De 6 pilaren van geloof

Heb geloof (imaan) met zekerheid (yaqien)!

6 Pilaren

“Zeg (O Moh’ammed): ‘Ik zoek toevlucht bij de Heer van de mensheid. De Koning van de mensheid. (#A) De God van de mensheid. Tegen het kwaad van de influisteraar (de duivel die kwaad in de harten van de mensen fluistert en die slechte daden verfraait) die zich terugtrekt (uit het hart nadat men Allah gedenkt). (#B) Degene die fluistert in de borstkassen (harten) van de mensheid. Door (satans van onder) de djinn en de mensheid.’” [Soerat an-Naas (114).]

<<< (#A) Aboe Hoerayrah (moge Allah tevreden zijn met hem) verhaalde: “De profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) zei (Nederlandstalige interpretatie): ‘Op de Dag der Opstanding zal Allah de aarde grijpen en de hemel oprollen met Zijn Rechterhand en zeggen: ‘Ik ben de Koning! Waar zijn de koningen van de aarde?’’” (Sah’ieh’ al-Boekhaarie, 9/7382.)>>>

<<< (#B) Anas ibn Maalik (moge Allah tevreden zijn met hem) verhaalde: “De boodschapper van Allah (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) heeft gezegd (Nederlandstalige interpretatie): ‘Het (Helle)Vuur is omgeven door begeerten, terwijl het Paradijs omgeven is door moeilijkheden.’” (Overgeleverd door Moeslim.) Buitensporige begeerten en dierlijke lusten leiden naar het Hellevuur, terwijl zelfbeheersing, volharding, kuisheid en alle andere deugdzaamheden, en de gehoorzaamheid jegens Allah de Verhevene en Zijn boodschapper (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem), leiden naar het Paradijs.>>>

Zie ook de verhandeling Algemene principes van Ahloes-Soennah wal-Djamaa’ah.

 

De zes pilaren van imaan (geloof)

Door sheikh Moh’ammed Saalih’ al-‘Oethaymien
Vertaald door Oem Mohammad (bewerkt door uwkeuze.net)

1.) Geloof in Allah
2.) Geloof in de engelen
3.) Geloof in de Boeken
4.) Geloof in de boodschappers
5.) Geloof in de Laatste Dag
6.) Geloof in het lot

 

Introductie

Alle lof behoort aan Allah, Degene Die we prijzen, aan Wie we berouw tonen en Wie we om hulp en vergiffenis vragen. We zoeken onze toevlucht bij Allah tegen het slechte in onszelf en onze slechte daden. Degene die Allah leidt zal nooit misleid worden, en degene die Allah (Glorieus en Verheven is Hij) misleidt zal nooit de leiding vinden. Ik getuig dat er geen god is die het recht heeft om aanbeden te worden behalve Allah, Die geen deelgenoten heeft, en ik getuig dat Moh’ammed Zijn dienaar en boodschapper is. Moge alle vrede en zegeningen van Allah neerdalen op de boodschapper, zijn familie, zijn metgezellen en iedereen die hun leiding op de beste manier volgen.

Kennis over tawh’ied (eenheid van Allah) is de meest eervolle en waardevolle van alle kennis (‘ilm). Deze kennis is het meest vereist dat het door de gelovigen verworven dient te worden. Dit is kennis over Allah, Zijn Namen en Eigenschappen en Zijn rechten op Zijn dienaren. Dit vormt de sleutel om de Tevredenheid van Allah de Verhevene te bereiken en zijn geboden te kennen. Dit is waarom alle boodschappers opriepen tot tawh’ied. Allah de Verhevene zegt (Nederlandstalige interpretatie): “En Wij zonden geen enkele boodschapper vóór jou (O Moh’ammed) behalve dat Wij aan hem openbaarden: er is geen god die het recht heeft om aanbeden te worden behalve Ik (Allah), dus aanbid Mij.” [Soerat al-Anbiyaa-e (21), aayah 25.]

Allah de Almachtige getuigt dat Hij één is, samengaand met de getuigenis van Zijn engelen en mensen met kennis over Zijn Eenheid (Nederlandstalige interpretatie): “Allah getuigt dat er geen god is die het recht heeft om aanbeden te worden behalve Hij, en de engelen en de bezitters van kennis (getuigen dit ook); Hij onderhoudt (Zijn schepping) met rechtvaardigheid. Niemand heeft het recht om aanbeden te worden behalve Hij, al-‘Aziez (de Almachtige), al-H’akiem (de Alwijze).” [Soerat Aal ‘Imraan (3), aayah 18.]

Als tawh’ied zo belangrijk is, dan dient elke moslim zich in te spannen om deze kennis te verwerven door het te bestuderen, te begrijpen en er vervolgens in te geloven. Dit is de manier waarop moslims hun religie bouwen op een stevige basis, terwijl zij zekerheid en nederigheid voelen in het geloof. Dit leidt uiteindelijk naar vreugde, nadat de doelen van de Islam zijn bereikt.

Allah de Verhevene zegt in de Qor-aan (Nederlandstalige interpretatie): “Er is geen dwang in de religie. (#1) Werkelijk, het rechte pad (van leiding) is duidelijk onderscheiden van het slechte pad (van dwaling). Wie dan de taaghoet (alles wat onterecht aanbeden wordt met diens tevredenheid) verwerpt en in Allah gelooft, hij heeft dan werkelijk het meest betrouwbare (of stevigste) houvast gegrepen [d.w.z. imaan (geloof), of de Islaam], dat niet breken kan. En Allah is Alhorend, Alwetend.” [Soerat al-Baqarah (2), aayah 256.]

<<<(#1) Noot van uwkeuze.net. Dit betekent: dwing niemand om moslim te worden, want de Islaam is eenvoudig en duidelijk en zijn tekenen zijn eenvoudig en duidelijk. Aldus is er geen behoefte om iemand te dwingen om de Islaam te aanvaarden. Integendeel, eenieder die Allah leidt naar de Islaam, wiens hart Hij er voor opent en wiens verstand Hij er voor verlicht, zal de Islaam omarmen met overtuiging. Eenieder van wie Allah diens hart verblindt en diens gehoor en gezichtsvermogen verzegelt, zal geen voordeel halen uit het gedwongen worden om de Islaam te accepteren. (Tefsier Ibn Kethier.)>>> (Klik op onderstaande afbeelding om het vergroot weer te geven. Gebruik de afbeelding voor da’wah.)

 

Imaan vliegtuig

 


1.) Geloof in Allah

 

Geloof in het bestaan van Allah

Het bestaan van Allah (Glorieus en Verheven is Hij) wordt bevestigd door de fitrah (de aangeboren zuiverheid die Allah in elk mens creëert), het verstand, de sharie’ah (islamitische wetgeving) en de zintuigen.

Wat de fitrah betreft, hierover zeggen we het volgende: Allah, onze Schepper, heeft het geloof in Hem in elk mens teweeggebracht. Het is niet nodig om de mensheid dit geloof te onderwijzen of erover na te denken hoe men dit geloof kan verkrijgen. Degenen die deze fitrah echter vervalst hebben, zullen hier geen voordeel van hebben. De profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) heeft gezegd (Nederlandstalige interpretatie): “Iedereen wordt geboren met fitrah (de natuurlijke aanleg: d.w.z. als moslim). Het zijn echter de ouders die hem een jood, christen of vuuraanbidder maken.” (Overgeleverd door al-Boekhaarie.)

Het menselijk verstand dient gebruikt te worden om het bestaan van Allah te bewijzen. De gehele schepping, zowel het nieuwe als oude, moet een Schepper hebben Die dit alles uitgevonden heeft en begonnen is. Deze schepping kon niet uit zichzelf of per toeval ontstaan zijn. Het heeft zichzelf niet kunnen scheppen omdat het voorheen niet bestond. Dus hoe zou het dan hebben kunnen scheppen?

Ook zou de schepping niet per ongeluk of per toeval ontstaan kunnen zijn. Alles wat bestaat moet een Schepper hebben Die het tot bestaan heeft gebracht. De schepping is prachtig in zijn organisatie en evenwicht, en in onderling verband gebracht in zijn bestaan. Er is achter elke handeling een reden en een Schepper. Dit alles verklaart de uitspraak, dat het gehele universum per toeval is ontstaan, ongeldig. Iets wat per toeval is ontstaan kan niet in zijn vorm georganiseerd zijn, omdat het voordat het gevormd was geen organisatie heeft gekend. Wat maakt iets wat per toeval ontstaan is zo georganiseerd? Indien deze gehele schepping noch zichzelf heeft kunnen scheppen, noch door toeval zou kunnen zijn ontstaan, dan moet het dus een Schepper hebben; Allah, de Heer der Werelden. Allah noemt deze redenering in de Qor-aan (Nederlandstalige interpretatie): “Of zijn zij geschapen min (door – uit – voor) niets!? Of zijn zij zelf de scheppers!?” [Soerat at-Toer (52), aayah 35.]

<<< (#2) Noot van uwkeuze.net. Uitleggers gaven deze drie betekenissen van min ghayr in deze context: (1) “door niets”, het bestaan van God ontkennend en hun bestaan toeschrijvend aan spontane ontwikkeling – toeval, (2) “uit niets”, de aanvankelijke schepping van Adam (vrede zij met hem) ontkennend, waaruit alle mensen vervolgens voortkwamen, (3) “voor niets”, zonder doel. (A. Yusuf Ali Quran Commentary, de herziene versie.)>>>

Deze aayah betekent dat men noch geschapen zou zijn zonder Schepper, noch zichzelf zou kunnen scheppen. Dus is het Allah (Glorieus en Verheven is Hij) Die ze geschapen heeft. Dit is waarom Djoebayr ibn Moet’im de boodschapper (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) deze soerah hoorde reciteren totdat hij aankwam bij de volgende verzen (Nederlandstalige interpretatie): “Of zijn zij geschapen min (door – uit – voor) niets!? Of zijn zij zelf de scheppers!? Of schiepen zij de hemelen en de aarde!? Nee! (Maar) zij zijn niet overtuigd. Of zijn de schatten van jouw Heer (Zijn oneindige Kennis en Macht) bij hen!? Of zijn zij de gezaghebbenden (zodat zij kunnen doen wat zij willen)!?” [Soerat at-Toer (52), aayah 35-37.]

Djoebayr, toen nog een ongelovige, zei toen: “Mijn hart sprong er bijna uit (door de kracht van deze redenering die in deze soerah genoemd wordt). Dit was de eerste keer dat imaan (geloof) mijn hart binnendrong.”

Het gebruik van parabelen is heilzaam in deze beschouwing. Stel je eens voor dat iemand je zou vertellen over een prachtig paleis, omringd met tuinen waar rivieren doorheen stromen. Dit paleis zit boordevol meubilering en bedden en is schitterend verfraaid. Als deze man je zou vertellen dat dit paleis zichzelf heeft geschapen en alles wat het bevat, of dat dit alles per toeval is ontstaan, dan zou je meteen tot de veronderstelling komen dat deze stelling fout is en onzin. Hoe kan dan dit reusachtige universum, die de aarde, de hemelen en de sterren bevat, en het prachtig georganiseerde bestaan dat wij zien, door zichzelf of per toeval ontstaan zijn? (Klik op onderstaande afbeelding om het vergroot weer te geven. Gebruik de afbeelding voor da’wah.)

 

Voortplanting wonder

 

Wat betreft de sharie’ah (de islamitische wetgeving), alle goddelijke religies getuigen van het feit dat Allah de Verhevene de wereld heeft geschapen. Alle wetten die met deze goddelijke en geopenbaarde religies werden gezonden, bevatten datgene waar de mensheid baat bij heeft. Dit vormt het bewijs van het bestaan van een Wijze en Alwetende Heer Die weet wat voordeel brengt voor Zijn schepping. Alle goddelijke/geopenbaarde religies beschrijven een universum dat zelf een bewijs vormt voor het bestaan en de bekwaamheid van Allah (Glorieus en Verheven is Hij), Die schept wat Hij wil.

Ook de zintuigen dienen gebruikt te worden om het bestaan van Allah te bewijzen. Wij weten dat Allah de smeekbede accepteert van eenieder die Zijn hulp zoekt, en dat Hij hen de gunsten schenkt die zij wensen. Dit vormt een duidelijk bewijs van het bestaan van Allah, Die zegt (Nederlandstalige interpretatie): “En gedenk Noeh’ (Noah – vrede zij met hem), toen hij vóór hen zijn Heer aanriep, waarna Wij hem verhoorden en Wij hem en zijn familie (d.w.z. degenen die met hem geloofden) redden van de enorme ellende.” [Soerat al-Anbiyaa-e (21), aayah 76.]

“Gedenk toen jullie hulp zochten bij jullie Heer (bij de slag van Bedr) en Hij jullie (smeekbeden) verhoorde…” [Soerat al-Anfaal (8), aayah 9.]

Anas ibn Maalik (moge Allah tevreden met hem zijn) heeft gezegd: “Een Arabier (bedoeïen) betrad de moskee op vrijdag terwijl de profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) de toespraak (khoetbah) hield. Hij zei: “O boodschapper van Allah! (Onze) bezittingen zijn vernietigd en (onze) kinderen zijn hongerig. Smeek Allah voor ons.” Hij (de profeet) hief zijn handen op, in smeekbede voor Allah. Opeens werden er wolken gevormd die op bergen leken. Hij daalde niet af van zijn minbar (preekstoel) totdat ik regen op zijn baard zag vallen. Op de tweede vrijdag, stond deze Arabier of iemand anders op en zei: “O boodschapper van Allah! Gebouwen zijn ineengestort en bezittingen zijn overstroomd. Smeek Allah voor ons.” Hij (de profeet) hief zijn handen op en zei (Nederlandstalige interpretatie): “O mijn Heer! (Laat het regenen) rondom ons en niet op ons.” Waar hij (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) zich ook naar toe wendde (naar de hemel), begonnen zij (de wolken) uiteen te drijven.” (Overgeleverd door al-Boekhaarie.)

Allahs acceptatie van smeekbeden was en is nog steeds een gekende kwestie, tot op de dag van vandaag. Het is hen gegeven, die waarachtig zijn bij het zoeken van toevlucht bij Allah (Glorieus en Verheven is Hij) en smeekbedes op de juiste manier verrichten om van Zijn acceptatie verzekerd te zijn. Ook zijn er tekenen die Allah de Almachtige aan Zijn profeten (vrede zij met hen) heeft gegeven, die wonderen genoemd worden. Mensen hebben van deze wonderen getuigd of gehoord. Zij vormen een duidelijk bewijs voor het feit dat Degene Die deze boodschappers gezonden heeft bestaat, en dat is Allah, de Almachtige. Deze wonderen zijn handelingen die boven de bekwaamheden van de mensen staan. Allah de Barmhartige heeft deze aan zijn boodschappers geschonken als een vorm van hulp en om ze de overwinning te schenken. Een voorbeeld van deze wonderen is het teken dat aan Mozes (vrede zij met hem) is gegeven. Allah gebood hem de zee met zijn stok te slaan waarop de zee splitste: “Vervolgens openbaarden Wij aan Moesaa (Mozes – vrede zij met hem): ‘Sla met jouw staf de zee,’ waarop die splitste en elk deel als een geweldige berg werd (#3).” [Soerat as-Shoe’araa-e (26), aayah 63.]

<<< (#3) Noot van uwkeuze.net. Het was dus duidelijk een wonder en niet het resultaat van een winderige storm of getij, want het water kan niet als twee muren omhoog blijven waardoor er tussen hen een droog pad ontstaat. (Tefhiem al-Qor-aan, Sayyid Aboe al-A’laa Mawdoedie.)>>>

Een ander voorbeeld is het wonder van Jezus (vrede zij met hem). Allah gaf hem de macht om zieken te genezen en de doden te doen herrijzen uit hun graf, terug in het leven. Allah (Glorieus en Verheven is Hij) zegt over hem (Nederlandstalige interpretatie): “…en jij genas met Mijn Toestemming degene die blind geboren werd en de melaatse. En gedenk toen jij de doden met Mijn Toestemming uit hun graven weer levend naar buiten bracht…” [Soerat al-Maa-idah (5), aayah 110.]

Een derde voorbeeld is het wonder dat Moh’ammed (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) heeft volbracht. Zijn stam, Qoeraysh, vroeg hem een wonder te verrichten. Hij (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) wees naar de maan, waarna deze in twee delen spleet terwijl zijn volk getuige was van deze gebeurtenis. Allah (Glorieus en Verheven is Hij) zegt over dit wonder (Nederlandstalige interpretatie): “Het (Laatste) Uur is naderbij gekomen en de maan was gespleten. En als zij een aayah (teken, bewijs) zien, wenden zij zich af en zeggen: ‘(Dit is) onophoudelijke (#4) magie.’” [Soerat al-Qamar (54), aayah 1-2.]

<<< (#4) Moestamir betekent letterlijk onophoudelijk, continu. Maar volgens Moedjaahid, Qataadah en verschillende anderen betekent het hier “(magie dat) spoedig zal verdwijnen”. (Tefsier Ibn Kethier.)>>>

Al deze wonderen die Allah de Verhevene aan Zijn boodschappers heeft geschonken als een vorm van hulp en overwinning en waar hun volkeren getuige van waren, vormen een bewijs van Allahs bestaan.

 

Geloof in de Heerschappij van Allah

Dit betekent geloven dat Allah de Heer is, Hij alleen, en dat Hij geen deelgenoten of helpers heeft. De Rabb (Heer) is Degene Die schept en beveelt. Er is geen schepper behalve Allah (Glorieus en Verheven is Hij) en er is geen andere eigenaar van het universum behalve Hij. Het bevel en het beheer behoren aan Hem, Die zegt (Nederlandstalige interpretatie): “…Waarlijk, het scheppen en bevelen behoren slechts toe aan Hem…” [Soerat al-A’raaf (7), aayah 54.]

“…Dat is Allah, jullie Heer; aan Hem behoort de heerschappij. En degenen die jullie aanroepen naast Hem bezitten niet eens een vliesje van een dadelpit.” [Soerat Faatir (35), aayah 13.]

Slechts enkele mensen verwierpen Allahs Heerschappij. Zij zijn degenen die arrogant zijn, degenen die ontkennen wat zij diep in hun hart geloven. Dit was ook het geval bij Fir’awn (de Egyptische farao), toen hij tegen zijn volk zei, zoals in de Qor-aan genoemd wordt (Nederlandstalige interpretatie): “…Ik ben jullie Heer, de hoogste.” [Soerat an-Naazi’aat (79), aayah 24.]

