunstenaar/ontwerper die twee redenen heeft voor het kiezen van een bepaald materiaal voor zijn maaksel. De eerste is de voor de hand liggende, de nuchtere menselijke reden dat dat materiaal het meest geschikte materiaal is voor het eindproduct (daarom gebruiken we ijzer om wapens te maken in tegenstelling tot katoen). Ik geloof dat dit niet echt van toepassing is op God, omdat… nou, omdat Hij God is.

Wij mensen kiezen onze grondstoffen voor onze producten op basis van wat efficiënter is. Als we wapens zouden willen maken van katoen, dan zouden we dat kunnen doen, maar het zou veel meer werk zijn – we zouden het katoen moeten bewerken en verstevigen, en dan nog zou het eindproduct niet zo duurzaam en gebruikersvriendelijk zijn. Zelfs als we er voor zouden kiezen om de moleculaire samenstelling van katoen te veranderen om het iets anders te maken om er vervolgens wapens van te maken, dan zou dit veel meer werk betekenen voor niets, omdat we een veel geschiktere grondstof tot onze beschikking hebben, namelijk ijzer. Wapens maken van katoen is, gezien dit alles, op z’n best serendipitieus. Maar deze overwegingen aangaande beperkingen en efficiëntie zijn zeer menselijk. God hoeft niet te denken als een ontwerper in termen van de “toepasselijkheid” van een grondstof voor het product. Zijn Macht is onbeperkt en het is onwaarschijnlijk dat zulke overwegingen enige rol speelden bij Zijn redenering.

Maar er kunnen ook andere, meer subtiele redenen zijn voor het kiezen van een grondstof. Soms heeft een grondstof zijn eigen verhaal. Een ontwerper kan een bepaalde boodschap van zijn maaksel “onderstrepen” door gewoon een bepaald soort grondstof te kiezen. William D. Barrick stelt in het boek Four Views on the Historical Adam (p. 134) dit punt als volgt:

…De Schepper koos Zelf doelbewust het medium [de grondstof] om naast het historische verslag een theologische boodschap mede te delen. Beeldhouwers geven vaak een subliminale (onderbewuste) boodschap aan een kunstwerk door middel van het materiaal dat zij daarvoor gebruiken – het is niet louter een kwestie van de duurzaamheid van een beeld. Een houten beeld van Churchill geeft niet dezelfde boodschap over zijn karakter en belangrijkheid dan dat een beeld van brons of steen van de Britse premier zou geven. Als een eenvoudige menselijke beeldhouwer kan beschikken over een dergelijke diepzinnigheid door middel van zijn werk, waarom de Schepper van alle dingen en al het leven dan niet!?

Barrick slaat de spijker op de kop – het is absoluut aannemelijk dat de keuze van God voor het materiaal iets te maken had met het mededelen van een theologisch belangrijke boodschap. Die boodschap is algemeen bekend bij moslims, aangezien het vele malen voorkomt in de Koran en de Soennah. Het zet de mens op zijn plaats, aangezien hij slechts geschapen is van het stof van de aarde. Het vertelt hem dat zijn morfologie geen intrinsieke waarde heeft behalve wegens het feit dat God de ziel (die Hij geschapen heeft) in hem geblazen heeft en hem een gevolmachtigde van Hem op aarde gemaakt heeft. Hierdoor verdwijnt de basis voor racisme, omdat racisme gebaseerd is op intrinsieke structurele/morfologische superioriteit, aangezien we weer stof worden wanneer onze lichamen ontbinden na onze dood enzovoort.

Noot van de vertaler:

Allah Ta’aalaa (Verheven is Hij) zegt (Nederlandstalige interpretatie): “De schepping van de hemelen en de aarde is werkelijk groter dan de schepping van de mensen, maar de meeste mensen weten het niet.” [Soerat Ghaafir (40), aayah 57.] Een groot percentage van het mensdom vindt zichzelf en de mensheid “geniaal”! Maar die genialiteit is niets meer dan een denkdefect met desastreuze gevolgen. Door het benadrukken van het feit dat de mens slechts een klein, onbeduidend deeltje is van het universum, met zijn miljoenen sterren, brengt de Koran de dwaasheid naar voren van de visie waarin de mens het middelpunt van het bestaan is. ** Waarom is de mens zo egocentrisch? Waarom is hij zo arrogant en twijfelt hij over de Opstanding en Gods openbaring? Het is slechts omdat hij zichzelf blind maakt. (A. Yusuf Ali Quran Commentary, de herziene versie.)

** Dit noemt men ook wel antropocentrisme, waarin de mens de norm is. De waarde van al het andere – flora, fauna en levenloze materie – wordt afgemeten aan het nut dat het de mens dient of de verhouding waarin het tot de mens staat.

Allah Ta’aalaa (Verheven is Hij) zegt ook (Nederlandstalige interpretatie): “Zijn jullie moeilijker om te scheppen of de hemel die Hij bouwde!?” [Soerat an-Naazi’aat (79), aayah 27.] Als de mens arrogant wordt of zijn verantwoordelijkheid tegenover Allah vergeet, door zijn onwetendheid of onnadenkendheid, wordt hij nu er aan herinnerd dat hij slechts een minuscuul stipje is in de enorme en complexe schepping van Allah al-‘Aziez (de Almachtige). (A. Yusuf Ali Quran Commentary, de herziene versie.)

 

Echter, ik wil hier niet al deze redenen opsommen of herhalen. Het punt hier is het volgende: God schiep de mens op een bepaalde manier, van een bepaalde substantie – niet omdat het materieel efficiënt was, maar omdat het een boodschap mededeelt. Een boodschap waarmee de nederige oorsprong van de mens benadrukt wordt en dat de mens om die reden dank verschuldigd is aan God omdat Hij hem begiftigd heeft met een denkende ziel.

