De 10 dagen van Dzoe l-H’ieddjah, de ‘ied en het offer

Yawm al-‘Arafah ‘ied al-adhh’aaoedhh’ieyah
de drie dagen van at-tashrieq.

Dzoe l-H'iedjahDit artikel (vertaald door Aboe Sayfoullah al-Maghriebie) behandelt de voortreffelijkheden van de eerste 10 dagen van Dzoe l-H’ieddjah (herzien door zijne eminentie sheikh ‘Abdoellaah ibn ‘Abdoer-Rah’maan al-Djiebrien) en wordt afgesloten met de regels omtrent het offer (door zijne eminentie sheikh Moh’ammed ibn Saalih’ al-‘Oethaymien). (Zie ook het artikel Islamitische kalender.)

Alle lof zij Allah, de Rabb van de werelden, de prijzingen en vredeswensen over de leider van de boodschappers, voorts:

Wat tot de voortreffelijkheden en gunsten van Allah behoort, is dat Hij aan Zijn dienaren gelegenheden heeft bezorgd waarin zij oprechte daden vermeerderen. Tot deze gelegenheden behoren…

 

De eerste 10 dagen van Dzoe l-H’ieddjah

Over de voortreffelijkheden van deze dagen zijn de volgende bewijzen uit het Boek en de Soennah vermeld:

1.) Allah de Verhevene zegt (Nederlandstalige interpretatie): “Bij de dageraad. Bij de tien nachten.” [Soerat al-Fadjr (89), aayah 1-2.] Ibn Kethier (moge Allah hem genadig zijn) heeft gezegd: “Deze aayah impliceert de (eerste) tien dagen van Dzoe l-H’ieddjah, zoals Ibn ‘Abbaas, Ibn Djoebayr, Moedjaahied en anderen gezegd hebben. Hetzelfde is ook overgeleverd van al-Imaam al-Boekhaarie.

2.) In Sah’ieh’ al-Boekhaarie is overgeleverd, van Ibn ‘Abbaas (moge Allah tevreden over hem zijn), dat de profeet (vrede en zegeningen van Allah zijn met hem) gezegd heeft (Nederlandstalige interpretatie): “Er zijn geen dagen waarop rechtschapen daden meer geliefd zijn bij Allah dan deze dagen,” oftewel de (eerste) tien dagen van Dzoel-H’iedjah. Zij (zijn metgezellen – moge Allah tevreden over hen zijn) zeiden: “Zelfs niet de djihaad op de weg van Allah?” Hij antwoordde: “Zelfs niet de djihaad op de weg van Allah; behalve voor een man die weg gaat (op djihaad) met zijn bezittingen, maar hij keert niet terug met iets daarvan (leven en bezittingen).”

3.) Allah de Verhevene zegt (Nederlandstalige interpretatie): “…en zodat zij de Naam van Allah noemen gedurende bekende dagen…” [Soerat al-H’addj (22), aayah 28.] Ibn ‘Abbaas (moge Allah tevreden over hem zijn) heeft gezegd: “Dit zijn de tien dagen.” (Tefsier Ibn Kethier.)

4.) Ibnoe ‘Oemar (moge Allah tevreden over vader en zoon zijn) verhaalde dat de boodschapper van Allah (vrede en zegeningen van Allah zijn met hem) gezegd heeft (Nederlandstalige interpretatie): “Er zijn geen belangrijkere dagen bij Allah de Glorieuze en geen daden waarvan Hij meer houdt dan in deze 10 dagen. Vermeerder de tahliel [het zeggen van laa iellaaha iell-Allaah (er is geen God Die het recht heeft om aanbeden te worden behalve Allah)], de takbier [het zeggen van Allaahoe Akbar (Allah is het Grootst)] en de tah’mied [het zeggen van al-h’amdoeliellaah (de lof is voor Allah)] erin.” (Overgeleverd door Ah’med.)