“En Fir’awn (de Egyptische farao) zei: ‘O notabelen! Ik ken voor jullie geen andere god dan mijzelf!…’” [Soerat al-Qasas (28), aayah 38.]

Wat hij zei, was echter niet zijn ware geloof. Allah de Verhevene zegt (Nederlandstalige interpretatie): “En zij loochenden deze (de tekenen), onterecht en arrogant, hoewel zij zelf (in hun hart) zeker ervan waren (#5)…” [Soerat an-Naml (27), aayah 14.]

<<< (#5) Noot van uwkeuze.net. Zij wisten in het diepste van hun harten dat het de waarheid was die afkomstig was van Allah de Verhevene, maar zij loochenden deze, waren koppig en arrogant daartegenover. (Tefsier Ibn Kethier.)>>>

Ook Mozes (vrede zij met hem) zei tegen de Farao, zoals in de Qor-aan genoemd wordt (Nederlandstalige interpretatie): “Hij (Moesaa) zei: ‘Bij Allah! Jij (O Fir’awn) weet werkelijk dat deze (tekenen) slechts zijn neergezonden door de Heer van de hemelen en de aarde, als een duidelijk bewijs. En waarlijk, ik ben ervan overtuigd dat jij, O Fir’awn (farao), ten ondergang gedoemd bent.’” [Soerat al-Israa-e (17), aayah 102.]

De Arabische ongelovigen van vroeger waren gewend de Heerschappij van Allah te bevestigen, hoewel zij Hem deelgenoten toekenden bij Zijn aanbidding. Allah zegt (Nederlandstalige interpretatie): “Zeg (O Moh’ammed): ‘Aan wie behoort de aarde en eenieder die daarop is, indien jullie weten?’ Zij zullen zeggen: ‘Aan Allah!’ Zeg: ‘Laten jullie je dan niet vermanen!?’ Zeg: ‘Wie is de Heer van de zeven hemelen en de Heer van de Geweldige Troon?’ Zij zullen zeggen: ‘Allah.’ Zeg: ‘Vrezen jullie dan niet!?’ Zeg: ‘In Wiens Hand is de soevereiniteit over alle zaken – en Hij beschermt terwijl er tegen Hem geen beschermer is (#6) – indien jullie weten?’ Zij zullen zeggen: ‘Dit behoort aan Allah!’ Zeg: ‘Hoe worden jullie dan bedrogen (#7)!?’” [Soerat al-Moe-eminoen (23), aayah 84-89.]

<<< (#6) Noot van uwkeuze.net. Onder de Arabieren was het de gewoonte dat als een leider zijn bescherming van een persoon aankondigde, dat niemand tegen hem in kon gaan wat dat betreft, en niemand kon bescherming naast die leider bieden. (Tefsier Ibn Kethier.) Niemand kan bescherming tegen Hem bieden; niemand is in staat om hulp tegen Hem te bieden. M.a.w., niemand kan een andere persoon beschermen tegen de bestraffing van Allah en de macht hebben om hem te steunen en te redden. (Tefsier H’adaa-ieq ar-Rawh’ wa ar-Rayh’aan fie Rawaabie ‘Oeloemie al-Qoraan.)>>>

<<< (#7) Noot van uwkeuze.net. Door het aanbidden van standbeelden en sommige mensen (ook door hen willens en wetens te gehoorzamen als dat tegen de geboden van Allah in gaat) zijn jullie bedrogen, alsof jullie je niet bewust zijn van het juiste en bedekt zijn door vergeetachtigheid waardoor deze zaken niet in de juiste hoedanigheid gezien worden. Degene die niet betoverd is en die niet in dwaasheid verkeert zal niet in deze staat verkeren. De bedrieger is de shaytaan (satan) of de begeerte of beiden. (Tefsier H’adaa-ieq ar-Rawh’ wa ar-Rayh’aan fie Rawaabie ‘Oeloemie al-Qoraan.)>>> (Klik op onderstaande afbeelding om het vergroot weer te geven. Gebruik de afbeelding voor da’wah.)

 

Imaan daden

 

“En zeker, als jij hen (de polytheïsten) vraagt wie de hemelen en de aarde schiep, zullen zij zeker zeggen: ‘Al-‘Aziez (de Almachtige), al-‘Aliem (de Alwetende) schiep hen.’” [Soerat az-Zoekhroef (43), aayah 9.]

<<< Noot van uwkeuze.net. De polytheïsten geloofden dat Allah de Schepper is van alles wat bestaat, zonder partner of deelgenoot. Toch aanbaden zij anderen naast Hem, omdat zij dronken waren door de trots van macht en uit onwetendheid, arrogantie en voorouderlijke tradities.>>>

“En als jij hen (de polytheïsten) vraagt wie hen geschapen heeft, zullen zij zeker zeggen: ‘Allah.’ Hoe dan worden zij belogen (voor de gek gehouden door hun begeerten en de influisteringen van de satan)?” [Soerat az-Zoekhroef (43), aayah 87.]

Het bevel van Allah bestaat uit zowel Zijn bestuur van het universum en het gebod. Hij is Degene Die de schepping bestuurt, en Degene Die doet wat Hij wil, in overeenstemming met Zijn Wijsheid. Hij is ook Degene Die het bevel geeft om aspecten van aanbidding of van handelingen te organiseren, in overeenstemming met Zijn Wijsheid. Eenieder die iemand anders naast Allah neemt als degene die handelingen van aanbidding of manieren van handeling beveelt, heeft shirk begaan (polytheïsme, afgoderij) met Allah (Glorieus en Verheven is Hij). Deze daad verklaart al-imaan (het geloof) ongeldig.

 

Het geloof dat Hij de ilaah is

Allah is de ilaah, dit betekent dat Hij Degene is Die aanbeden dient te worden en dat Hij geen deelgenoten heeft. Deze ilaah (godheid) wordt met liefde en eerbied aanbeden. Hij zegt (Nederlandstalige interpretatie): “En jullie God is één God (d.w.z. Allah), er is geen god die het recht heeft om aanbeden te worden behalve Hij, ar-Rah’maan (de Meest Barmhartige), ar-Rah’iem (de Meest Genadevolle).” [Soerat al-Baqarah (2), aayah 163.]

“Allah getuigt dat er geen god is die het recht heeft om aanbeden te worden behalve Hij, en de engelen en de bezitters van kennis (getuigen dit ook); Hij onderhoudt (Zijn schepping) met rechtvaardigheid. Niemand heeft het recht om aanbeden te worden behalve Hij, al-‘Aziez (de Almachtige), al-H’akiem (de Alwijze).” [Soerat Aal ‘Imraan (3), aayah 18.]

Alles wat als god naast Allah wordt genomen, zijn valse goden: “Dat is omdat Allah al-H’aqq is (de Ware) en omdat hetgeen zij (de polytheïsten) naast Hem aanroepen de valsheid is en omdat Allah al-‘Aliyy (de Allerhoogste), al-Kabier (de Bezitter van Grootheid) is.” [Soerat al-H’adj (22), aayah 62.]

Deze dingen ‘god’ noemen, zal hen niet tot goden maken. Allah de Verhevene zegt over sommige afgoden (al-Laat, al-‘Oezza en Manaat) (Nederlandstalige interpretatie): “Zij (al-Laat, al-‘Oezzaa en Manaat) zijn slechts namen die jullie gaven (verzonnen), jullie en jullie vaders, waarvoor Allah geen bewijs neergezonden heeft. Zij volgen slechts het vermoeden en wat de zielen (zij zelf) begeren (#8), terwijl de leiding van hun Heer werkelijk tot hen kwam (d.m.v. verschillende boodschappers).” [Soerat an-Nadjm (53), aayah 23.]

<<< (#8) Noot van uwkeuze.net. Zij hadden geen bewijs hiervoor, slechts vertrouwen in hun voorvaders die dit valse pad vroeger namen, alsook hun begeerten om leiders te worden, eer te verwerven en hun voorouders te vereren. (Tefsier Ibn Kethier.)>>>

De profeet Yoesoef (Jozef – vrede zij met hem) zei tegen zijn metgezellen in de gevangenis, zoals in de Qor-aan genoemd wordt (Nederlandstalige interpretatie): “O mijn twee metgezellen in de gevangenis! Zijn verschillende heren (goden) beter of Allah (de Enige Ware God), al-Waah’id (de Unieke, de Ene), al-Qahhaar (de Onderwerper en de Meest Machtige)? Wat jullie aanbidden naast Hem (Allah) zijn slechts namen die jullie hen gegeven hebben – jullie en jullie vaders – waarvoor Allah geen bewijs heeft neergezonden …” [Soerat Yoesoef (12), aayah 39-40.]

Alle boodschappers zeiden gewoonlijk tegen hun volkeren (Nederlandstalige interpretatie): “…O mijn volk! Aanbid Allah! Er is voor jullie geen andere god die het recht heeft aanbeden te worden dan Hij…” [Soerat al-Moe-eminoen (23), aayah 23.]

De ongelovigen weigerden echter deze oproep te accepteren. Zij namen anderen tot goden naast Allah (Glorieus en Verheven is Hij). Zij aanbaden hen naast Allah en riepen hen aan wanneer zij hulp nodig hadden. Allah de Verhevene weerlegt de ongelovigen in het nemen van deze afgoden als god naast Hem, door twee logische argumenten te gebruiken; het eerste argument: deze afgoden die door de ongelovigen als god worden genomen, bezitten geen eigenschappen die hen bevoegd maken om goden te zijn. Deze valse goden zijn geschapen en scheppen niet. Zij kunnen noch degenen die hen aanbidden baten, noch kunnen zij het kwaad afweren. Zij kunnen het leven niet geven of nemen. Ook bezitten zij niet, noch zijn zij deelgenoten in het Koninkrijk van de hemelen en aarde. Allah (Glorieus en Verheven is Hij) zegt (Nederlandstalige interpretatie): “En zij namen naast Hem goden ter aanbidding die niets scheppen en die zelf geschapen zijn, noch zijn zij bij machte om voor zichzelf schade te berokkenen noch voordeel te brengen, noch hebben zij macht over dood of leven of wederopstanding.” [Soerat al-Foerqaan (25), aayah 3.]

“Zeg (O Moh’ammed): ‘Roep degenen aan waarvan jullie beweren dat zij goden zijn naast Allah; zij bezitten niet eens het gewicht van een stofdeeltje in de hemelen noch op aarde, en voor hen is er in beide geen aandeel, en Hij heeft geen helper onder hen.” [Soerat Saba-e (34), aayah 22.]

“Kennen zij aan Allah als deelgenoot toe wat niets schept en zij zelf geschapen zijn? En zij niet in staat zijn hen te helpen, noch kunnen zij zichzelf helpen?” [Soerat al-A’raaf (7), aayah 191-192.]

Als dit het geval is met valse goden, dan is het nemen van hen als goden een ware misleiding en het ergst van alle daden.

Het tweede argument: de moeshrikien (polytheïsten, afgodenaanbidders) behoren niet tot degenen die bevestigen dat Allah (Glorieus en Verheven is Hij) één is, de Heer, de Schepper, Degene Die alles bezit en Degene Die bescherming geeft, en niemand is in staat iemand anders te beschermen tegen Zijn Macht. Deze bevestiging eist van de ongelovigen alleen Allah (Glorieus en Verheven is Hij) te aanbidden, Die zegt (Nederlandstalige interpretatie): “O mensen! Aanbid jullie Heer (Allah), Die jullie schiep en degenen vóór jullie, opdat jullie moettaqoen (vroom) zullen zijn. Die voor jullie de aarde (vlak) als een tapijt heeft gemaakt (stabiel door de bergen en hun wortels) en de hemel als een gewelf (beschermend tegen o.a. schadelijke straling en meteorieten) en uit de hemel water (regen) heeft neergezonden en daarmee vruchten voortbracht als voorziening voor jullie. Dus ken daarom aan Allah geen deelgenoten toe, terwijl jullie weten (dat Hij geen deelgenoot heeft en dat Hij alleen het recht heeft om aanbeden te worden).” [Soerat al-Baqarah (2), aayah 21-22.]

<<< Noot van uwkeuze.net. ‘Abdoellaah (moge Allah tevreden zijn met hem) verhaalde: “Ik vroeg de profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem): ‘Wat is de grootste zonde m.b.t. Allah?’ Hij zei (Nederlandstalige interpretatie): ‘Dat je een deelgenoot aan Allah toekent hoewel alleen Hij jou schiep.’ Ik zei: ‘Dat is inderdaad een grote zonde.’ Vervolgens vroeg ik: ‘Wat komt daarna?’ Hij zei: ‘Je zoon doden uit angst dat hij je eten met je deelt (d.w.z. armoede).’ Ik vroeg: ‘Wat komt daarna?’ Hij zei: ‘Het begaan van overspel met de vrouw van je buurman.’” (Sah’ieh’ al-Boekhaarie, 6/4477.)>>> (Klik op onderstaande afbeelding om het vergroot weer te geven. Gebruik de afbeelding voor da’wah.)

 

Tekenen

 

“En als jij hen (de polytheïsten) vraagt wie hen geschapen heeft, zullen zij zeker zeggen: ‘Allah.’ Hoe dan worden zij belogen (voor de gek gehouden door hun begeerten en de influisteringen van de satan)?” [Soerat az-Zoekhroef (43), aayah 87.]

“Zeg (O Moh’ammed): ‘Wie voorziet jullie van onderhoud uit de hemel (regen) en de aarde (gewassen etc.)? Of wie bezit het gehoor en het gezichtsvermogen (wie kan dat geven of nemen)? En wie brengt het levende tevoorschijn uit het dode en brengt het dode tevoorschijn uit het levende? (#9) En wie bepaalt de ordening (van alle zaken)?’ Zij zullen dan zeggen: ‘Allah.’ Zeg dan: ‘Zullen jullie (de bestraffing van Allah) dan niet vrezen?’ Dus dat is Allah, jullie Heer, de Waarheid. Wat is er dan na de waarheid behalve de dwaling? Hoe kunnen jullie dan afgewend worden (van het aanbidden van Hem alleen)?” [Soerat Yoenoes (10), aayah 31-32.]

<<< (#9) Noot van uwkeuze.net. Aldus schept Hij de plant uit het zaad en het zaad uit de plant; Hij schept het ei uit de kip en de kip uit het ei; Hij schept de mens uit het sperma en het sperma uit de mens… enzovoort. (Tefsier Ibn Kethier.)>>>

 

Geloof in de Namen en Eigenschappen van Allah

Dit geloof vereist het accepteren van alles wat Allah (Glorieus en Verheven is Hij) over Zichzelf zegt, in Zijn Boek of in de Soennah van de boodschapper (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem). De Namen en Eigenschappen dienen zonder wijziging, verwerping, precieze beschrijving van hun ware aard of zonder dezen gelijk te stellen met eigenschappen van de schepping aangenomen te worden. Allah (Glorieus en Verheven is Hij) zegt (Nederlandstalige interpretatie): “En aan Allah behoren de Schone Namen (al-Asmaa-e al-H’oesnaa), dus roep Hem daarmee aan en verlaat degenen die afwijken van Zijn Namen (#10). Zij zullen vergolden worden voor wat zij gewoon waren te doen.” [Soerat al-A’raaf (7), aayah 180.]

<<< (#10) Noot van uwkeuze.net. Door deze te ontkennen, of oneerbiedige spraak te uiten jegens deze Namen etc.>>>

“…En voor Hem alleen is de meest verheven beschrijving in de hemelen en de aarde (#11), en Hij is al-‘Aziez (de Almachtige), al-H’akiem (de Alwijze).” [Soerat ar-Roem (30), aayah 27.]

<<< (#11) Noot van uwkeuze.net. Hij is absoluut perfect op elk gebied en deze absolute perfectie behoort slechts Hem toe: “…er is niets zoals Hem…” (Q. 42:11) en: “En niet één (niemand of niets) is gelijkwaardig (vergelijkbaar) aan Hem” (Q. 112:4), dus verdient alleen Hij het om aanbeden te worden. (Tefsier Ibn Kethier.)>>>

“…er is niets zoals Hem (#12)…” [Soerat as-Shoeraa (42), aayah 11.]

<<< (#12) Noot van uwkeuze.net. Letterlijk staat hier: “Niets is zoals Zijn gelijkenis”, wat het volgende beduidt: ook al zou er een gelijkenis van Allah zijn, niets zou er op lijken, om maar te zwijgen over het lijken op Allah Zelf. (Tefhiem al-Qor-aan, Sayyid Aboe al-A’laa Mawdoedie.) De Eigenschappen van Allah dienen niet op een antropomorfistische manier geïnterpreteerd te worden. Allah is Verheven boven het beperkte voorstellingvermogen van de mens, en Zijn Eigenschappen kunnen niet vergeleken worden met die van Zijn schepping.>>>

Wat deze zaak betreft, verkeren twee sektes in dwaling. Eén van deze is de Moe’attillah (de verwerpers). Deze sekte heeft de Namen en Eigenschappen, of een aantal hiervan, verworpen. Zij beweren dat het accepteren van deze Namen en Eigenschappen leidt tot het associëren van Allah met Zijn schepping. Deze bewering is onjuist vanwege vele redenen, hier volgen er twee:

1. Deze bewering leidt tot de valse conclusie dat de Woorden van Allah (Glorieus en Verheven is Hij) in tegenstelling zijn met elkaar. Allah is Degene Die deze Namen en Eigenschappen heeft bevestigd en ontkent dat er iets is wat gelijk aan Hem is. Als het bevestigen van deze namen en eigenschappen leidt tot het gelijkstellen van Allah aan Zijn schepping, dan zal dit leiden tot de conclusie dat de Woorden van Allah in tegenstrijd met elkaar zijn en elkaar weerleggen.

2. Doordat twee dingen een zelfde eigenschap (van iets) hebben, wil dit nog niet zeggen dat zij gelijk zijn of er hetzelfde uitzien. Iemand kan getuige zijn van twee personen die beiden benoemd worden als ‘een mens die hoort, ziet en spreekt.” Deze beschrijving betekent echter niet dat zij van gelijke bevoegdheid zijn in hun gehoor, zicht of spraak. Men kan ook zien dat dieren handen, poten en ogen bezitten. Dit betekent echter niet dat dieren hetzelfde zijn in alle opzichten wat betreft hun handen, poten en ogen. Als verschil al zo groot is tussen hetgeen de schepping bezit aan namen en eigenschappen, dan is het verschil tussen de Schepper en de schepping nog veel groter en veel duidelijker.