Tot zo ver het artikel van Hassan uz Zaman.

In dit verband zijn er twee interessante en belangrijke punten die opgemerkt dienen te worden:

1.) Adam (vrede zij met hem) was niet het eerste levende schepsel op aarde dat God geschapen heeft. Allah Ta’aalaa (Verheven is Hij) zegt (Nederlandstalige interpretatie): “En gedenk toen jouw Heer zei tegen de engelen: ‘Waarlijk, Ik zal op aarde een opvolger (de mens) aanstellen,’ zij zeiden: ‘Zult U daarop plaatsen wie er verdorvenheid zal stichten en bloed zal vergieten (i), terwijl wij U lofprijzend verheerlijken en U heiligen?’ (ii) Hij (Allah) zei: ‘Waarlijk, Ik weet wat jullie niet weten.’” [Soerat al-Baqarah (2), aayah 30.]

i.) Sheikh Ibn ‘Oethaymien zei: “De woorden van de engelen ‘zult U daarop plaatsen wie er verdorvenheid zal stichten en bloed zal vergieten?’ wekken de indruk dat zij opvolgers zijn van bepaalde schepselen die er vóór hen waren en dat er voorheen op aarde schepselen waren die bloed vergoten en verdorvenheid stichtten. Dus de engelen vroegen hun Heer: ‘Zult U daarop plaatsen wie er verdorvenheid zal stichten en bloed zal vergieten,’ zoals gedaan werd door degenen die er vóór hen waren?’” (Einde citaat van Tefsier al-Qor-aan al-Kariem, 1/30.) De Koran en Soennah geven geen uitsluitsel wat voor schepselen zij waren. Dit is ook niet belangrijk. Dit is het gebied van wetenschap en speculatie. De moslim dient zich daar niet te veel mee bezig te houden. Het heeft geen invloed op zijn religieuze toewijding of geloof. De Koran en Soennah zijn geopenbaard om mensen te leiden en hen de correcte weg te tonen; hun focus is niet geschiedenis, geografie, natuurwetenschap of biologie, hoewel zij vele feiten aanduiden die betrekking hebben op deze gebieden.

ii.) Dit was geen bezwaar, maar een vraag gesteld door de engelen, want engelen durven geen bezwaar te maken op enig plan van Allah. Van het woord opvolger begrepen zij dat degene die op het punt stond geschapen te worden (de mens), enkele bevoegdheden toevertrouwd zou worden, maar zij konden niet begrijpen hoe een autonoom schepsel paste in het totalitaire systeem van het universum. Zij konden ook niet begrijpen hoe dat deel van het universum, waarin een schepsel toevertrouwd werd met zelfbestuur, vrij kon zijn van ordeverstoring. (Tafheem-ul-Qur’an van Sayyid Aboe al-A’laa Mawdoedie.)

2.) God schiep de mens niet naar Zijn gelijkenis, zoals in de Bijbel wordt aangegeven: “En God zei: ‘Laten Wij mensen maken naar Ons beeld, naar Onze gelijkenis…’” (Genesis 1:26.) Allah Ta’aalaa (Verheven is Hij) zegt echter (Nederlandstalige interpretatie): “En niets is gelijkwaardig aan Hem” [soerat al-Ikhlaas (112), aayah 4] en: “…Er is niets gelijk aan Hem…” [soerat as-Shoeraa (42), aayah 11].

Dit vat het hele argument samen en waarschuwt ons vooral voor antropomorfisme, de neiging om God – Allah – voor te stellen volgens ons eigen model, idee of voorstellingsvermogen, een bedrieglijke neiging dat te allen tijde en bij alle mensen binnen kan sluipen. De Eigenschappen van God dienen niet op een antropomorfistische manier geïnterpreteerd te worden. God is Verheven boven het beperkte voorstellingsvermogen van de mens, en Zijn Eigenschappen kunnen niet vergeleken worden met die van Zijn schepping.

Zo hebben dieren poten, ogen en haar (en een stoel heeft ook poten). Maar het feit dat zij dit gemeenschappelijk hebben, betekent niet dat hun poten, ogen en haar op elkaar lijken. Dus als het duidelijk is dat er tussen de gemeenschappelijke eigenschappen van schepsels een groot verschil is, dan is het verschil tussen de Schepper en de schepping nog veel duidelijker en groter.

Zie de artikelen Hoe ziet God er uit?Wat God niet isDe Handen van Allah.

Tot slot… Allah Ta’aalaa (Verheven is Hij) zegt in Zijn Nobele Koran (Nederlandstalige interpretatie): “Daarvan (de aarde) schiepen Wij jullie en daarin zullen Wij jullie laten terugkeren en daaruit zullen Wij jullie wederom naar buiten brengen.” [Soerat Taa Haa (20), aayah 55.]

En tot Allah keren wij allemaal terug.

 

Relevante artikelen:

De schepping van de hemelen en de aarde in zes dagen – Waarom schiep Allah de hemelen en de aarde in zes dagen en niet in één oogwenk, ook al is Hij daartoe in staat?

Het doel van de schepping

De ziel – maak kennis met je ware zelf!

Wordt evolutie verkeerd begrepen? (Openbaring, wetenschap en zekerheid.)

De verwarring aangaande God

Hoe ziet God er uit?

Wat God niet is

God/Allah (diverse artikelen)

Atheïsme (diverse artikelen)

 

adam-aarde-wp