5.) Toen de tien dagen Saa’ied ibnoe Djoebayr (#1) (moge Allah tevreden over hem zijn) bereikt hadden, verrichtte hij een grote inspanning tot hij niets meer aankon. (Overgeleverd door ad-Daarimie.)

<<<(#1) Noot van vertaler: degene die de vorige h’adieth van Ibnoe ‘Abbaas (moge Allah tevreden over hem zijn) heeft overgeleverd.>>>

6.) Ibn H’adjar heeft gezegd in al-Fath’: “Wat duidelijk is over de oorzaak van het feit dat de tien dagen van Dzoe l-H’ieddjah beter zijn dan andere dagen is dat de grote vormen van aanbidding erin plaatsvinden, en dit zijn het gebed, het vasten, liefdadigheid en de h’addj. Dit komt niet voor tijdens andere dagen.

 

Dzoe l-H'iedjah wp

 

Het is aangeraden om het volgende te doen tijdens deze dagen

– Het gebed. Het wordt aangeraden om vroegtijdig bij de gebeden aanwezig te zijn (in de moskee), en het is aangeraden om  vrijwillige gebeden te vermeerderen en dit is de beste vorm van aanbidding om dichter bij Allah te komen. Thawbaan (moge Allah tevreden over hem zijn) verhaalde: “Ik heb de boodschapper van Allah (vrede en zegeningen van Allah zijn met hem) horen zeggen (Nederlandstalige interpretatie): ‘Zorg voor het vermeerderen van de soedjoed voor Allah. Voorwaar, elke sadjdah die je verricht voor Allah zal je een rang opheffen en een zonde daarmee van je afnemen.’” (Overgeleverd door Moeslim.) Dit is mogelijk tijdens de gehele 10 dagen.

– Het vasten. Dit behoort tot de goede daden. Hoenaydah ibn Khaalid verhaalde van zijn vrouw via sommige van de vrouwen van de profeet (vrede en zegeningen van Allah zijn met hem) dat zij zeiden: “De boodschapper van Allah (vrede en zegeningen van Allah zijn met hem) vastte de 9de dag van Dzoe l-H’ieddjah (dit is de dag van ‘Arafah) en de dag van ‘Aashoeraa-e en drie dagen van elke maand.” (Overgeleverd door al-Imaam Ah’mad, Aboe Daawoed en an-Nasaa-ie.) Al-Imaam an-Nawawie heeft gezegd over het vasten van de 10 dagen dat het sterk aanbevolen is. (Zie het artikel Vrijwillig vasten voor meer informatie over vrijwillig vasten, waaronder het vasten van ‘Aashoeraa-e.)

De takbier, tahliel en tah’mied (dzikr) opzeggen. Dit naar hetgeen overgeleverd is in de eerder genoemde h’adieth (Nederlandstalige interpretatie): “Vermeerder de tahliel [het zeggen van laa iellaaha iell-Allaah (er is geen God Die het recht heeft om aanbeden te worden behalve Allah)], de takbier [het zeggen van Allaahoe Akbar (Allah is het Grootst)] en de tah’mied [het zeggen van al-h’amdoeliellaah (de lof is voor Allah)] erin.” Al-Imaam al-Boekhaarie (moge Allah hem genadig zijn) heeft gezegd: “Ibn ‘Oemar en Aboe Hoerayrah (moge Allah tevreden over hen zijn) gingen naar de markt in de 10 dagen en deden de takbier, waarna de mensen takbier deden.” En hij zei ook: “‘Oemar deed de takbier in zijn minaret te Mina, waarna de mensen in de masdjid (moskee) hem hoorden en de takbier deden, en degenen op de markten deden de takbier totdat Mina van de takbier beefde.” Ibn ‘Oemar verrichtte de takbier te Mina tijdens deze dagen, na de gebeden en als hij op zijn slaapplaats lag, als hij zat, in zijn zittingen en wanneer hij liep, tijdens al deze dagen. Het is aanbevolen om de takbier luid uit te spreken zoals ‘Oemar, zijn zoon en Aboe Hoerayrah deden (moge Allah tevreden over hen zijn).