De tweede afgedwaalde sekte wordt al-Moeshabbiehah genoemd. Zij bevestigen de Namen en Eigenschappen wel, maar zij hebben deze gelijk gesteld aan de namen en eigenschappen van de schepping. Zij beweren dat dit hetgeen is wat de teksten (van de Qor-aan) bedoelen. Zij beweren dat Allah (Glorieus en Verheven is Hij) aan Zijn dienaren heeft geopenbaard wat zij kunnen begrijpen. Deze bewering is onjuist vanwege verschillende redenen. Een aantal van deze redenen zijn:

1. Allahs gelijkenis aan Zijn schepping is onjuist en is in tegenspraak met het verstand en de wetten van de sharie’ah. De teksten van de Qor-aan en Soennah kunnen niet tot valsheid leiden in hun betekenissen.

2. Allah (Glorieus en Verheven is Hij) heeft geopenbaard wat Zijn dienaren van de algemene betekenis kunnen begrijpen. De ware aard van hoe deze betekenissen eruit zien is kennis die alleen Allah kan bezitten, vooral met betrekking tot de ware aard van Zijn Namen en Eigenschappen. Allah de Barmhartige bevestigt dat Hij de Alhorende is. Horen betekent het begrijpen van geluiden. De ware aard van Allahs Gehoor is echter onbekend. De schepping verschilt in bekwaamheid van het gehoor. Het verschil tussen Allahs Gehoor en die van Zijn schepping is zelfs veel groter en veel duidelijker. Allah (Glorieus en Verheven is Hij) heeft ook bevestigd dat Hij istiewaa-e (bestijgt/Zich vestigt) op Zijn Troon. Het bestijgen of vestigen op een troon wordt gekend in de algemene betekenis van het woord ‘bestijgen’ of ‘vestigen’. De ware aard van Allahs bestijging op Zijn Troon is onbekend. Het bestijgen van iets verschilt al in de schepping. Het bestijgen van een stoel is niet hetzelfde als het bestijgen van een kameel. Als al-istiwaa-e in de schepping onderling al verschilt, hoe kan de istiwaa-e van Allah (Glorieus en Verheven is Hij) dan vergeleken worden met de istiwaa-e van de schepping? Het verschil tussen hen is veel groter en duidelijker.

 

Belang van het geloof in Allah

Geloven in Allah, op bovengenoemde wijze, leidt tot vele voordelen voor de gelovigen:

1.) Om zich bewust te worden van de tawh’ied van Allah (Glorieus en Verheven is Hij), door alleen van Hem afhankelijk te zijn en je hoop op Hem te vestigen, en alleen Hem te vrezen en te aanbidden.

2.) Om de liefde en verering van Allah (Glorieus en Verheven is Hij) te perfectioneren, en m.b.t. Zijn Macht zoals beschreven door Zijn Meest prachtige Namen en Meest verheven Eigenschappen.

3.) Door waarachtig te zijn in de aanbidding van Allah (Glorieus en Verheven is Hij) door zich te houden aan Zijn geboden en Zijn verboden na te laten. (Klik op onderstaande afbeelding om het vergroot weer te geven. Gebruik de afbeelding voor da’wah.)

 

Ahloe Soennah wp

 

 


2.) Geloof in de engelen

De engelen (al-malaa-ikah) vormen een onderdeel van het onwaarneembare (al-ghayb). Zij zijn door Allah geschapen en zij aanbidden Hem. Zij bezitten geen eigenschappen die hen tot goden of heren maken. Allah heeft hen van licht geschapen en Hij heeft hen de gunst geschonken om Hem op elk moment te gehoorzamen. Hij heeft ze de macht gegeven om Zijn bevelen te dragen en na te komen.

In de Qor-aan wordt er over hen gezegd (Nederlandstalige interpretatie): “En aan Hem behoort eenieder in de hemelen en de aarde. En degenen die bij Hem zijn (de engelen) zijn niet te hoogmoedig om Hem te aanbidden, noch raken zij vermoeid. Zij (de engelen) verheerlijken Zijn Glorie tijdens de nacht en de dag, zij verzwakken niet.” [Soerat al-Anbiyaa-e (21), aayah 19-20.]

Zij zijn zo talrijk dat alleen Allah hun aantallen kent. Al-Boekhaarie en Moeslim hebben overgeleverd dat Anas (moge Allah tevreden met hem zijn) heeft gezegd, terwijl hij het verhaal van de hemelreis van de profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) vertelde, dat al-Bayt al-Ma’moer (#13) werd verheven voor de profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) in de hemel, zodat hij deze kon aanschouwen. Elke dag bidden er 70.000 engelen in dit Huis, en als ze daar klaar mee zijn komen zij er nooit in terug (dit toont ons hoe talrijk de engelen zijn).

<<< (#13) Noot van uwkeuze.net. Het is bevestigd in de twee Sah’ieh’s (d.w.z. die van al-Boekhaarie en Moeslim) dat de boodschapper van Allah (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) zei in de h’adieth over al-israa-e [zijn nachtelijke reis van Mekkah naar de al-Aqsaa moskee in Jeruzalem vanwaar hij al-mi’raadj (de hemelvaart) maakte], nadat hij opsteeg tot de zevende hemel: “Vervolgens werd ik genomen naar al-Bayt al-Ma’moer (het Vaak Bezochte Huis). Het wordt elke dag bezocht door zeventigduizend engelen die niet terugkomen om het nogmaals te bezoeken.” De engelen aanbidden Allah in al-Bayt al-Ma’moer en verrichten er tawaaf rondom heen net zoals de mensen tawaaf verrichten rondom de Ka’bah (in Mekkah). Elke hemel heeft zijn eigen Huis voor aanbidding, wat ook de gebedsrichting is voor de bewoners van die hemel (de engelen). Het Huis voor aanbidding in de laagste hemel wordt al-Bayt al-‘Izzah (het Huis van Macht) genoemd. En Allah weet het best. (Tefsier Ibn Kethier.)>>>

 

Geloof in de engelen bestaat uit vier onderdelen

1.) Geloven in hun bestaan.

2.) Geloven in hetgeen ons verteld is over hun namen, zoals Djibriel (Gabriël – vrede zij met hem), en ook geloven in andere engelen over wie we niet geïnformeerd zijn betreffende hun namen.

3.) Geloven in hetgeen ons verteld is over hun eigenschappen. Een voorbeeld hiervan is de beschrijving van Djibriel (vrede zij met hem). De profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) heeft ons verteld dat hij Djibriel (vrede zij met hem) heeft gezien in de gedaante waarin Allah (Glorieus en Verheven is Hij) hem heeft geschapen. Hij had zeshonderd vleugels en groter dan de horizon.

De engelen kunnen van gedaante veranderen op het bevel van Allah. Zij kunnen de gedaante van een man aannemen. Allah de Verhevene zond Djibriel (vrede zij met hem) naar Mariam (Maria, de moeder van Jezus – vrede zij met hem) en hij kwam naar haar toe in de gedaante van een man. Hij werd ook naar de profeet Moh’ammed (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) gezonden, terwijl hij met zijn metgezellen zat, in de gedaante van een man die spierwitte kleding droeg en gitzwart haar had. Hij was een vreemdeling voor de metgezellen (moge Allah tevreden zijn met hen), hoewel er geen enkel spoor aan hem te zien was dat hij gereisd had. Hij zat naast de profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) en plaatste zijn knieën tegen die van de profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem). Hij ondervroeg de profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) over Islaam, imaan en ih’saan (uitmuntendheid in het geloof: het aanbidden van Allah alsof je Hem ziet, en als je Hem niet ziet, weet dan dat Hij jou wel ziet) en het Laatste Uur en zijn tekenen. De profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) antwoordde hem. Daarna verliet Djibriel hem. De profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) zei tegen zijn metgezellen (Nederlandstalige interpretatie): “Dit was Djibriel, hij is gekomen om jullie in jullie religie te onderwijzen.” (Overgeleverd door Moeslim.) Ook heeft Allah (Glorieus en Verheven is Hij) engelen naar Ibraahiem (Abraham) en Loet (Lot) (vrede zij met hen) gezonden, in de gedaante van een man.

4.) Geloven in de taken die zij uitvoeren op Allahs bevel. Zij prijzen Allah (Glorieus en Verheven is Hij) en aanbidden Hem op elk moment zonder enige verveling of vermoeidheid. Sommige engelen hebben speciale taken die ze moeten volbrengen:

(i) Djibriel (vrede zij met hem) is de eervolle aartsengel die Allah neerzendt met de openbaring aan de profeten en boodschappers (vrede zij met hen).

(ii) Miekaa-iel (vrede zij met hem) is de engel die toezicht houdt op regen en vegetatie, op Allahs bevel.

(iii) Israafiel (vrede zij met hem) is de engel die op de Hoorn moet blazen wanneer het Uur (de Laatste Dag) is aangebroken en de doden verrezen moeten worden.

(iv) Maalik (vrede zij met hem) is de bewaker en toezichthouder van de Hel.

(v) De engel des doods (vrede zij met hem) neemt de zielen tijdens de dood.

(vi) Er zijn engelen die toezicht houden op foetussen in de baarmoeder. Wanneer een foetus vier maanden oud is, zendt Allah de Verhevene een engel neer en beveelt hem de voeding, maximale leeftijd en daden van de foetus te noteren en of het ellendig (naar de Hel voorbestemd) of gelukkig (naar het Paradijs voorbestemd) zal zijn.

(vii) Er zijn engelen die de daden van de mensen registreren. Zij hebben een registratie (verslag) van de daden van iedereen. Er zijn twee engelen voor elk persoon, de een aan de rechterkant en de ander aan de linkerkant. (Zij worden begroet d.m.v. de tesliem waarmee het gebed beëindigd wordt.)

(viii) Er zijn weer andere engelen die de doden ondervragen wanneer zij zich in hun graven bevinden. Twee engelen – Moenkar en Nakir – komen naar alle dode personen en vragen elk van hen over de Heer die zij aanbaden, de religie die zij volgden en de boodschapper die zij gehoorzaamden.

 

Het belang van het geloof in de engelen

1.) Allahs Macht, Sterkte en Kracht leren kennen. De gehele kracht van de schepping is een teken van de Kracht van de Schepper.

2.) Dank betuigen aan Allah omdat Hij (Glorieus en Verheven is Hij) zorgt voor de mensheid. Hij heeft engelen aangesteld om ze te beschermen, hun daden te noteren en andere belangrijke taken te vervullen.

3.) Houden van de engelen omdat zij waarachtige aanbidders zijn van Allah (Glorieus en Verheven is Hij). Sommige afgedwaalde mensen verwerpen het bestaan van de engelen in een lichamelijke gedaante. Zij beweren dat de engelen slechts de goede machten zijn van de schepselen. Dit is een directe afwijzing van het Boek van Allah, de Soennah van Zijn boodschapper (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) en de idjmaa’ (consensus, overeenstemming) van de moslims. Allah (Glorieus en Verheven is Hij) zegt (Nederlandstalige interpretatie): “Alle lof is voor Allah, de Schepper van de hemelen en de aarde, Die de engelen boodschappers (#14) maakte met vleugels, twee of drie of vier…” [Soerat Faatir (35), aayah 1.]

<<< (#14) Noot van uwkeuze.net. D.w.z.: engelen die tussen Hem (Verheven is Hij) en Zijn profeten en rechtschapenen van onder Zijn dienaren (als boodschappers) functioneren; zij geven de boodschappen aan hen door openbaring, inspiratie en waarachtige dromen. Of Hij laat hen functioneren tussen Hem en Zijn schepping, waarbij zij hen de invloeden van Zijn Macht en schepping doen bereiken. (Tefsier H’adaa-ieq ar-Rawh’ wa ar-Rayh’aan fie Rawaabie ‘Oeloemie al-Qoraan.)>>>

“En als jij maar eens kon zien wanneer de engelen de zielen nemen van degenen die ongelovig zijn; zij (de engelen) slaan hun gezichten en hun ruggen (#15) (zeggende): ‘En proef de kwelling van het fel brandende Vuur (de Hel).’” [Soerat al-Anfaal (8), aayah 50.]

<<< (#15) Noot van uwkeuze.net. Wanneer de engelen komen om de ziel van een ongelovige te nemen, hecht de ziel zich aan het lichaam vast waardoor de engelen de ziel met kracht, ruwheid en slaand eruit halen.>>>

“…En als jij maar kon zien hoe de onrechtplegers in de doodsstrijd zijn terwijl de engelen hun handen uitstrekken (d.w.z. hen slaan totdat de ziel uit hun lichaam komt, zeggende): ‘Geef jullie zielen af!’…” [Soerat al-An’aam (6), aayah 93.]

“Noch baat voorspraak bij Hem (#16), behalve voor wie Hij dat toestaat. Totdat, wanneer de angst uit hun harten (van de engelen) is verwijderd, zeggen zij (andere engelen): ‘Wat heeft jullie Heer gezegd?’ Zij zeggen: ‘De waarheid.’ En Hij is al-‘Aliyy (de Allerhoogste), al-Kabier (de Bezitter van Grootheid).” [Soerat Saba-e (34), aayah 23.]

<<< (#16) Noot van uwkeuze.net. D.w.z., vanwege Zijn Macht en Majesteitelijkheid durft niemand voorspraak te doen bij Hem m.b.t. welke kwestie dan ook, behalve nadat hem toestemming gegeven is om voorspraak te doen. (Tefsier Ibn Kethier.)>>> (Klik op onderstaande afbeelding om het vergroot weer te geven. Gebruik de afbeelding voor da’wah.)

 

Rechte pad bw

 

“…En de engelen treden binnen bij hen door elke poort. (Zeggende:) ‘Salaamoen ‘alaykoem (vrede zij met jullie) doordat jullie geduldig waren. En voortreffelijk is het goede einde!’” [Soerat ar-Ra’d (13), aayah 23-24.]

De boodschapper van Allah (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) heeft gezegd (Nederlandstalige interpretatie): “Wanneer Allah (Glorieus en Verheven is Hij) van een dienaar houdt, roept Hij (Djibriel) en zegt: ‘Allah houdt van die en die (persoon), houd daarom van hem.’ Dan zal (Djibriel) van hem houden. Daarna roept (Djibriel) de bewoners van de hemel en zegt: ‘Allah houdt van die en die, houd daarom van hem.’ Dan zullen de bewoners van de hemel van hem houden. Daarna zal hem acceptatie (onder de gemeenschap van de gelovigen) verleend worden op aarde.” (Overgeleverd door al-Boekhaarie.)

“Wanneer de dag van vrijdag aanbreekt, staan er engelen bij elke poort van de masdjid (moskee). Zij noteren de eerste dan de volgende (persoon die naar de masdjid komt). Wanneer de imaam zit (wachtende totdat de gebedsoproep is geëindigd zodat hij de toespraak kan beginnen), sluiten zij de boeken en komen dan luisteren naar de dzikr [de gedachtenis aan Allah (Glorieus en Verheven is Hij) die de vrijdagstoespraak bevat].” (Overgeleverd door al-Boekhaarie en anderen.)

De bovenstaande teksten zijn duidelijk in hun betekenis dat de engelen lichamelijke gedaantes bezitten en niet een toestand van de geest zijn, zoals de afgedwaalden beweren. De ware betekenis van deze teksten, die verklaren dat de engelen in een lichamelijke gedaante bestaan, wordt door de gehele oemmah (gemeenschap) geaccepteerd.

<<< Noot van uwkeuze.net. Imaam Ibn al-Qayyiem al-Djawziyyah schreef in zijn boek ‘Oeddat oes-Saabirien wa Dzakhirat oes-Shaakirien: “Allah heeft engelen geschapen met verstand en geen begeertes, dieren met begeertes en geen verstand, en de mens (alsook de djinn) met zowel verstand als begeertes. Dus als het verstand van een persoon sterker is dan zijn begeertes, is hij (bij wijze van spreken) beter dan een engel. En als zijn begeertes sterker zijn dan zijn verstand, dan is hij (bij wijze van spreken) erger dan een dier…” >>>

Zie de artikelen Engelen (al-malaa-ikah) en Het aantal engelen bij iedere persoon en hun taken. (Klik op onderstaande afbeeldingen om ze vergroot weer te geven. Gebruik de afbeeldingen voor da’wah.)

 

 


3.) Geloof in de boeken

Koetoeb (boeken) is het meervoud van kitaab (boek). Het zijn koetoeb omdat zij geschreven zijn (maktoob). Met Boeken wordt hier bedoeld, de Boeken die Allah (Glorieus en Verheven is Hij) naar Zijn boodschappers (vrede zij met hen) heeft gezonden, als een genade en leiding voor de mensheid. Deze boeken zijn bestemd om de mensheid te leiden naar datgene wat vreugde brengt in dit leven en in het Hiernamaals.

 

Er zijn vier aspecten van het geloof in de Boeken

1.) Geloven dat zij waarlijk door Allah (Glorieus en Verheven is Hij) zijn neergezonden.

2.) Geloven in de Boeken waarover de mensheid is geïnformeerd, zoals al-Qor-aan (de Koran) die naar Moh’ammed (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) neergezonden is, at-Tawraat (de Thora) die naar Mozes (vrede zij met hem) is neer gezonden, al-Indjiel (het Evangelie) die is neergezonden naar Jezus (vrede zij met hem) en az-Zaboer (de Psalmen) die is neergezonden naar David (vrede zij met hem). We geloven ook in de andere Boeken die door Allah (Glorieus en Verheven is Hij) zijn neer gezonden, ook al kennen wij hun namen niet.

3.) Geloven in alles wat de Boeken bevatten, zoals alles wat de Qor-aan bevat en gedeeltes van voorgaande Boeken die niet vervalst zijn.

4.) De geboden naleven die in de Boeken staan, tenzij Allah (Glorieus en Verheven is Hij) het afgeschaft heeft. We dienen alles te accepteren wat deze Boeken aan geboden en verboden bevatten, ook al weten wij niet wat voor wijsheid erachter schuilgaat. Alle voorgaande Boeken zijn echter afgeschaft door de Qor-aan. Allah (Glorieus en Verheven is Hij) zegt (Nederlandstalige interpretatie): “En Wij zonden tot jou (O Moh’ammed) het Boek (deze Qor-aan) met de waarheid neer, ter bevestiging van het Boek (#17) dat er voor kwam en mohaymin (#18) er over (de oude Geschriften)…” [Soerat al-Maa-idah (5), aayah 48.]

<<< (#17) Noot van uwkeuze.net. Het gebruik van het enkelvoudige al-Kitaab (het Boek) in plaats van de meervoudsvorm is heel significant. Het toont aan dat de Qor-aan en alle Boeken die Allah de Verhevene ervoor geopenbaard heeft, in verschillende talen en in verschillende tijdperken, in feite één en hetzelfde Boek zijn met één en Dezelfde Auteur en met één en hetzelfde doel: zij delen één en dezelfde kennis en leringen mee aan de mensheid met het enige verschil dat zij in verschillende talen geformuleerd zijn en gevarieerde methoden gebruiken om te passen bij de verschillende geadresseerden. Door het feit dat deze Boeken elkaar steunen en niet weerleggen, bevestigen en niet tegenspreken, toont aan dat zij allemaal verschillende versies zijn van één het hetzelfde Boek (al-Kitaab). (Tefhiem al-Qor-aan, Sayyid Aboe al-A’laa Mawdoedie.)>>>

<<< (#18) Noot van uwkeuze.net. Het Arabische woord mohaymin is veelomvattend. Het betekent degene die waarborgt, waakt, getuigt, in stand houdt en bevestigt. De Qor-aan waarborgt “het Boek,” want het heeft de leerstellingen van alle vorige Boeken bekrachtigd. Het waakt over hen in de zin dat het hun ware leerstellingen niet verloren laat gaan. Het steunt deze Boeken en houdt hen in stand in de zin dat het het Woord van God dat in hen intact gebleven is bevestigt. Het is een getuige omdat het bewijs levert voor het ware Woord van God die deze Boeken (nog) bevatten en helpt het te scheiden van de interpretaties en commentaren van mensen die ermee gemengd zijn geraakt: wat door de Qor-aan bevestigd wordt, is het Woord van God; en wat ermee in tegenspraak is, komt van mensen. (Tefhiem al-Qor-aan, Sayyid Aboe al-A’laa Mawdoedie.)>>>

Dit betekent dat de Qor-aan heerst over alle andere Boeken. Daarom mag geen enkel gebod of verbod die in andere Boeken dan de Qor-aan staan nageleefd worden, tenzij het in overeenstemming is met de Qor-aan.

 

Belang van het geloof in de Boeken

1.) Weten dat Allah (Glorieus en Verheven is Hij) zorgt voor Zijn dienaren door hen Boeken neer te zenden om hen te leiden.

2.) Allahs Wijsheid kennen in alles wat Hij beveelt. Hij heeft elk volk bevolen wat bij hen past: “…Voor eenieder onder jullie maakten Wij een wet en een duidelijk pad (#19) (methode, manier van leven)…” [Soerat al-Maa-idah (5), aayah 48.]

<<< (#19) Noot van uwkeuze.net. In tegenstelling tot de ‘aqiedah (geloofsleer) kan de sharie’ah (wetgeving) waarmee de verschillende profeten kwamen enigszins afwijken. Allah de Verhevene voorzag de mensheid vanaf het begin der tijden van een reeks wetten die hen zou besturen in hun wederzijdse aangelegenheden, en hen instrueren betreffende alles wat voordelig voor hen is, en waarschuwen voor alles wat schadelijk is voor hen. Deze wetcode varieerde van tijd tot tijd en van plaats tot plaats, want elke groep mensen had hun eigen specifieke problemen en typische situaties waar op ingespeeld moest worden. Bijvoorbeeld: Israël (Jakob – vrede zij met hem) verbood voor zichzelf het vlees en de melk van kamelen, maar voor ons is het niet meer toegestaan om iets te verbieden wat Allah de Alwijze toegestaan heeft. In de tijd van Israël (vrede zij met hem) was het toegestaan om met twee zussen tegelijkertijd getrouwd te zijn, daarna werd dit afgeschaft. Allah de Verhevene stond Adam (vrede zij met hem) toe om zijn dochters te laten trouwen met zijn zonen, maar dit werd later verboden. (Tefsier Ibn Kethier.)>>>

3.) Allah danken voor Zijn gunsten, omdat Hij (Glorieus en Verheven is Hij) deze Boeken heeft neergezonden om de mensheid te leiden. (Klik op onderstaande afbeelding om het vergroot weer te geven. Gebruik de afbeelding voor da’wah.)

 

Qoraan is leiding

 


4.) Geloof in de boodschappers

De boodschappers (vrede zij met hen allen) zijn gezonden om een boodschap over te dragen. Zij zijn degenen aan wie Allah (Glorieus en Verheven is Hij) de openbaring heeft gezonden en die Zijn Wet meedelen. Allah de Verhevene heeft hen bevolen deze boodschappen over te dragen. De eerste boodschapper die gezonden was is Noah (vrede zij met hem) en de laatste is Moh’ammed (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem). Allah de Verhevene zegt (Nederlandstalige interpretatie): “Waarlijk, Wij openbaarden aan jou (O Moh’ammed) zoals Wij openbaarden aan Noeh’ (Noah) en de profeten na hem (#20)…” [Soerat an-Nisaa-e (4), aayah 163.]

<<< (#20) Noot van uwkeuze.net. Dit beduidt dat Noeh’ (Noah – vrede zij met hem) de eerste profeet was die Allah de Verhevene zond naar de mensheid. Zie Madjmoo’ Fataawaa al-Shaykh Moh’ammed ibn ‘Oethaymien, 1/315+317. Dit beduidt ook dat Moh’ammed (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) niet met iets nieuws gekomen is en dat hij niet beweert dat hij iets voor de eerste keer presenteert.>>>

Anas ibn Maalik (moge Allah tevreden met hem zijn) verhaalde dat de profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) heeft gezegd, in de h’adieth over shafaa’ah (het recht van voorspraak ten behoeve van de mensheid, die Allah aan Zijn boodschappers heeft geschonken op de Laatste Dag) (Nederlandstalige interpretatie): “Mensen zullen bij Adam komen om namens hen voorspraak te doen, maar hij wijst deze af door te zeggen: ‘Ga naar Noah, de eerste boodschapper die Allah (Glorieus en Verheven is Hij) heeft gezonden…’” (Overgeleverd door al-Boekhaarie.)

Allah de Verhevene zegt ook (Nederlandstalige interpretatie): “Moh’ammed is geen vader van één van jullie mannen, maar hij is de boodschapper van Allah en de laatste der profeten. En Allah is over alle zaken Alwetend.” [Soerat al-Ah’zaab (33), aayah 40.]

Allah (Glorieus en Verheven is Hij) heeft naar elk volk boodschappers gestuurd en Hij heeft hen voorzien van wetten die hun volkeren dienden te volgen. Sommige boodschappers werden gezonden om een boodschap van een voorgaande boodschapper te doen herleven. Allah (Glorieus en Verheven is Hij) zegt (Nederlandstalige interpretatie): “En bij Allah! Wij zonden werkelijk naar elke gemeenschap een boodschapper (die verkondigde): ‘Aanbid Allah en mijd de taaghoet (alles wat onterecht aanbeden wordt met diens tevredenheid).’…” [Soerat an-Nah’l (16), aayah 36.]

“…En er was geen gemeenschap of er was een waarschuwer onder hen.” [Soerat Faatir (35), aayah 24.]

“Waarlijk, Wij zonden at-Tawraat (de Thora) neer (naar Moesaa – Mozes). Daarin is leiding en licht; daarmee oordeelden de profeten – die zich overgaven (aan de Wil van Allah) – over degenen die terugkeerden (uit berouw na de aanbidding van het kalf)…” [Soerat al-Maa-idah (5), aayah 44.]

De boodschappers zijn slechts mensen en zij bezitten geen eigenschappen die hen tot god maken. Allah (Glorieus en Verheven is Hij) beschrijft zijn boodschapper Moh’ammed (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem), de meester van alle boodschappers en de beste van alle mensen, door het volgende te zeggen (Nederlandstalige interpretatie): “Zeg (O Moh’ammed): ‘Ik bezit geen macht over voordeel noch tegenslag voor mijzelf behalve wat Allah wil. En als ik al-ghayb (het onwaarneembare) zou kennen, zou ik het goede hebben vermeerderd en het slechte zou mij niet getroffen hebben. Ik ben niet meer dan een waarschuwer en een aankondiger van goed nieuws voor een volk dat gelooft.’” [Soerat al-A’raaf (7), aayah 188.]

“Zeg (O Moh’ammed): ‘Ik bezit geen macht om voor jullie schade te berokkenen, noch om te leiden (goddelijke leiding te geven) (ik ben slechts een mens en dienaar zoals jullie).’ Zeg (O Moh’ammed): ‘Niemand kan mij beschermen tegen (de bestraffing van) Allah (als ik Hem ongehoorzaam zou zijn), noch vind ik naast Hem toevlucht (er is geen plaats om te ontsnappen aan Zijn bestraffing).’” [Soerat al-Djinn (72), aayah 21-22.]

De boodschappers zijn slechts mensen. Zij worden ziek en sterven, zij hebben eten en drinken nodig en zij hebben andere menselijke behoeften. Abraham (vrede zij met hem) beschreef zijn Heer door te zeggen, zoals in de Qor-aan wordt genoemd (Nederlandstalige interpretatie): “En Hij is Degene Die mij voedt en mij te drinken geeft. En wanneer ik ziek word, dan is Hij Degene Die mij geneest. En Hij is Degene Die mij laat sterven. Vervolgens zal Hij mij tot leven brengen.” [Soerat as-Shoe’araa-e (26), aayah 79-81.]

Ook heeft de profeet Moh’ammed (Allahs vrede en zegeningen zijn met hem) gezegd (Nederlandstalige interpretatie): “Ik ben slechts een mens, net zoals jullie, ik vergeet net zoals jullie vergeten, wanneer ik vergeet, herinner mij dan.” (Overgeleverd door al-Boekhaarie en Moeslim.)

Allah (Glorieus en Verheven is Hij) beschrijft de boodschappers, terwijl Hij ze prijst, dat zij de hoogst mogelijke rang hebben bereikt in Zijn aanbidding. Hij zegt over Noah (vrede zij met hem) (Nederlandstalige interpretatie): “…Waarlijk, hij (Noeh’) was een dankbare dienaar!” [Soerat al-Israa-e (17), aayah 3.]

En over Moh’ammed (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) (Nederlandstalige interpretatie): “Gezegend is Degene Die al-Foerqaan [e Onderscheider (#21)] neerzond op Zijn dienaar (Moh’ammed), om voor de werelden (mensen en djinn) een waarschuwer te zijn.” [Soerat al-Foerqaan (25), aayah 1.]

<<< (#21) Noot van uwkeuze.net. Al-Foerqaan is al-Qor-aan: het is Foerqaan genoemd omdat het onderscheid maakt tussen de waarheid en de valsheid door zijn oordelen, en die onderscheid maakt tussen degene die de waarheid volgt en degene die de valsheid volgt – d.w.z. de gelovigen en de ongelovigen. (Tefsier H’adaa-ieq ar-Rawh’ wa ar-Rayh’aan fie Rawaabie ‘Oeloemie al-Qoraan.)>>>

En over Abraham, Izaak en Jacob (vrede zij met hen) (Nederlandstalige interpretatie): “En gedenk Onze dienaren Ibraahiem (Abraham) en Ish’aaq (Izaak) en Ya’qoeb (Jakob of Israël), bezitters van grote kracht (om Ons standvastig te aanbidden) en (religieus) inzicht. Waarlijk, Wij reinigden hen met een reine herinnering aan het (eeuwige) Huis (het Hiernamaals). (#22) En waarlijk, zij behoorden bij Ons zeker tot de uitverkorenen, de besten.” [Soerat Saad (38), aayah 45-47.]

<<< (#22) Noot van uwkeuze.net. D.w.z. dat de liefde voor de wereld werd uit hun harten genomen waardoor zij zich voortdurend inspanden omwille van het Hiernamaals en zij herinnerden de mensen aan het Hiernamaals, en ook nodigden zij de mensen uit tot Allah de Verhevene en om goede daden te verrichten voor het Hiernamaals. (Tefsier Ibn Kethier.)>>>

En over Jezus (vrede zij met hem) (Nederlandstalige interpretatie): “Hij (‘Iesaa – Jezus) is slechts een dienaar die Wij begunstigden (met het profeetschap) en Wij maakten hem een voorbeeld (om te volgen) voor Banie Israa-iel (de Israëlieten).” [Soerat az-Zoekhroef (43), aayah 59.]

(Klik op onderstaande afbeelding om het vergroot weer te geven. Gebruik de afbeelding voor da’wah.)

 

Profeten

 

Geloof in de boodschappers bestaat uit vier onderdelen

1.) Geloven dat hun boodschap waarlijk van Allah komt. Eenieder die niet gelooft in een boodschapper, heeft ongeloof in alle boodschappers begaan. Allah (Glorieus en Verheven is Hij) zegt (Nederlandstalige interpretatie): “Het volk van Noeh’ (Noah) loochende de boodschappers.” [Soerat as-Shoe’araa-e (26), aayah 105.]

Allah (Glorieus en Verheven is Hij) beschouwde het volk van Noah als ongelovigen in alle boodschappers, ook al geloofden zij alleen niet in één boodschapper; Noah (vrede zij met hem). Daarom zijn de christenen die niet in Moh’ammed (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) geloven en hem ook niet volgen, ongelovigen in Jezus (vrede zij met hem), de zoon van Maria. Jezus (vrede zij met hem) gaf de blijde tijding van de komst van Moh’ammed (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) aan de christenen. Deze blijde tijdingen zullen de christenen niet baten als zij Moh’ammed (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) niet volgen naar de leiding en de rechte weg.

2.) Geloven in de boodschappers over wie wij zijn ingelicht, zoals Moh’ammed, Abraham, Mozes, Jezus en Noah (vrede zij met hen allen). Dit zijn de vijf sterkste boodschappers. Allah de Verhevene noemt hen in twee verzen van de Qor-aan (Nederlandstalige interpretatie): “En gedenk toen Wij met de profeten een verbond sloten, en met jou (O Moh’ammed), en met Noeh’ (Noah) en Ibraahiem (Abraham) en Moesaa (Mozes) en ‘Iesaa ibn Maryam (Jezus zoon van Maria) (#23). En Wij sloten met hen een plechtig verbond.” [Soerat al-Ah’zaab (33), aayah 7.]

<<< (#23) Noot van uwkeuze.net. Volgens de meest bekende uitspraak zijn zij oeloe al-‘azm (de bezitters van grote vastberadenheid) van onder de boodschappers. (At-Tefsieroe al-Moeyassar.)>>>

“Hij (Allah) verordende voor jullie de religie (de geloofsleer van het islamitische monotheïsme) welke Hij Noeh’ (Noah, de eerste boodschapper) opdroeg en hetgeen Wij aan jou geopenbaard hebben (O Moh’ammed) en wat Wij opdroegen aan Ibraahiem (Abraham) en Moesaa (Mozes) en ‘Iesaa (Jezus), (zeggende): ‘Onderhoud de religie (leef zoals de religie dat van jullie verlangt) en raak daarin niet verdeeld (in verschillende sekten door onenigheden etc.)!’…” [Soerat as-Shoeraa (42), aayah 13.]

<<< Noot van uwkeuze.net. Dit vers beduidt dat Moh’ammed (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) niet een stichter is van een nieuwe religie, noch dat enige andere profeet een stichter was van een aparte religie, maar dat de religie (boodschap, geloofsleer) vanaf het allereerste begin hetzelfde was en dat we er voor dienen te waken dat de oemmah (gemeenschap) van oprechte gelovigen niet in groepen uiteenvalt.>>>

We dienen ook in alle andere boodschappers en profeten te geloven, wier namen ons niet genoemd zijn: “En werkelijk, Wij zonden vóór jou (O Moh’ammed) boodschappers. Van sommigen van hen hebben Wij hun verhaal aan jou verteld (in de Qor-aan) en van sommigen van hen hebben Wij hun verhaal niet aan jou verteld…” [Soerat Ghaafir (40), aayah 78.]

<<< Noot van uwkeuze.net. Er is overgeleverd door imaam Ah’mad van Aboe Oemaamah (moge Allah tevreden zijn met hem), en door H’aakim van Aboe Dzarr (moge Allah tevreden zijn met hem), dat toen de profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) gevraagd werd hoeveel boodschappers en profeten gestuurd zijn naar de wereld, hij antwoordde dat er 313 of 315 boodschappers waren en 124.000 profeten. (Uit Tefhiem al-Qor-aan, Sayyid Aboe al-A’laa Mawdoedie.) Zo is de profeet Moh’ammed (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) voorspeld in de boeddhistische en hindoeïstische geschriften. Zie de artikelen over Boeddhisme en Hindoeïsme op deze website.>>>

3.) Geloven in al hetgeen de boodschappers ons hebben gebracht.

4.) De wetten naleven van de boodschapper die naar ons was gezonden; Moh’ammed (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem), de laatste boodschapper. Allah (Glorieus en Verheven is Hij) heeft Moh’ammed (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) naar de gehele mensheid gezonden: “Maar nee, bij jouw Heer, zij geloven niet totdat zij jou (O Moh’ammed) laten oordelen over alle onenigheden tussen hen en vervolgens geen weerstand in zichzelf ondervinden tegen wat jij oordeelde, en zij onderwerpen zich met volledige overgave.” [Soerat an-Nisaa-e (4), aayah 65.]

<<< Noot van uwkeuze.net. Waar geloof is niet louter een lippendienst, maar gaat gepaard met volledige overgave aan de oordelen van de profeet Moh’ammed (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) (d.w.z. zijn Soennah).>>>

 

Het belang van het geloof in de boodschappers

1.) Weten hoe Allah (Glorieus en Verheven is Hij) voor Zijn dienaren zorgt door boodschappers naar ze te sturen die hen leiden naar Zijn Tevredenheid. De boodschappers (vrede zij met hen) onderwezen hun volkeren hoe ze Allah moeten aanbidden, omdat het menselijke verstand niet kan weten hoe Allah aanbeden dient te worden zonder leiding van Hem.