Het is voor ons, moslims, de taak om deze Soennah weer te doen herleven, die in deze tijd verloren is geraakt. Het wordt zelfs bijna vergeten door de oprechten (jammer genoeg) en dit is anders dan wat de oprechte selef gewoon waren te doen. De wijze van takbier is:

Allaahoe Akbar, Allaahoe Akbar, Allaahoe Akbar Kabieraa.

Allaahoe Akbar, Allaahoe Akbar, laa ielaaha iell-Allaah, wa Allaahoe Akbar, Allaahoe Akbar wa liellaahie l-h’amd.

Allaahoe Akbar, Allaahoe Akbar, Allaahoe Akbar, laa ielaaha iell-Allaah, wa Allaahoe Akbar, Allaahoe Akbar, Allaahoe Akbar wa liellaahie l-h’amd.

– Het vasten van de dag van ‘Arafah. Het is zeer aangeraden om op de dag van ‘Arafah (yawm al-‘Arafah) te vasten. Dit naar wat vastgesteld is van de boodschapper van Allah (vrede en zegeningen van Allah zijn met hem), dat hij gezegd heeft over het vasten van ‘Arafah (Nederlandstalige interpretatie): “De beloning van Allah (voor het vasten op de dag van ‘Arafah) is dat Hij zondes vergeeft van het afgelopen jaar en het komende jaar.” (Overgeleverd door Moeslim.) Wat betreft degene die op ‘Arafah aanwezig is (oftewel op h’addj is), voor hem is het aangeraden om niet te vasten, omdat de boodschapper van Allah (vrede en zegeningen van Allah zijn met hem) op ‘Arafah stond en hij vastte niet.

 

Yawm al-'Arafah wp

 

– Voortreffelijkheid van de dag van het offer. Veel gelovigen verwaarlozen het belang van deze dag. Zij zijn onachtzaam betreffende de voortreffelijkheid en positie van deze dag, terwijl sommige geleerden deze dag zien als de beste dag van het jaar en zelfs beter dan de dag van ‘Arafah. Ibnoe l-Qayyiem (moge Allah hem genadig zijn) heeft gezegd: “De beste van de dagen bij Allah is de dag van het offer en dit is de dag van de h’addj al-akbar.” Ook is er overgeleverd in Soenan Aboe Daawoed dat de profeet (vrede en zegeningen van Allah zijn met hem) gezegd heeft (Nederlandstalige interpretatie): “De grootste van de dagen bij Allah is de dag van het offer en vervolgens de dag van al-qarr. De dag van al-qarr is de dag wanneer de mensen verblijven in Mina, en dit is de elfde dag van Dzoe l-H’iddjah.” Er is ook gezegd dat de dag van ‘Arafah de beste dag is, omdat het vasten daarvan de zondes van twee jaar doet vergeven. En er is geen andere dag waarop Allah meer dienaren redt (van het Hellevuur) dan deze dag en omdat Hij (Glorieus en Verheven is Hij) zal neerdalen (op een manier die past bij Zijn Majesteitelijkheid) en dichter bij Zijn dienaren zal komen en vervolgens goed zal spreken over Zijn dienaren bij Zijn engelen. Naar onze mening is de eerste mening de juiste uitspraak, omdat er geen uitspraak is die hier tegenover staat, maar of de dag van het offer nu beter is dan de dag van ‘Arafah of niet: het is voor zowel de moslim die op h’addj is als voor de moslim die niet op h’addj is belangrijk om de voortreffelijkheden en de kansen in deze dagen te benutten.

 

Hoe verwelkomen wij gelegenheden die tot het goede leiden?

Het is voor elke moslim aangeraden om gelegenheden die tot het goede leiden te verwelkomen met oprecht berouw, waarbij afstand wordt genomen van zonden en slechte daden, omdat zonden er voor zorgen dat Allah gunsten van Zijn dienaren afneemt en dat het hart wordt afgeschermd van zijn Heer.