2.) Allah de Almachtige dank betuigen voor dit prachtig geschenk.

3.) Plichtsgetrouw houden, respecteren en prijzen van de boodschappers van Allah (Glorieus en Verheven is Hij). Zij zijn Allahs boodschappers, zij hebben Hem aanbeden, Zijn boodschap meegedeeld en zij gaven de beste adviezen aan Zijn dienaren. Veel opstandige mensen verwierpen hun boodschappers en beweerden dat Allahs boodschappers geen mensen konden zijn. Allemaal noemden zij deze bewering en weerlegden het (Nederlandstalige interpretatie): “En niets verhinderde de mensen te geloven toen leiding tot hen kwam, behalve dat zij zeiden: ‘Heeft Allah een mens als boodschapper gezonden?’ Zeg (O Moh’ammed): ‘Als er op aarde engelen waren die in rust (en veiligheid) rondliepen, hadden Wij zeker een engel uit de hemel tot hen neergezonden als boodschapper (van hun eigen soort).'” [Soerat al-Israa-e (17), aayah 94-95.]

Allah de Verhevene heeft deze bewering weerlegd, zeggende dat de boodschappers wel vanuit de mensen gezonden moesten worden, omdat zij naar de mensen van de aarde zijn gezonden, die ook mensen zijn. Indien de bewoners van de aarde engelen waren, dan zou Allah (Glorieus en Verheven is Hij) boodschappers onder de engelen gezonden hebben. Allah, de Erbarmer, de Meest Barmhartige, noemt wat de ongelovigen in de boodschappers zeiden (Nederlandstalige interpretatie): “…Zij zeiden: ‘Jullie zijn slechts mensen zoals wij (dus waarom zouden wij jullie volgen). Jullie willen ons afhouden van hetgeen onze vaders aanbaden. Breng ons dan een duidelijk bewijs!’ Hun boodschappers zeiden tegen hen: ‘Wij zijn slechts mensen zoals jullie, maar Allah schenkt Zijn gunst (het profeetschap) aan wie Hij wil van Zijn dienaren. En het is niet aan ons om jullie een bewijs te brengen, behalve met de Toestemming van Allah. En laat de gelovigen dan alleen op Allah vertrouwen.’” [Soerat Ibraahiem (14), aayah 10-11.] (Klik op onderstaande afbeelding om het vergroot weer te geven. Gebruik de afbeelding voor da’wah.)

 

5 Bezitters

 


5.) Geloof in de Laatste Dag

De Laatste Dag (Yawm al-Aakhir) is de Dag waarop de mensen afgerekend zullen worden en ondervraagd zullen worden over hun daden en hiervoor beloning of bestraffing ontvangen. Het wordt ‘de Laatste Dag’ genoemd, omdat het de laatste dag zal zijn, er zal hierna geen dag meer volgen. Daarna zullen de mensen van het Paradijs er voorgoed verblijven en er hun plaats innemen. En de mensen van de Hel zullen hier voorgoed verblijven en er hun plaats innemen.

 

Geloven in de Laatste Dag bestaat uit drie categorieën

1.) Geloven in de Verrijzenis (Opstanding). De Verrijzenis zal plaatsvinden wanneer er voor de tweede keer op de Bazuin (as-Soer) geblazen wordt. Daarna zullen de mensen herleven en uit hun graven komen en de ondervraging door de Heer der werelden onder ogen zien. Zij zullen noch schoenen dragen, noch zullen zij besneden zijn en zij zullen naakt zijn en zichtbaar zijn voor anderen in deze toestand (iedereen zal echter bezig gehouden worden door datgene waar zij tegenover zullen verschijnen en de ontbering van de Dag des Oordeels en zij zullen door de ontsteltenis van deze gebeurtenis elkaars naaktheid niet zien). Allah, onze Schepper, zegt (Nederlandstalige interpretatie): “(Gedenk) de Dag wanneer Wij de hemel zullen oprollen zoals het oprollen van een blad met hetgeen daarin genoteerd staat. Zoals Wij de eerste schepping begonnen, zullen Wij deze herhalen, een belofte die Wij vervullen. Waarlijk, Wij zullen dit doen.” [Soerat al-Anbieyaa-e (21), aayah 104.]

De Verrijzenis is een ware gebeurtenis die de Qor-aan, de Soennah en de consensus van moslims bevestigd hebben. Allah (Glorieus en Verheven is Hij) zegt (Nederlandstalige interpretatie): “Vervolgens zullen jullie daarna zeker sterven. Vervolgens zullen jullie op de Dag der Opstanding waarlijk opgewekt worden.” [Soerat al-Moe-emienoen (23), aayah 15-16.]

De profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) heeft gezegd (Nederlandstalige interpretatie): “Op de Dag des Oordeels zullen de mensen afgerekend worden terwijl zij op blote voeten en in naaktheid verkeren.” (Overgeleverd door al-Boekharie en Moeslim.)

De moslims zijn eenstemmig in het bevestigen van de Dag des Oordeels. Dit is de Wijsheid van Allah, want Hij heeft bepaald dat de schepping een dag van vergelding voor hun daden zullen hebben, nadat Hij ze boodschappers gezonden heeft om ze in te lichten over Zijn Geboden. Hij zegt (Nederlandstalige interpretatie): “Dachten jullie dat Wij jullie doelloos (#24) geschapen hebben en dat jullie niet tot Ons terug zullen worden gebracht!?” [Soerat al-Moe-emienoen (23), aayah 115.]

<<< (#24) Noot van uwkeuze.net. D.w.z.: zomaar en zonder enig doel, om louter te eten en te drinken en om je te vermaken en te genieten met genietingen van het wereldse leven en dat wij jullie zonder bevelen laten en niets verbieden en jullie niet belonen noch bestraffen!? (Teysier al-Kariem ar-Rah’maan fie Tefsier Kalaam al-Mannaan van sheikh ‘Abdoer-Rah’maan ibn as-Sa’die.)>>>

“Waarlijk, Degene Die de Qor-aan (Koran) naar jou heeft doen neerdalen (O Moh’ammed), zal jou terugbrengen naar een plaats van terugkeer…” [Soerat al-Qasas (28), aayah 85.]

2.) Geloven in de Vergelding. Op de Laatste Dag zal de dienaar beloond of gestraft worden voor zijn daden. Dit feit wordt ook door de Qor-aan, Soennah en de consensus van de moslims bevestigd. Allah (Glorieus en Verheven is Hij) zegt (Nederlandstalige interpretatie): “Waarlijk, tot Ons is hun terugkeer. Vervolgens, aan Ons is waarlijk hun afrekening.” [Soerat al-Ghashieyah (88), aayah 25-26.]

“Wie komt met een goede daad zal dan het tienvoudige ervan als beloning ontvangen; en wie komt met een slechte daad zal slechts het gelijke daarvan als vergelding krijgen en hen zal geen onrecht aangedaan worden.” [Soerat al-An’aam (6), aayah 160.]

<<< Noot van uwkeuze.net. Ibn ‘Abbaas (moge Allah tevreden zijn met hem) verhaalde: “De profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem), verhalend over zijn Heer, zei (Nederlandstalige interpretatie): ‘Allah liet (de aangewezen engelen over jullie) de goede daden en de slechte daden opschrijven en Hij verduidelijkte hoe. Als iemand van plan is om een goede daad te verrichten en hij doet het niet (iets verhindert hem), dan zal Allah voor hem een volledige goede daad opschrijven (in zijn verslag bij Hem); en als hij van plan is om een goede daad te verrichten en het werkelijk doet, dan zal Allah schrijven voor hem (in zijn verslag) bij Hem (de beloning gelijk aan) tien tot zevenhonderd keer, tot vele keren meer; en als iemand van plan is om een slechte daad te verrichten en hij doet het niet (hij ziet er zelf van af), dan zal Allah een volledige goede daad opschrijven (in zijn verslag) bij Hem, en als hij van plan is om het (een slechte daad) te verrichten en het werkelijk doet, dan zal Allah één slechte daad opschrijven (in zijn verslag).’” (Sah’ieh’ al-Boekhaarie.)>>>

“En Wij zullen de rechtvaardige weegschalen (#25) opstellen voor de Dag der Opstanding, dan zal niemand iets van onrecht aangedaan worden. En al zou hetgeen gewogen wordt het gewicht hebben van een mosterdzaadje (#26), dan zouden Wij het laten voorkomen. En voldoende zijn Wij als rekenaars.” [Soerat al-Anbiyaa-e (21), aayah 47.]

<<< (#25) Noot van uwkeuze.net. Het is voor ons moeilijk om de exacte aard van de “weegschaal” (al-mizaan) te begrijpen. Maar het is duidelijk dat de “weegschaal” alle morele daden van de mens zeer accuraat zal wegen en zal helpen oordelen of iemand rechtschapen of verdorven is en in welke mate. In de Qor-aan is dit woord gebruikt om de mensheid te laten begrijpen dat elke daad, goed of slecht, gewogen zal worden en beoordeeld in overeenstemming met diens eigen waarde. (Tefhiem al-Qor-aan, Sayyid Aboe al-A’laa Mawdoedie.)>>>

<<< (#26) Noot van uwkeuze.net. Het mosterdzaadje staat voor iets kleins en onbeduidends, iets (aan onrecht of zonde) waar mensen gemakkelijk aan voorbij zullen gaan. Maar Allah de Alwetende niet! (A. Yusuf Ali Quran Commentary, de herziene versie.)>>>

In een overlevering die door Ibn ‘Oemar (moge Allah tevreden met hem zijn) overgeleverd is, heeft de profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) gezegd (Nederlandstalige interpretatie): “Allah zal de gelovige dichter bij Hem brengen en zal hem beschermen tegen blootstelling (van zijn slechte daden in het zicht van iedereen). Hij zal zeggen: ‘Herinner jij je die en die (slechte) daad? Herinner jij je die en die (slechte) daad?’ Hij zal zeggen: ‘Ja, O mijn Heer!’ Wanneer Hij (Allah) zijn zondes bekend maakt en hij (de dienaar) beseft dat hij de ondergang is genaderd, zal Hij zeggen: ‘Ik heb je beschermd (tegen blootstelling van deze slechte daden tegenover anderen) gedurende jouw leven. Vandaag zal ik ze voor je vergeven.’ Dan zal hem zijn opgetekende daden (verslag) gegeven worden. Wat de ongelovigen en de hypocrieten betreft, zij zullen in het openbaar geroepen worden: ‘Dit zijn degenen die over hun Heer hebben gelogen (die Zijn leiding niet volgden die Hij met Zijn profeten had gezonden). Daarom zal Allahs vloek over de onrechtvaardigen heersen.’” (Overgeleverd door al-Boekharie en Moeslim.)

In een authentieke overlevering van de profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) zegt hij (Nederlandstalige interpretatie): “Eenieder die zich voorneemt een goede daad te verrichten en deze ook verricht, Allah zal het voor hem als tien tot zevenhonderd of meer goede daden noteren. Eenieder die zich voorneemt een slechte daad te verrichten en deze ook verricht, Allah zal deze als een slechte daad noteren.” (Overgeleverd door al-Boekhaarie en Moeslim.) (Klik op onderstaande afbeelding om het vergroot weer te geven. Gebruik de afbeelding voor da’wah.)

 

Soerat al-Asr

 

Moslims zijn het er met elkaar over eens dat de Dag des Oordeels zal plaatsvinden. Dit is de Wijsheid van Allah, de Alwijze. Hij heeft de Boeken geopenbaard, de boodschappers gezonden en gebood dat zij geaccepteerd, gevolgd en gehoorzaamd dienen te worden. Hij heeft bevolen dat eenieder die zich (actief) tegen hen verzet en bevecht (tegen de Boeken en de boodschappers) bevochten dienen te worden. Hij heeft het toegestaan om hun bloed te vergieten, hun kinderen, vrouwen en bezittingen in beslag te nemen. Indien er geen Dag van Vergelding zou zijn, dan zou dit gebod tijdverspilling zijn. Allah de Verhevene is immuun voor zulk spelvermaak: “Dan (op de Dag der Opstanding) zullen Wij zeker degenen tot wie (de boodschapper) gezonden is ondervragen en Wij zullen zeker de boodschappers ondervragen (over hetgeen zij verkondigd hebben). Dan zullen Wij hen zeker met kennis vertellen (wat zij gedaan en verzaakt hebben) en Wij waren niet afwezig (want Allah neemt alles waar).” [Soerat al-A’raaf (7), aayah 6-7.]

<<< Noot van uwkeuze.net. In al-Aakhirah (het Hiernamaals) zal iedereen zijn rechten terug krijgen. De profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) zei eens tegen zijn metgezellen (moge Allah tevreden zijn met hen) (Nederlandstalige interpretatie): “Weten jullie wie moeflis (failliet/blut) is?” Zij zeiden: “Onder ons, degene die failliet is, is degene die geen dirhams (geld) en geen goederen heeft.” Hij zei: “Degene die failliet is onder mijn oemmah (gemeenschap) is degene die op de Dag der Opstanding komt met het gebed, vasten en zakaah, maar hij zal komen terwijl hij die-en-die beledigd heeft, die-en-die belasterd heeft, de eigendommen van die-en-die (onrechtmatig) verbruikt heeft, het bloed van die-en-die heeft doen vloeien en die-en-die geslagen heeft. Ieder van hen zal wat van zijn h’asanaat (goede daden) gegeven worden, en als zijn h’asanaat opraken voordat de rekening vereffend is, zullen wat van hun sayyie-aat (zonden) genomen worden en op hem geworpen worden, vervolgens zal hij in de Hel geworpen worden.” (Overgeleverd door Moeslim.)>>>

3.) Geloven in het Paradijs en de Hel. Zij vormen de uiteindelijke bestemming voor eenieder die een van deze verdient, en voor eeuwig. Het Paradijs is de bestemming van uiterste vreugde en geluk die Allah, de Barmhartige en Genadevolle, heeft voorbereid voor de gelovigen die Hem vreesden en geloofden in wat Hij van ze eiste; om in Hem en Zijn boodschapper te geloven en te gehoorzamen. Zij zijn degenen die oprecht waren naar Allah en zij waren de volgelingen van Zijn boodschappers. Het Paradijs bevat gunsten van Allah “die geen oog ooit heeft gezien, wat geen oor ooit heeft gehoord en wat geen verstand ooit heeft kunnen inbeelden (van de vreugde die Allah voor de gelovigen verborgen heeft gehouden).” (Overgeleverd door al-Boekharie en Moeslim.)

Allah (Glorieus en Verheven is Hij) zegt (Nederlandstalige interpretatie): “Waarlijk, degenen die geloven en rechtschapen daden verrichten, zij zijn de beste der schepping. Hun beloning is bij hun Heer; Tuinen van Eeuwigheid waar de rivieren (met verschillende dranken) onder door stromen (in het Paradijs), zij zijn daarin onsterfelijk, eeuwig (zullen zij er genieten). Allah is tevreden over hen (#27) en zij zijn tevreden over Hem. Dat is voor wie zijn Heer vreest.” [Soerat al-Bayyienah (98), ayaah 7-8.]

<<< (#27) Noot van uwkeuze.net. Dit vers is een van de vele bewijzen tegen de Raafidhah (sji’ieten), die de metgezellen van de profeet Moh’ammed (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) haten en verafschuwen.>>>

“En niemand weet wat voor verrukking voor de ogen verborgen voor hen wordt gehouden als beloning voor wat zij plachten te doen.” [Soerat as-Sadjdah (32), ayaah 17.]

Wat de Hel betreft, dit vormt de bestemming met de kwelling en straf die Allah (Glorieus en Verheven is Hij) heeft voorbereid voor de onrechtvaardige ongelovigen. Zij zijn degenen die ongelovig waren in Hem en zij waren Zijn boodschappers ongehoorzaam. De Hel bevat soorten van straf en kwelling die niemand zich ooit heeft kunnen inbeelden. Allah (Glorieus en Verheven is Hij) zegt (Nederlandstalige interpretatie): “En vrees het Vuur (van de Hel) dat voorbereid is voor de ongelovigen.” [Soerat Aal ‘Imraan (3), aayah 131.]

“En zeg (O Moh’ammed): ‘De waarheid is van jullie Heer.’ Dus eenieder die wil, laat hem dan geloven; en eenieder die wil, laat hem dan ongelovig zijn (eenieder is verantwoordelijk voor zijn keuze). Waarlijk, Wij hebben voor de onrechtplegers een Vuur (de Hel) voorbereid wiens muren hen zullen omringen. En als zij om hulp (verlichting, water tegen de dorst) vragen, worden zij geholpen met water als al-moehl (#28) dat de gezichten roostert. Verschrikkelijk is de drank en een slechte verblijfplaats!” [Soerat al-Kahf (18), aayah 29.]

<<< (#28) Noot van uwkeuze.net. Al-Moehl stinkt, is zwart, dik en zeer heet. Wanneer de ongelovige het wil drinken en het dicht bij zijn gezicht brengt, zal het zijn gezicht verbranden zodat de huid van zijn gezicht valt. (Tefsier Ibn Kethier.)>>>

<<< Noot van uwkeuze.net. Door onze beperkte vrije wil kunnen we kiezen, wat een overeenkomstige persoonlijke verantwoordelijkheid met zich meebrengt. Keer op keer wordt de waarheid onder onze aandacht gebracht. Indien we het weigeren, dienen we alle verschrikkelijke consequenties – zoals die voorgesteld zijn door het Vuur van de Hel – te aanvaarden.>>>

“Waarlijk, Allah heeft de ongelovigen vervloekt en voor hen een fel brandend Vuur voorbereid. Daarin zijn zij onsterfelijk, eeuwig. Zij zullen geen beschermer vinden, noch een helper (om hen te redden). Op de Dag wanneer hun gezichten in het Vuur omgedraaid zullen worden (#29), zullen zij zeggen: ‘Wee ons! Hadden wij Allah maar gehoorzaamd en hadden wij de boodschapper (Moh’ammed) maar gehoorzaamd.’” [Soerat al-Ah’zaab (33), aayah 64-66.]

<<< (#29) Noot van uwkeuze.net. Met het gezicht (als meest edele en meest veelzeggende onderdeel van het lichaam) wordt hun persoonlijkheid, hun totale wezen, uitgedrukt; en het ronddraaien is een teken van vernedering en schande. (A. Yusuf Ali Quran Commentary, de herziene versie)>>>

 

Geloof in het leven na de dood

Geloven in de Laatste Dag vereist van de moslims om ook in het leven na de dood te geloven en in het volgende:

1.) De ondervraging in het graf. De doden zullen ondervraagd worden in hun graven, over de Heer Die zij hebben aanbeden, de religie en de profeet die zij tijdens hun leven hebben gevolgd. Allah (Glorieus en Verheven is Hij) zal de gelovige leiden om hetgeen te zeggen wat noodzakelijk is: “Allah is mijn Heer, mijn religie is de Islaam, en mijn profeet is Moh’ammed.” Wat de onrechtvaardige betreft, Allah zal hem leiden naar dwaling door te zeggen, als antwoord op bovenstaande vragen: “Ah! Ah! Ik weet het niet.” Ook de hypocrieten en degenen die altijd twijfels hadden over Allah, de religie en de profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) zullen zeggen: “Ik weet het niet. Ik hoorde de mensen iets zeggen en ik volgde hen hierin.” (Aboe Daawoed en Ah’mad.)

2.) De kwelling of vreugde in het graf. De onrechtvaardigen, de ongelovigen en de hypocrieten zullen gekweld worden in hun graven. Allah (Glorieus en Verheven is Hij) zegt (Nederlandstalige interpretatie): “En wie is er onrechtvaardiger dan hij die over Allah een leugen verzon, of zei: ‘Er is aan mij geopenbaard,’ terwijl er niets aan hem geopenbaard is, en degene die zei: ‘Ik zal het gelijke neerzenden aan wat Allah neergezonden heeft.’ En als jij maar kon zien hoe de onrechtplegers in de doodsstrijd zijn terwijl de engelen hun handen uitstrekken (d.w.z. hen slaan totdat de ziel uit hun lichaam komt, zeggende): ‘Geef jullie zielen af! Vandaag worden jullie beloond met de vernederende kwelling vanwege hetgeen jullie plachten te zeggen aan onwaarheid over Allah en omdat jullie plachten hoogmoedig te zijn jegens Zijn aayaat (bewijzen, verzen, tekenen).’” [Soerat al-An’aam (6), aayah 93.]

En over het volk van Farao (Nederlandstalige interpretatie): “Het Vuur (van de Hel)! Zij (hun zielen) zullen er ’s ochtends en ’s avonds aan blootgesteld worden (tijdens hun verblijf in het graf). (#30) En op de Dag wanneer het Uur bewerkstelligd wordt (zal Allah tegen de engelen zeggen): ‘Leid Fir’awns volk de meest rigoreuze kwelling (de Hel) binnen!’” [Soerat Ghaafir (40), aayah 46.]

<<< (#30) Noot van uwkeuze.net. ‘Abdoellaah ibn ‘Oemar (moge Allah tevreden zijn met vader en zoon) zei dat de profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) gezegd heeft (Nederlandstalige interpretatie): “Eenieder onder jullie die sterft, hem wordt voortdurend ’s ochtends en ’s avonds zijn definitieve verblijfplaats getoond, of hij nu een bewoner van het Paradijs of de Hel is. Er zal tegen hem gezegd worden: ‘Dit is de plaats die jij binnen zult gaan wanneer Allah jou weer tot leven zal opwekken op de Dag der Opstanding en jou zal roepen in Zijn tegenwoordigheid.’” (Overgeleverd door al-Boekhaarie en Moeslim, en in Moesnad Ah’mad.)>>> (Klik op onderstaande afbeelding om het vergroot weer te geven. Gebruik de afbeelding voor da’wah.)

 

Graf dood

 

Zayd ibn Thaabit (moge Allah tevreden zijn met hem) verhaalde dat de profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) tegen zijn metgezellen heeft gezegd (Nederlandstalige interpretatie): “Ik zou Allah gevraagd kunnen hebben om jullie te laten horen wat ik hoor van de bestraffing in het graf. Maar uit vrees dat jullie elkaar hierna nooit meer zullen begraven (heb ik dit niet gedaan).” Daarna keerde de profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) zich naar hen toe en zei: “Zoek toevlucht bij Allah tegen de ellende van het Hellevuur.” Zij zeiden: “Wij zoeken onze toevlucht bij Allah tegen de ellende van het Hellevuur.” Hij zei: “Zoek toevlucht bij Allah tegen de kwelling van het graf.” Zij zeiden: “Wij zoeken onze toevlucht bij Allah tegen de kwelling van het graf.” Hij zei: “Zoek toevlucht bij Allah tegen alle kwellingen, zichtbaar of verborgen.” Zij zeiden: “Wij zoeken onze toevlucht bij Allah tegen alle kwellingen, zichtbaar of verborgen.” Hij zei: “Zoek toevlucht bij Allah tegen de kwelling van al-A’war ad-Dadjaal (de valse messias, de antichrist).” Zij zeiden: “Wij zoeken onze toevlucht wat betreft de vreugde van het graf, die de gelovigen is geschonken. (Overgeleverd door Moeslim.)

Allah (Glorieus en Verheven is Hij) zegt (Nederlandstalige interpretatie): “Waarlijk, degenen die zeggen: ‘Onze Heer is Allah,’ (en) vervolgens zijn zij standvastig, over hen zullen de engelen neerdalen (op het moment van hun dood) (zeggende): ‘Vrees niet (wat je in het Hiernamaals zult tegenkomen) en treur niet (over wat je in de wereld achtergelaten hebt) en ontvang het goede nieuws over het Paradijs (de eeuwige Tuinen van gelukzaligheid) dat aan jullie beloofd is!’” [Soerat Foessilat (41), aayah 30.]

“Waarom (grijpen jullie) dan niet (in) wanneer (de ziel van een stervende persoon) de keel bereikt!? Terwijl jullie op dat moment toekijken (hoe die persoon sterft). En (weet dat) Wij (d.w.z. Onze engelen die de ziel nemen) dichter bij hem zijn dan jullie, maar jullie zien (hen) niet. Waarom dan, als jullie (werkelijk geloven dat jullie) zonder schuld zijn (geen verantwoording verschuldigd zijn), brengen jullie haar (de ziel) niet terug (naar het lichaam), indien jullie oprechten zijn!? Als hij (de overleden persoon) dan behoort tot de nabijen. (Voor hem is er) dan rawh’ (rust, vreugde, genade) en rayh’aan (een rustplaats, verrukkingen, voorzieningen) en Tuinen van welbehagen (het Paradijs).” [Soerat al-Waaqie’ah (56), aayah 83-89.]

Al-Baraa-e ibn ‘Aazib heeft overgeleverd dat de profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) over de gelovige heeft gezegd, nadat hij ondervraagd is door de engelen in het graf (over de Heer, de religie en de boodschapper die hij volgde) en nadat hij geantwoord heeft (zeggende dat zijn Heer Allah is, zijn religie de Islaam en zijn boodschapper Moh’ammed) (Nederlandstalige interpretatie): “Een roeper vanuit de hemel zal dan zeggen: ‘Mijn dienaar heeft de waarheid gesproken. Voorzie hem (zijn graf) daarom van het Paradijs, kleed hem van het Paradijs en open voor hem een deur naar het Paradijs.’” Vervolgens zei hij (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem): “Hij zal er rust en parfum van ontvangen. Zijn graf zal voor hem vergroot worden zover zijn blik reikt.” (Ah’med en Aboe Dawoed.)

 

Belang van het geloof in de Laatste Dag

Het verlangen om oprechte en goede daden te verrichten, om de goede resultaten van de Dag des Oordeels te verkrijgen.

De angst voor het begaan en het goedkeuren van slechte daden, de kwelling van de Dag des Oordeels vrezend.

De gelovige voelt dat zijn geloof ervoor zorgt dat hij de hardheid die hij in deze wereld moet ondergaan vergeet. Hij is geheel in beslag genomen door het werken in rechtschapenheid om zo de vreugde en goede beloningen van de Laatste Dag te verkrijgen. Sommige ongelovigen verwerpen het idee van leven na de dood, door te zeggen dat dit niet mogelijk is. Deze bewering is vals. Religie, de zintuigen en het verstand worden gebruikt om deze bewering te weerleggen. Wat de religie betreft, Allah (Glorieus en Verheven is Hij) zegt (Nederlandstalige interpretatie): “Degenen die ongelovig zijn beweren dat zij niet zullen worden opgewekt (voor de verantwoording). Zeg (O Moh’ammed): ‘Jawel! Bij mijn Heer! Jullie zullen zeker worden opgewekt. Vervolgens zullen jullie geïnformeerd worden over wat jullie deden. En dat is voor Allah gemakkelijk.’” [Soerat at-Taghaaboen (64), aayah 7.]

Alle Geschriften zijn het eens met deze zaak. Wat de zintuigen betreft, Allah (Glorieus en Verheven is Hij) toont Zijn dienaren hoe Hij de doden opwekt in dit leven. In soerat al-Baqarah (hoofdstuk twee van de Qor-aan) noemt Allah vijf voorbeelden:

1.) Het volk van Mozes (vrede zij met hem) zei tegen hem: “…O Moesaa (Mozes)! Wij zullen jou nooit geloven totdat wij Allah duidelijk zien…” Zij werden door de dood gegrepen waarna Allah ze weer tot leven opwekte. Om de kinderen van Israël te doen herinneren aan dit verhaal, zegt Allah (Glorieus en Verheven is Hij) (Nederlandstalige interpretatie): “En gedenk toen jullie zeiden: ‘O Moesaa (Mozes)! Wij zullen jou nooit geloven totdat wij Allah duidelijk zien.’ Vervolgens nam de donderslag (#31) (bestraffing) jullie, terwijl jullie toekeken. Vervolgens wekten Wij jullie op na jullie dood, opdat jullie dankbaar zullen zijn.” [Soerat al-Baqarah (2), aayah 55-56.]

<<< (#31) Noot van uwkeuze.net. Lexicografen geven diverse interpretaties van dit woord (as-saa’iqah, hier vertaald als de donderslag), maar allen zijn het eens over het element van hevigheid en onverhoedsheid inherent daaraan (zie Lane IV, 1690). (The Message of the Qur’aan, Moh’ammed Asad.)>>>

2.) Het verhaal van de vermoorde man, over wie de Kinderen van Israël van mening verschilden betreffende de moordenaar. Allah gebood hen een koe te offeren en hem met een aantal delen (van de koe) te slaan, zodat hij hen kon vertellen wie hem had vermoord: “En gedenk (O nakomelingen van Israël) toen jullie een ziel (mens) doodden, vervolgens twistten jullie met elkaar hierover (#32), en Allah zal onthullen wat jullie (probeerden te) verbergen. Vervolgens zeiden Wij: ‘Sla hem [de dode man (#33)] met een deel van haar (de geslachte koe).’…” [Soerat al-Baqarah (2), aayah 72-73.]

<<< (#32) Noot van uwkeuze.net. Twisten over wie de dader was, zij beschuldigden elkaar over en weer.>>>

<<< (#33) Noot van uwkeuze.net. Opdat hij kon opstaan en aanwijzen wie hem doodde, als een wonder van Allah de Almachtige.>>>

3.) Het verhaal van het volk dat hun land ontvluchtte uit angst om gedood te worden door hun vijanden, hoewel hun aantallen uit duizenden bestond. Allah (Glorieus en Verheven is Hij) deed de dood hen achterhalen en wekte ze daarna weer tot leven: “Heb jij (O Moh’ammed) niet vernomen over degenen die hun huizen verlieten terwijl zij met duizenden waren, op hun hoede voor de dood (i.v.m. een plaag)? Toen zei Allah tot hen: ‘Sterf!’ Vervolgens bracht Hij hen (weer) tot leven. Waarlijk, Allah is zeker de Begunstiger van de mensen, maar de meeste mensen zijn niet dankbaar.” [Soerat al-Baqarah (2), aayah 243.]

4.) Het verhaal van een man die voorbij een dorp liep waarin alle inwoners gestorven waren. Hij kon zich niet voorstellen dat Allah (Glorieus en Verheven is Hij) hen tot leven kon wekken. Allah deed hem sterven voor honderd jaar en wekte hem toen op uit de dood: “Of als degene (#34) die een stad passeerde terwijl zij onbewoond en geruïneerd was. Hij zei: ‘Hoe kan Allah dit tot leven brengen na haar dood (#35)!?’ Toen liet Allah hem voor honderd jaar dood zijn, vervolgens deed Hij hem herrijzen. (#36) Hij (Allah) zei: ‘Hoe lang bleef jij (dood)?’ Hij (de man) zei: ‘(Misschien) bleef ik (dood) een dag of een deel van een dag.’ (#37) Hij (Allah) zei: ‘Nee, jij bleef honderd jaar (dood), kijk dan naar jouw eten en jouw drank, zij zijn niet veranderd (bedorven); en kijk naar jouw ezel! En zo zullen Wij jou tot een teken voor de mensen maken (dat de Opstanding plaats zal vinden). En kijk naar de botten (van jouw ezel), hoe Wij ze verzamelen en in elkaar zetten en vervolgens met vlees bedekken.’ Toen dit duidelijk werd voor hem, zei hij: ‘Ik weet (nu) dat Allah over alle zaken Almachtig is.’” [Soerat al-Baqarah (2), aayah 259.]

<<< (#34) Noot van uwkeuze.net. Ibn Abie H’aatim verhaalde dat ‘Aliy ibn Abie Taalib (moge Allah tevreden zijn met hem) zei dat dit vers verwijst naar ‘Oezayr (Ezra). Ibn Djarier en Ibn Abie H’aatim leverde dit ook over van Ibn ‘Abbaas, al-H’asan, Qataadah, as-Soeddie en Soelaymaan ibn Boeraydah. Moedjahid ibn Djabr zei dat dit vers verwijst naar een man van Banie Israa-iel, en het dorp was Jeruzalem, nadat Nebuchadnezzar het vernietigd had en de bewoners gedood had. (Tefsier Ibn Kethier.)>>>

<<< (#35) Noot van uwkeuze.net. Vanwege de absolute vernietiging die hij zag en de onwaarschijnlijkheid dat deze ruïnes weer hersteld kunnen worden. De stad werd 70 jaar nadat de man (‘Oezayr) overleed herbouwd en de bewoners namen toe en Banie Israa-iel keerde naar de stad terug. (Tefsier Ibn Kethier.)>>>

<<< (#36) Noot van uwkeuze.net. Toen Allah de Almachtige ‘Oezayr deed herrijzen nadat hij overleden was, schiep hij als eerste zijn ogen zodat hij kon getuigen van wat Allah deed met hem, hoe Hij leven terugbracht naar zijn lichaam. (Tefsier Ibn Kethier.)>>>

<<< (#37) Noot van uwkeuze.net. De geleerden zeggen dat aangezien de man overleed aan het begin van de dag en Allah hem deed herrijzen aan het einde van de dag, de man dacht – toen hij zag dat de zon nog steeds daar was – dat dat de zon van diezelfde dag was. (Tefsier Ibn Kethier.)>>> (Klik op onderstaande afbeelding om het vergroot weer te geven. Gebruik de afbeelding voor da’wah.)

 

Daden atoom

 

5.) Het verhaal van Ibraahiem (Abraham – vrede zij met hem), die Allah vroeg hem te tonen hoe Hij de doden doet herleven. Allah (Glorieus en Verheven is Hij) gebood hem vier vogels te doden, ze in stukken te snijden en vervolgens te verdelen over de omgeven bergen. Hij zei hem dat hij de dode vogels bij zich moest roepen, en dat deed hij. Deze stukken werden verzameld (door Allahs Macht) en de vogels kwamen weer levend bij Ibraahiem (vrede zij met hem). Allah (Glorieus en Verheven is Hij) zegt (Nederlandstalige interpretatie): “En gedenk toen Ibraahiem (Abraham) zei: ‘Mijn Heer, toon mij hoe U de doden tot leven brengt.’ Hij (Allah) zei: ‘Geloof jij niet?’ Hij (Ibraahiem) zei: ‘Jawel (ik geloof), maar om mijn hart gerust te stellen.’ Hij (Allah) zei: ‘Neem dan vier vogels, richt hen dan tot jou (snijd ze vervolgens in stukken), plaats vervolgens op elke berg een stuk van hen, roep hen vervolgens, zij zullen met spoed tot jou komen (met de Toestemming van Allah). En weet dat Allah Almachtig, Alwijs is.’” [Soerat al-Baqarah (2), aayah 260.]

Dit zijn vijf voorbeelden van gebeurtenissen die plaats hebben gevonden. Zij bewijzen dat het opwekken van de doden door Allahs Wil kan geschieden. Wat het verstand betreft, er zijn twee manieren waarop deze op de juiste wijze gebruikt kunnen worden om zo de verrijzenis van de doden te bevestigen:

1.) Allah is Degene Die de schepping van de hemelen en de aarde begonnen is. Degene Die in staat is om de schepping te starten is tevens in staat om het te herhalen. Allah (Glorieus en Verheven is Hij) zegt (Nederlandstalige interpretatie): “En Hij is Degene Die de schepping begint, vervolgens herhaalt Hij deze en dit is makkelijker voor Hem…” [Soerat ar-Roem (30), aayah 27.]

“(Gedenk) de Dag wanneer Wij de hemel zullen oprollen zoals het oprollen van een blad met hetgeen daarin genoteerd staat. Zoals Wij de eerste schepping begonnen, zullen Wij deze herhalen, een belofte die Wij vervullen. Waarlijk, Wij zullen dit doen.” [Soerat al-Anbiyaa-e (21), aayah 104.]

En de persoon die ontkende dat Allah leven zal geven aan de beenderen wanneer deze zijn weggerot: “Zeg (O Moh’ammed): ‘Degene Die ze de eerste keer schiep zal ze doen leven. En Hij is over de volledige schepping Alwetend.’” [Soerat Yaa-e Sien (36), aayah 79.]