Ook verwelkomen wij gelegenheden die tot het goede leiden met een sterke oprechte wilskracht om serieus de tijden te benutten, waarin we de Tevredenheid van Allah (Machtig en Majestueus is Hij) kunnen verkrijgen. Allah de Meest Barmhartige zegt in Zijn Nobele Qor-aan (Nederlandstalige interpretatie): “En bij Allah! Degenen die zich inspannen omwille van Ons, hen zullen Wij zeker leiden op Onze wegen (#2). En waarlijk, Allah is met de weldoeners.” [Soerat al-‘Ankaboet (29), aayah 69.]

<<<(#2) Noot van uwkeuze.net: Ibn Abie H’aatim leverde over dat ‘Abbaas al-Hamadaanie Aboe Ah’med, een van de mensen van ‘Akka (Palestina), zei betreffende deze aayah: “Degenen die handelen volgens hetgeen zij weten, Allah zal hen leiden naar hetgeen zij niet weten.” Ah’med ibn Aboe al-H’awaarie zei: “Ik vertelde dit aan Aboe Soelaymaan ad-Daaraanie en hij vond het goed en zei: ‘Niemand die geïnspireerd is om iets te doen, dient dit te doen totdat hij een (betrouwbare) overlevering daarover hoort; als hij een overlevering hoort, dan dient hij verder te gaan en het te doen, en prijs Allah omdat het in overeenstemming was met wat hij zelf voelde.’” (Tefsier Ibn Kethier.)>>>

Beste moslimbroeder en moslimzuster, zorg ervoor dat je profiteert van deze mogelijkheid, voordat het voorbij is en je spijt zult krijgen. En spijt zal op dat moment niet baten. Moge Allah ons helpen om deze gelegenheden goed te benutten en ons steunen om hem op de juiste en goede manier te aanbidden. [Zie het artikel De voorwaarden voor acceptabele ‘ibaadah (aanbidding).]

 

Een aantal regels met betrekking tot het offer en haar legitimiteit

Het brengen van een offer (oedhh’ieyah) is toegestaan voor degenen die in leven zijn, zoals de profeet (vrede en zegeningen van Allah zijn met hem) en zijn metgezellen (moge Allah tevreden over hen zijn) namens zichzelf en hun familieleden een offer brachten. Sommige mensen denken dat het brengen van een offer alleen namens een dode geldig is, maar dit heeft geen enkele grondslag. Het brengen van een offer namens een overledene kan worden onderverdeeld in drie categorieën:

Ten eerste dat degene die het offer brengt dit namens al zijn familieleden doet en de intentie heeft het dier te offeren namens degenen die in leven zijn en degenen die gestorven zijn. En dit heeft de boodschapper van Allah (vrede en zegeningen van Allah zijn met hem) gedaan namens zijn familieleden (degenen die leefden en gestorven waren).

Ten tweede dat men een offer brengt namens overledenen, omdat zij dat aangegeven hebben in een testament. Het bewijs hiervan is dat wat Allah Ta’aalaa (Verheven is Hij) zegt (Nederlandstalige interpretatie): “Wie het (testament) wijzigt na het gehoord te hebben, de zonde daarvan rust slechts op degenen die het wijzigen. Waarlijk, Allah is Alhorend, Alwetend.” [Soerat al-Baqarah (2), aayah 181.]

De derde mogelijkheid is dat men speciaal een offer brengt namens overledenen en dit doet als een gift namens hen; dit is toegestaan volgens jurisprudentie-geleerden die de H’anbalie fiqhschool volgen. Zij hebben aangegeven dat de beloning voor het brengen van dit offer de overledene bereikt en hebben analogie (qiyaas) gebruikt en dat vergeleken met het uitgeven van liefdadigheid. Maar wij zijn van mening dat het afzonderlijk brengen van een offer namens de overledenen geen Soennah is. De profeet (vrede en zegeningen van Allah zijn met hem) heeft immers nooit speciaal namens een overledene een offer gebracht. Hij bracht geen offer namens zijn oom H’amzah (moge Allah tevreden over hem zijn) van wie hij het meeste hield van al zijn familieleden; en ook niet namens zijn kinderen (moge Allah tevreden over hen zijn) die tijdens zijn leven stierven (dat zijn drie meisjes die getrouwd waren en drie zonen die nog jong waren) en ook niet namens Khadiedjah (moge Allah tevreden over haar zijn) die hij het meeste lief had onder zijn vrouwen.