<<< Noot van uwkeuze.net. D.w.z. dat Hij weet wie waar overlijdt en waar zijn resten blijven. Imaam Ah’med leverde over dat Rib’iy zei: “‘Oeqbah ibn ‘Amr zei tegen Hoedzayfah (moge Allah tevreden zijn met hem): ‘Wil je ons niet iets vertellen wat jij hoorde van de boodschapper van Allah (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem)?’ Hij zei: ‘Ik hoorde hem zeggen (Nederlandstalige interpretatie): ‘De dood naderde een man en toen hij geen hoop meer had (om genezen te worden), zei hij tegen zijn familie: ‘Wanneer ik overlijd, sprokkel dan veel en sterk brandhout, steek het in brand totdat mijn vlees weggebrand is en het mijn botten bereikt en zij broos geworden zijn. Neem hen dan en vergruis ze en verspreid ze in de zee.’ Zo deden zij, maar Allah verzamelde hem en zei tegen hem: ‘Waarom deed jij dit?’ (En Hij weet dit op voorhand.) Hij zei: ‘Omdat ik U vreesde.’ Dus vergaf Allah hem.’’ ‘Oeqbah ibn ‘Amr zei: ‘Ik hoorde hem zeggen dat hij een persoon was die de mensen begroef.’” Vele versies van deze h’adieth zijn overgeleverd in de Sah’ieh’ayn (d.w.z. die van al-Boekhaarie en Moeslim.)>>>

2.) We kunnen zien dat de bodem uit kan drogen en dat de bomen en planten sterven. Wanneer Allah de regen neer zendt, herleeft de aarde (bodem) en planten van alle soorten groeien en worden groen. Degene Die de dode aarde doet herleven, is ook in staat om de doden te doen herleven. Allah de Verhevene zegt (Nederlandstalige interpretatie): “En tot Zijn tekenen behoort dat jij de droge aarde ziet. Als Wij dan het water (de regen) op haar neerzenden, beweegt zij en neemt zij toe (het brengt allerlei soorten gewassen en fruit voort). Waarlijk, Degene Die haar laat leven, laat zeker ook de doden leven (op de Dag der Opstanding). Waarlijk, Hij is over alle zaken Almachtig.” [Soerat Foessilat (41), aayah 39.]

“En Wij zonden uit de hemel gezegend water (regen) neer, waarna Wij daarmee tuinen lieten groeien en oogstbare granen. En hoge dadelpalmen met daaruit voortkomende dadeltrossen. Een voorziening voor (Allahs) dienaren. En Wij brengen daarmee dood land tot leven: zo zal de Opwekking zijn (van de doden).” [Soerat Qaaf (50), aayah 9-11.]

Sommige afgedwaalde mensen verwerpen straf of vreugde in het graf en beweren dat dit niet kan gebeuren. Zij beweren dat als iemand de doden opgraaft, hij het graf in de toestand zal vinden zoals het achtergelaten was en dat deze niet in omvang verandert. Deze bewering wordt door de sharie’ah, de zintuigen en het verstand verworpen. Wat de sharie’ah betreft, wij hebben voorheen al een aantal teksten hiervan genoemd. Deze teksten bevestigen de bestraffing of vreugde in het graf. Ibn ‘Abbaas (moge Allah tevreden zijn met hem) heeft gezegd: “De profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) passeerde een aantal ommuringen in al-Medienah. Hij hoorde geschreeuw van twee personen die in hun graf bestraft werden. De profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) noemde de redenen achter deze bestraffing (Nederlandstalige interpretatie): ‘Een van hen beschermde zichzelf (zijn kleren) niet tegen urine, de andere verspreidde tweedracht tussen mensen.’ (Overgeleverd door al-Boekhaarie.) Wat de zintuigen betreft weten wij, terwijl wij dromen, dat degene die slaapt ziet dat hij zich vermaakt in een reusachtige ruimte of dat hij pijn voelt, omdat hij in een kleine ruimte wordt samengeperst.

Soms wordt iemands slaap onderbroken vanwege zulke nachtmerries. Hij bevindt zich echter nog steeds in zijn bed. Slapen is te vergelijken met sterven. Allah (Glorieus en Verheven is Hij) zegt (Nederlandstalige interpretatie): “Allah neemt de zielen (van degenen) op het moment van hun sterven en (van degenen) die niet sterven in hun slaap. Dan houdt Hij (de zielen) voor wie Hij de dood besloten heeft en zendt Hij de overigen (terug) tot een (door Hem) vastgestelde termijn. Waarlijk, daarin zijn zeker tekenen voor een volk dat nadenkt.” [Soerat az-Zoemar (39), aayah 42.]

Wat het verstand betreft, soms ziet iemand dromen die later misschien in het echte leven kunnen gebeuren. Sommige moslims kunnen de profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) in hun droom zien. Eenieder die de profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) ziet in de gedaante zoals hij in de boeken van ah’aadieth (overleveringen) wordt beschreven, heeft de waarheid gesproken wat betreft het feit dat hij hem gezien heeft. Dit gebeurt terwijl men zich nog steeds in zijn bed bevindt. Als dit het geval is in dit materiële leven, hoe zit het dan met zaken van het andere leven? Wat betreft hun bewering dat wanneer iemand een dode op zou graven, hij geen sporen van een abnormale verandering, noch in het lichaam noch in het graf zelf waarneemt, zeggen wij hierover het volgende:

1.) De sharie’ah kan niet worden verworpen door afhankelijk te zijn van deze twijfels. Deze twijfels kunnen gemakkelijk weerlegd worden, op voorwaarde dat men het verstand gebruikt. Er bestaat een bekend gezegde: “Er zijn velen die de waarheid verwerpen, terwijl het probleem bij hun beperkte begrip ligt.”

2.) Het leven in het graf is een aspect van het onwaarneembare (al-ghayb). De zintuigen kunnen het onwaarneembare niet onthullen. Indien aspecten van het onwaarneembare door de zintuigen onthuld zouden worden, dan zou het doel van geloof in het onwaarneembare niet bereikt worden. En dan zouden de gelovigen gelijk zijn aan de ongelovigen, omdat zij dan het “onwaarneembare” geloven en waarnemen (voelen).

3.) Slechts de doden voelen de bestraffing of vreugde in het graf, net zoals een persoon die droomt de enige is die de pijn van het samengeperst worden in een smalle ruimte of de vreugde van het zich bevinden in een open ruimte ervaart. Anderen voelen niet hetzelfde als degene die deze dromen ervaart terwijl hij zich nog steeds in zijn bed bevindt. De profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) was gewoon om openbaringen te ontvangen terwijl hij zich onder zijn metgezellen bevond, terwijl zij de openbaring niet konden horen. Soms kwam de engel (vrede zij met hem) in de gedaante van een onzichtbare man. De metgezellen (moge Allah tevreden zijn met hen) zagen de engel niet, terwijl deze de openbaring aan de boodschapper (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) overbracht.

4.) Mensen hebben maar een beperkt begrip en inzicht in het universum. Zij begrijpen alleen datgene wat Allah hen aan begripsvermogen heeft gegeven. Zij begrijpen niet alles van het bestaan. De zeven hemelen, de aarde en al hetgeen zich hierin bevindt, prijzen Allah (Glorieus en Verheven is Hij). Soms geeft Allah sommige van Zijn schepsels het vermogen om zulk lof aan te horen. Allah de Verhevene zegt (Nederlandstalige interpretatie): “De zeven hemelen en de aarde en wie zich daarin bevinden verheerlijken Hem en er is niets of het verheerlijkt Hem (met de tong of anderszins) met de lof die Hem toekomt (#38), maar jullie begrijpen hun verheerlijking niet. Waarlijk, Hij is Verdraagzaam, Vergevensgezind.” [Soerat al-Israa-e (17), aayah 44.]

<<< (#38) Noot van uwkeuze.net. Imaam Ah’med leverde over dat Moe’aadz ibn Anas zei dat de boodschapper van Allah (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) enkele mensen aantrof die zaten op hun rijdieren terwijl zij met elkaar aan het praten waren. Hij zei tegen hen (Nederlandstalige interpretatie): “Berijd hen veilig, vervolgens verlaat hen veilig. Gebruik ze niet als stoelen voor jullie om gesprekken te voeren op de straten en marktplaatsen, want degene die bereden wordt kan beter zijn dan degene die hem berijdt, en hij gedenkt Allah misschien meer dan hij dat doet.” (Tefsier Ibn Kethier.)>>>

Ook duivels en djinn [vaak vertaald als geesten: voor de mens onzichtbare schepsels geschapen door Allah van rookloos vuur, zoals mensen van aarde en engelen van licht (zie het artikel De wereld van de djinn)] lopen op aarde rond. De djinn kwamen bij de boodschapper (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) en luisterden naar zijn recitatie van de Qor-aan. Toen hij klaar was keerden zij terug naar hun volk om de boodschap aan hen mede te delen. Deze schepping bevindt zich echter buiten het bereik van het menselijk verstand: “O nakomelingen van Aadam (Adam)! Laat de satan (de duivel, Iblies) jullie niet misleiden, zoals hij jullie ouders (Adam en Eva) heeft verdreven uit het Paradijs. Hij verwijderde hun kleding van hen om hen hun schaamdelen te tonen. Waarlijk, hij en zijn stam (zijn aanhangers/soldaten van de djinn) zien jullie van waar jullie hen niet kunnen zien. Waarlijk, Wij maakten de duivels awliyaa-e (beschermers en helpers) voor degenen die niet geloven.” [Soerat al-A’raaf (7), aayah 27.]

Ook al kunnen de mensen niet alle schepselen waarnemen, toch mogen zij het onwaarneembare dat vastgesteld is niet ontkennen.

 


6.) Geloof in het lot

Zie ook H’adieth 4 (De voorbeschikking) en H’adieth 19 (Waak over de voorschriften van Allah) van De veertig ah’aadieth van an-Nawawie voor meer informatie over al-qadar.

Al-Qadar is Allahs voorbeschikking (het lot) van alles en iedereen, volgens Zijn Kennis en Wijsheid.

<<< Noot van uwkeuze.net. Allah de Verhevene zegt (Nederlandstalige interpretatie): “Waarlijk, Wij hebben alle dingen met qadar (goddelijke voorbeschikking) geschapen.” [Soerat al-Qamar (54), aayah 49.] De schepping van Allah is niet lukraak, maar met goddelijke voorbeschikking van alle dingen vóór hun schepping, zoals dat geschreven staat in het Boek der Besluiten – al-Lawh’oel-Mah’foedhz.

Al-Qadar (of al-qadaa-e) is het lot, de lotsbestemming, de goddelijke voorbeschikking. Niets gebeurt tegen de Wil van Allah, maar vele dingen kunnen gebeuren tegen Zijn goedkeuring. De boodschapper van Allah (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) heeft ons verboden om ons te veel te verdiepen in het lot. Imaam Ah’med leverde over van ‘Amr ibn Shoe’ayb van zijn vader van zijn opa, dat hij zei: “De boodschapper van Allah (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) kwam op een dag naar buiten terwijl de mensen aan het praten waren over al-qadar. Hij (de opa van ‘Amr ibn Shoe’ayb) zei: ‘Het was net of er uit woede een granaatappel in zijn gezicht uiteen was gespat.’ Hij (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) zei tegen hen (Nederlandstalige interpretatie): ‘Wat is er met jullie, dat jullie het Boek van Allah tegen het Boek van Allah gooien? Hierdoor zijn degenen vóór jullie vernietigd.’” (Zie al-Fath’ ar-Rabbaaniey, boek 1, blz. 142; Soenan Ibn Maadjah, boek 1, blz. 33.)

Er kwam een man naar ‘Aliy (moge Allah tevreden zijn met hem) om hem te vragen over al-qadar en hij antwoordde: “Een duistere weg die je niet moet bewandelen.” De man zei: “Vertel me iets over al-qadar?” ‘Aliy (moge Allah tevreden zijn met hem) zei: “Een diepe zee, betreed deze niet.” De man zei: “Vertel me iets over al-qadar.” ‘Aliy zei: “Het is een geheim wat aan Allah toebehoort, belast jezelf niet hiermee.” (Taysier al-‘Aziez al-H’amied, blz. 620; al-‘Aqaa-ied al-Islaamiyyah van Sayyied Saabiq, blz. 99; as-Sharie’ah van al-Aadjoeriey, blz. 212.)

Imaam Ah’med leverde over dat ‘Abdoellaah ibn ‘Oemar (moge Allah tevreden zijn met vader en zoon) zei dat de boodschapper van Allah (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) zei (Nederlandstalige interpretatie): “Alles is vooraf bepaald, zelfs luiheid en intelligentie.” (Moeslim leverde deze h’adieth over d.m.v. een keten van overleveraars via imaam Maalik.)

Er is ook een authentieke h’adieth waarin de boodschapper van Allah (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) zei (Nederlandstalige interpretatie): “Zoek de hulp van Allah en zwicht niet voor zwakheid. En wanneer een kwelling jou treft, zeg dan: ‘Allah heeft dit verordend en Hij doet wat Hij wil (qadar Allaahoe wa maa shaafaa-aal).’ Zeg niet: ‘Als ik dit of dat maar had gedaan, dan zou dit of dat mij niet overkomen zijn,’ want ‘als’ opent de deur wagenwijd voor het werk van as-shaytaan (de satan).” (Klik op onderstaande afbeelding om het vergroot weer te geven. Gebruik de afbeelding voor da’wah.)

 

Oceaan druppel

 

Imaam Ah’med leverde over dat ‘Oebaadah ibn al-Walied ibn ‘Oebaadah zei dat zijn vader tegen hem zei: “Ik ging naar ‘Oebaadah toen hij ziek was en ik dacht dat hij zou sterven, dus zei ik: ‘O mijn vader! Adviseer ons en probeer dit op de beste manier te doen.’ Hij zei: ‘Help me om te zitten.’ Nadat hij geholpen was, zei hij: ‘O mijn zoon! Weet dat jij het genot van geloof niet zult proeven of ware kennis over Allah zult verwerven totdat jij gelooft in al-qadar, de goede en de niet zo goede dingen daarvan.’ Ik vroeg: ‘O mijn vader! Hoe kan ik al-qadar kennen (of er in geloven), de goede en de niet zo goede dingen daarvan.’ Hij zei: ‘Als je weet dat wat jou gemist heeft nooit tot jou had kunnen komen, en dat wat jou overkomen is jou nooit had kunnen missen. O mijn zoon! Ik hoorde de boodschapper van Allah (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) zeggen (Nederlandstalige interpretatie): ‘Het eerste dat Allah schiep was de Pen. Onmiddellijk daarna beval Hij: ‘Noteer!,’ en de Pen noteerde alles dat zal gebeuren tot aan de Dag der Opstanding.’ O mijn zoon! Als je sterft zonder dit geloof, zul je het Hellevuur binnengaan.’”>>>

 

Het geloof in al-qadar bevat vier zaken

1.) Het geloof dat de Kennis van Allah alles omvat, elke zaak, groot en klein, het verleden en de toekomst en alles wat er in dit universum gebeurt. De Kennis van Allah omvat al Zijn Handelingen en de handelingen die door Zijn dienaren verricht worden.

2.) Geloven dat Allah (Glorieus en Verheven is Hij) alles in een Boek heeft genoteerd, namelijk al-Lawh’oel-Mah’foedhz.

<<< Noot van uwkeuze.net. Al-Lawh’oel-Mah’foedhz: het Bewaarde/Beschermde Boek, het Boek der Besluiten. Dit is het Boek waar alle Boeken die naar de profeten gezonden zijn aan ontleend zijn (zie o.a. aayah 43:4). Allah de Verhevene heeft in dit Boek alles genoteerd en Hij houdt dit bij Zich.>>>

Allah de Verhevene zegt (Nederlandstalige interpretatie): “Weet jij niet dat Allah weet wat er in de hemel en de aarde is? Waarlijk, dat is in een Boek. Waarlijk, dat is gemakkelijk voor Allah.” [Soerat al-H’addj (22), aayah 70.]

‘Abdoellah ibn ‘Amr ibn al-‘Aas (moge Allah tevreden zijn met vader en zoon) heeft gezegd dat hij de boodschapper van Allah (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) heeft horen zeggen (Nederlandstalige interpretatie): “Allah heeft de lotbestemming van alle zaken die de schepping toebehoort vijftigduizend jaar voordat Hij de hemelen en de aarde schiep genoteerd.” (Overgeleverd door Moeslim.)

3.) Geloven dat niets, of dit nou betrekking heeft op Allahs Handelingen of de handelingen die door Zijn dienaren verricht worden, kan gebeuren zonder Zijn Toestemming. Allah de Verhevene zegt (Nederlandstalige interpretatie): “En jouw Heer schept wat Hij wil en Hij kiest; voor hen (de schepping) is er geen keuze (#39). Glorieus is Allah en Verheven boven hetgeen zij als deelgenoten toekennen.” [Soerat al-Qasas (28), aayah 68.]

<<< (#39) Noot van uwkeuze.net. Dit betekent niet dat de mens geen beperkte vrije wil heeft, maar dat alles gebeurt in overeenstemming met de Wil van Allah. Het volgende voorbeeld zal dit enigszins verduidelijken: een man loopt op straat achter een man die zijn portefeuille verliest. Dit is iets dat volgens het lot (al-qadr) van Allah plaatsvindt. Niemand heeft hier invloed op en het had niet voorkomen kunnen worden. Nu heeft de man die dit ziet verschillende keuzes: hij kan de man waarschuwen, maar hij kan er ook voor kiezen om niets te zeggen om vervolgens de portefeuille in zijn eigen zak te steken. Hij kan ook doen alsof er niets gebeurd is. Deze keuze is van hem en hij kiest uit zijn vrije wil. Allah laat dit gebeuren en Hij wist al wat de keuze van die man zou zijn voordat hij de keuze maakte.>>>

“…En Allah doet wat Hij wil.” [Soerat Ibraahiem (14), aayah 27.]

“Hij is Degene Die jullie vormt in de baarmoeders hoe Hij wil…” [Soerat Aal ‘Imraan (3), aayah 6.]

Wat betreft handelingen die door Zijn schepsels verricht worden, zegt Allah (Nederlandstalige interpretatie): “…En als Allah gewild had, had Hij hen over jullie laten heersen en dan jullie laten bestrijden…” [Soerat an-Nisaa-e (4), aayah 90.]

“…En als Allah gewild had, zouden zij dat niet gedaan hebben. Dus laat hen en wat zij verzinnen.” [Soerat al-An’aam (6), aayah 137.]

4.) Geloven dat Allah (Glorieus en Verheven is Hij) de gehele schepping, al hetgeen zij aan eigenschappen bezitten en al hun handelingen, heeft gecreëerd: “Allah is de Schepper van alle dingen en Hij is over alle dingen Wakiel (Gevolmachtigd, Toezichthouder, Bepaler van de kwesties).” [Soerat az-Zoemar (39), aayah 62.]

“…en Hij schiep alles waarna Hij deze volgens een vastgestelde beschikking verordende.” [Soerat al-Foerqaan (25), aayah 2.]

Ook Ibraahiem (vrede zij met hem) zei tegen zijn volk, zoals in de Qor-aan wordt genoemd (Nederlandstalige interpretatie): “Terwijl Allah jullie én wat jullie maken geschapen heeft!” [Soerat as-Saaffaat (37), aayah 96.]

Geloven in al-qadar zoals boven is beschreven, betekent niet dat mensen geen macht hebben over de handelingen die zij kiezen. De islamitische sharie’ah en de realiteit bevestigen dat een persoon een eigen wil heeft. Wat de sharie’ah betreft, Allah zegt over iemands eigen wil (Nederlandstalige interpretatie): “Dus wie wil, laat hem een terugkeer naar zijn Heer nastreven (door Hem te gehoorzamen in dit wereldse leven).” [Soerat an-Naba-e (78), aayah 39.]

“…kom tot jullie akkerland hoe jullie willen…” [Soerat al-Baqarah (2), aayah 223.]

Wat betreft iemands macht over zijn handelingen: “Dus vrees Allah zo veel als jullie kunnen en luister en gehoorzaam en geef uit (in liefdadigheid); dat is beter voor jullie zielen. En wie wordt beschermd tegen zijn eigen hebzucht, zij zijn dan de succesvollen.” [Soerat at-Taghaaboen (64), aayah 16.]

“…Onze Heer! Belast ons niet met datgene waarvoor wij geen vermogen hebben (om te dragen) en scheld onze zonden kwijt en vergeef ons en wees ons genadig. U bent onze Mawlaa (Heer, Helper en Beschermer) en schenk ons de overwinning over het ongelovige volk.” [Soerat al-Baqarah (2), aayah 286.]

Wat de realiteit van zaken betreft, elk mens weet dat hij een eigen macht en wil heeft. Hij gebruikt zijn macht en wil om zich over te geven aan handelingen, of deze naar keuze te vermijden.

Mensen maken onderscheid tussen dat wat zij door hun eigen wil doen en datgene waar zij geen macht over bezitten, zoals rillen als gevolg van ziekte of extreme kou. De macht en wil van de mens is echter wel onder toezicht van Allahs Wil en Macht: “Voor degene onder jullie die leiding wil volgen. En jullie kunnen het niet willen tenzij Allah dat wil (want Hij weet wie het verdient om geleid te worden), de Heer van al-‘aalamien (de werelden).” [Soerat at-Tekwier (81), aayah 28-29.]

<<< Noot van uwkeuze.net. Aayah 81:28 verwijst naar de vrije wil en verantwoordelijkheid van de mens, aayah 81:29 naar de beperkingen.>>>

Het universum is het eigendom van Allah en niets gebeurd in Zijn Koninkrijk zonder Zijn Kennis en Zijn Toestemming. Geloof in al-qadar, zoals boven is toegelicht, kan geen excuus zijn voor mensen om te zondigen of na te laten wat zij verplicht waren te doen. Dit excuus kan worden afgewezen door de volgende argumenten:

1.) Allah (Glorieus en Verheven is Hij) zegt (Nederlandstalige interpretatie): “Degenen die deelgenoten toekenden (aan Allah) zullen zeggen: ‘Als Allah gewild had, hadden wij geen deelgenoten toegekend (shirk, afgoderij), noch onze vaders, en zouden wij niets verboden hebben (tegen Zijn Wil).’ (#40) Eveneens loochenden degenen die vóór hen waren (zij ontkenden de boodschappers van Allah), totdat zij Onze bestraffing proefden. Zeg: ‘Hebben jullie enige kennis (bewijs) dat jullie aan Ons kunnen tonen (of volgen jullie slechts ijdele hoop en begeerten)? Waarlijk, jullie volgen niets behalve vermoedens en jullie doen niets behalve liegen.’” [Soerat al-An’aam (6), aayah 148.]

<<< (#40) Noot van uwkeuze.net. Dit excuus is niet gebaseerd op kennis, maar op vermoedens en giswerk. Hun hele argument is gebaseerd op wat men anderen heeft horen zeggen over de Wil van Allah, terwijl zij de betekenis van ‘de Wil van Allah’ niet werkelijk begrijpen.>>>

De ongelovigen hadden geen geldig excuus toen zij zeiden dat hetgeen zij deden volgens al-qadar was. Indien dit excuus geldig zou zijn, waarom zou Allah (Glorieus en Verheven is Hij) ze dan straffen voor hun zonden?

2.) Allah (Glorieus en Verheven is Hij) zegt (Nederlandstalige interpretatie): “(Wij zonden) boodschappers als aankondigers van goed nieuws (betreffende het Paradijs) en als waarschuwers (betreffende de Hel) zodat de mensheid geen excuus tegenover Allah zal hebben na (het zenden van) de boodschappers. En Allah is Almachtig, Alwijs.” [Soerat an-Nisaa-e (4), aayah 165.]

Het zenden van boodschappers vond ook plaats volgens al-qadar. Dit is de reden waarom de ongelovigen al-qadar niet kunnen gebruiken als een excuus voor het niet geloven, omdat al-qadar hen heeft voorzien van de bedoeling om de straf van Allah te ontkomen door Zijn boodschappers te volgen.

3.) Aliy ibn Abie Taalib (moge Allah tevreden zijn met hem) heeft gezegd dat de profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) zei (Nederlandstalige interpretatie): “Iemands uiteindelijke bestemming, de Hel of het Paradijs, is al bepaald voor eenieder van jullie.” Een man zei: “Moeten we hierop vertrouwen (m.a.w. het verrichten van goede daden opgeven), O boodschapper van Allah?” Hij zei: “Nee, verricht daden, omdat iedereen geholpen zal worden (om op zijn pad te gaan waarvoor hij gekozen heeft en zo zijn bestemming zal bereiken).” Daarna reciteerde hij (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) de aayah (Nederlandstalige interpretatie): “Wat betreft degene die gaf (in liefdadigheid) en (Allah) vreesde (en daardoor zijn verplichtingen tegenover Hem nakwam).” [Soerat al-Layl (92), aayah 5.] (De h’adieth is overgeleverd door al-Boekhaarie en Moeslim: deze bewoording is van al-Boekhaarie.)

De overlevering van Moeslim van deze h’adieth is (Nederlandstalige interpretatie): “Allen zullen geholpen worden om hetgeen te volbrengen waarvoor zij geschapen zijn.” De profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) gebood zijn metgezellen om oprechte, goede daden te verrichten en niet (louter) op al-qadar te vertrouwen. (Klik op onderstaande afbeelding om het vergroot weer te geven. Gebruik de afbeelding voor da’wah.)

 

Wij behoren aan Allah

 

4.) Allah (Glorieus en Verheven is Hij) deelt Zijn geboden en verboden aan Zijn dienaren mede en vereist niet van ze om iets te doen wat hun capaciteiten te boven gaat (Nederlandstalige interpretatie): “Dus vrees Allah zo veel als jullie kunnen…” [Soerat at-Taghaaboen (64), aayah 16.]

<<< Noot van uwkeuze.net. Aboe Hoerayrah (moge Allah tevreden zijn met hem) verhaalde dat de boodschapper van Allah (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) gezegd heeft (Nederlandstalige interpretatie): “Als ik jullie opdraag iets te doen, doe dat dan zo veel als jullie kunnen (volgens jullie vermogens). Als ik jullie iets verbied, mijd het dan.” (Overgeleverd in de twee Sah’ieh’s.)>>>

“Allah belast niemand behalve volgens zijn vermogen…” [Soerat al-Baqarah (2), aayah 286.]

Als de dienaar geen keuze zou hebben om een daad wel of niet te verrichten, dan zou hij zich niet kunnen ontdoen van deze handeling en dit is een onjuiste gedachte. Om deze reden vergeeft Allah zonden die vanwege onwetendheid, vergeetachtigheid of dwang begaan zijn.

5.) Al-Qadar is een kwestie van Allahs Kennis. Niemand is in staat zijn eigen qadar (lot) te onthullen, tenzij het al is gebeurd. Iemands intentie om een daad te verrichten gaat vooraf aan de handeling. Hij weet niet wat al-qadar voor hem achterhoudt. Daarom vormt al-qadar geen geldig excuus voor het zondigen of het nalaten van de geboden of het overtreden van de verboden.

6.) Men probeert altijd datgene te verkrijgen wat gemakkelijk voor hem is. Niemand met een gezond verstand zou datgene nalaten wat hem materieel voordeel zou brengen en zeggen dat al-qadar hem gedwongen heeft om deze weg van handeling te doorlopen. Waarom zou iemand dan al-qadar als een excuus gebruiken voor het nalaten van datgene wat hem voordeel brengt wat betreft religie en niet hetzelfde doen wat betreft het leven? Als een man een keuze zou moeten maken tussen twee landen waar hij naartoe zou moeten verhuizen, waarbij een van deze landen chaotisch is en vol incidenten van moord, plundering, verkrachting, onveiligheid en honger, zou hij dan voor dit land gekozen hebben? Of zou hij dan naar een ander land zijn gegaan dat veilig en betrouwbaar is, met een overvloed aan materieel genot, waar iemands eer, bezittingen en menselijke rechten beschermd worden?

Er bestaat geen twijfel dat deze man voor het tweede land zou hebben gekozen, waar hij veilig en wel zal zijn. Niemand met een gezond verstand zou ervoor gekozen hebben om naar het eerste land te gaan en beweren dat dit zijn qadar (lot) is. Waarom zou iemand daarom iets kiezen wat hem eerder in de Hel dan in het Paradijs zal doen eindigen in het Laatste Leven, en beweren dat dit zijn qadar is? Wanneer iemand ziek is en hem wordt een medicijn gegeven om in te nemen, dan zal hij het medicijn innemen, ook al vind hij de smaak ervan niet lekker. Wanneer iemand wordt gezegd om op dieet te gaan, dan zal hij niet datgene eten wat hij lekker vindt, om zo aan dit dieet te voldoen en om fit te blijven. Niemand met een gezond verstand zou geweigerd hebben om medicijnen in te nemen of op medisch dieet te gaan en beweren dat dit zijn qadar is. Waarom zou iemand dan het nakomen van de geboden en verboden van Allah en Zijn boodschapper (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) opgeven en dus Allahs Toorn over zich heen laten komen en beweren dat dit zijn qadar is?

7.) Als de eer en bezittingen van degene die de geboden nalaat en zich toegeeft aan zonden, aangevallen zou worden, zou hij dan het excuus van de aanvaller accepteren, als deze zou zeggen dat hij hem aangevallen heeft omdat dit zijn qadar is, en daarom daarvoor niet beschuldigd kan worden? Nee, inderdaad. Waarom weigert deze persoon dan al-qadar als een excuus voor wie hem aangevallen heeft, terwijl hij vertrouwt op al-qadar als een excuus voor het opgeven van Allahs rechten op hem? Er is overgeleverd dat een man bij ‘Oemar ibn al-Khattaab (moge Allah tevreden zijn met hem) werd gebracht, die betrapt werd op diefstal. ‘Oemar gebood dat de hand van deze man eraf gehakt moest worden. De man zei: “Wacht, O leider der gelovigen! Ik heb slechts gestolen omdat dit de qadar van Allah was.” ‘Oemar zei: “En wij zullen jouw hand er slechts af hakken omdat dit de qadar van Allah is.”

 

Belang van het geloof in al-qadar

1.) Alleen op Allah (Glorieus en Verheven is Hij) te vertrouwen wanneer men zich toegeeft aan een bepaalde handeling. Het nemen van noodzakelijke voorzorgsmaatregelen is niet de oorzaak van iemands succes in de voorgenomen daden. Alle zaken bevinden zich volledig onder toezicht van de qadar van Allah.

2.) Wanneer iemand succes heeft bij het verrichten van een handeling, dient hij niet trots te zijn op zichzelf. Alle goede daden worden met succes verricht vanwege Allahs gunst, omdat Hij geboden heeft dat deze zaak succesvol moest verlopen. Trotsheid zorgt ervoor dat men vergeet Allah te danken, omdat Hij hem toestemming heeft verleend om deze daad met succes te verrichten.

3.) Geloven in al-qadar zorgt ervoor dat men zich tevreden, veilig en wel voelt. Alle incidenten die een persoon overkomen, zijn het resultaat van de qadar van Allah de Almachtige. Men dient zich niet akelig te voelen vanwege het verlies van iets of omdat hij niet heeft gekregen wat hij wil. Dit alles gebeurd volgens de qadar van Allah.

Allah de Verhevene is de Koning en Heer van de hemelen en aarde en Zijn qadar zal precies volgens Zijn Wil verlopen: “Geen calamiteit treft de aarde (zoals droogte), noch jullie zelf (zoals ziekte), of het staat in een Boek (al-Lawh’oel-Mah’foedhz) voordat Wij het tot bestaan brengen. Waarlijk, dat is gemakkelijk voor Allah. Zodat jullie niet zullen treuren over hetgeen jullie (aan goeds) mislopen, noch blij zullen zijn met hetgeen Hij jullie (aan goeds) heeft gegeven. En Allah houdt van geen enkele hoogmoedige opschepper.” [Soerat al-H’adied (57), aayah 22-23.]

<<< Noot van uwkeuze.net. ‘Ikrimah zei: “Iedereen van ons voelt blijheid en verdriet. Maar laat jouw blijheid vergezeld gaan met dankbaarheid en doorsta jouw verdriet met geduld.” (Tefsier Ibn Kethier.)>>>

De profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) heeft gezegd (Nederlandstalige interpretatie): “Tevredenheid is de zaak van de gelovige. Voor hem is er in al zijn zaken goeds en dit is slechts voor de gelovige. Als hem iets plezierigs overkomt dan is hij dankbaar en dat is goed voor hem; en als hem iets onplezierigs overkomt dan is hij geduldig en dat is goed voor hem.” (Overgeleverd Moeslim.)

Twee groepen verkeren in dwaling met betrekking tot al-qadar:

Al-Djabrieyyah: deze sekte beweert dat een persoon gedwongen wordt om datgene te doen wat hij doet, en geen eigen macht of wil heeft.

Al-Qadarieyyah: zij beweren dat een persoon een wil en macht heeft dat onafhankelijk is van Allahs Wil en Macht.

De sharie’ah en de realiteit weerleggen de eerste groep, al-Djabrieyyah. Wat de sharie’ah betreft, Allah (Glorieus en Verheven is Hij) bevestigt dat mensen een eigen wil en macht hebben (Nederlandstalige interpretatie): “…Onder jullie zijn er die het wereldse willen en onder jullie zijn er die het Hiernamaals willen…” [Soerat Aal ‘Imraan (3), aayah 152.]

“En zeg (O Moh’ammed): ‘De waarheid is van jullie Heer.’ Dus eenieder die wil, laat hem dan geloven; en eenieder die wil, laat hem dan ongelovig zijn (eenieder is verantwoordelijk voor zijn keuze). Waarlijk, Wij hebben voor de onrechtplegers een Vuur (de Hel) voorbereid wiens muren hen zullen omringen…” [Soerat al-Kahf (18), aayah 29.]

“Wie rechtschapen handelt, dat is dan voor zichzelf (in zijn voordeel); en wie kwaad doet, dat is dan tegen zichzelf (in zijn nadeel). En jouw Heer is niet onrechtvaardig jegens de (Zijn) dienaren (want Hij zond Boeken en boodschappers en gaf hen vele kansen om berouw te tonen).” [Soerat Foessilat (41), aayah 46.]

Wat de realiteit betreft, iedereen weet het verschil tussen handelingen zoals eten, drinken, verkopen en kopen, en tussen hetgeen hun macht te boven gaat, zoals bijvoorbeeld rillen en per ongeluk van het dak af vallen. Het eerste type handelingen komen van hem zelf. Hij heeft ze met zijn eigen wil gekozen door zijn macht te gebruiken. Het tweede type handelingen gaan zijn macht te boven.

De sharie’ah en het verstand weerleggen ook de tweede groep, al-Qadarieyyah. Allah de Verhevene heeft alles geschapen en niets gebeurd zonder Zijn Toestemming. Hij zegt dat alle handelingen die door Zijn dienaar verricht worden, door Zijn Wil gebeuren (Nederlandstalige interpretatie): “…En als Allah gewild had, hadden degenen na hen (na Moesaa en ‘Iesaa) niet tegen elkaar gestreden nadat de duidelijke bewijzen tot hen gekomen waren, maar zij redetwistten: sommige van hen geloofden en sommige van hen waren ongelovig. En als Allah gewild had, hadden zij niet tegen elkaar gestreden, maar Allah doet wat Hij wil.” [Soerat al-Baqarah (2), aayah 253.]

“En als Wij hadden gewild, zouden Wij zeker elke persoon zijn leiding gegeven hebben. Maar het Woord (bevel van de bestraffing) van Mij is bewaarheid dat Ik – bij Allah – de Hel zeker zal vullen met de djinn en de mensen tezamen.” [Soerat as-Sadjdah (32), aayah 13.]

Wat het verstand betreft, het universum is Allahs Koninkrijk en de mensheid vormt een gedeelte van dat Koninkrijk. Dus zijn alle mensen bezit van Allah. De dienaar zal niet in staat zijn iets te doen zonder dat zijn Heer, Allah de Verhevene, hem daarvoor Toestemming verleent.

Zie ook H’adieth 4 (De voorbeschikking) en H’adieth 19 (Waak over de voorschriften van Allah) van De veertig ah’aadieth van an-Nawawie voor meer informatie over al-qadar.

Einde.

(Klik op onderstaande afbeelding om het vergroot weer te geven. Gebruik de afbeelding voor da’wah.)

 

Moslim zijn

 

Relevante artikelen:

Algemene principes van Ahloes-Soennah wal-Djamaa’ah

De vijf zuilen van de Islam

Islamitisch monotheïsme

De Schone Namen van Allah, en de namen van de profeet Mohammed

Engelen (al-malaa-ikah)

Het aantal engelen bij iedere persoon en hun taken

De wereld van de djinn

Slaap – de kleine dood

Atheïsme (diverse artikelen)