Er is ook niet overgeleverd dat zijn metgezellen (moge Allah tevreden over hen zijn) tijdens zijn leven een offer hebben gebracht, speciaal namens overledenen.

Een van de fouten die sommige mensen begaan is dat zij een offer brengen in het eerste jaar waarin de overledene is gestorven. Zij noemen dit “oedhh’ieyatoe l-h’oefrah”. Zij geloven dat het niet toegestaan is dat anderen de beloning verdelen van het brengen van dit offer, of dat zij namens de overledene een offer brengen, zoals hij vermelde in zijn testament, terwijl zij niet eens namens zichzelf en hun familieleden een offer brengen.

 

Zaken die vermeden moeten worden wanneer men een offer wil brengen

Als iemand een offer (oedhh’ieyah) wil brengen en de maand Dzoe l-H’ieddjah is aangebroken (wat wordt vastgesteld door het bezichtigen van de nieuwe maan, of doordat de volledige 30 dagen van Dzoe l-Qi’dah – de maand voor Dzoe l-H’iddjah – zijn geteld), dan is het voor hem verboden om iets van zijn haar, nagels of huid te nemen, totdat hij zijn offer brengt. Dit naar de h’adieth van Oemm Salamah (moge Allah tevreden over haar zijn) dat de profeet (vrede en zegeningen van Allah zijn met hem) gezegd heeft (Nederlandstalige interpretatie): “Als de tien dagen zijn aangebroken en iemand van jullie wil een offer brengen, dan dient hij af te blijven van zijn haar en nagels.” (Overgeleverd door Ah’mad en Moeslim.)

In een andere versie staat (Nederlandstalige interpretatie): “Hij dient niets van zijn haar noch van zijn huid te nemen totdat hij een offer heeft gebracht.” En als men de intentie neemt tijdens de 10 dagen om een offer te brengen, dan dient hij vanaf dat moment af te blijven van zijn haar, nagels en huid totdat hij een offer brengt, en hij is niet zondig voor wat hij eerder dan de intentie had weggenomen.

De wijsheid achter dit verbod is dat degene die het offer wil brengen samen met degene die op h’addj zijn sommige rituelen verricht en nabijheid zoekt bij Allah de Verhevene, door het brengen van een offer en het niet nemen van de haren en dergelijke. Het is voor de familieleden van degene die een offer wil brengen toegestaan om in de 10 dagen van Dzoe l-H’iddjah te nemen van hun haren, nagels en huid.

Het verbod geldt voor degene die een offer gaat brengen. Wat betreft degenen namens wie geofferd wordt, zij vallen niet onder dit oordeel, omdat de profeet (vrede en zegeningen van Allah zijn met hem) gezegd heeft (Nederlandstalige interpretatie): “Als iemand van jullie een offer wil brengen…” en hij heeft niet gezegd: “of namens hem geofferd wordt…,” omdat de profeet (vrede en zegeningen van Allah zijn met hem) namens zijn gezinsleden een offer bracht en het is niet overgeleverd dat hij hen verboden had om af te blijven van hun haren en dergelijke.

Als degene die een offer wil brengen iets van zijn haar, huid of nagels neemt, dan dient hij berouw te tonen aan Allah de Verhevene. Maar op hem rust geen boetedoening, en dit verbiedt hem niet om een offer te brengen, zoals een aantal mensen denken.

Maar als iemand door vergeetachtigheid of onwetendheid iets daarvan afneemt, of doordat hij iets van zijn haren, huid en nagels zonder bewustzijn heeft afgenomen, dan rust op hem geen zonde. Als iemand echt een van deze dingen moet doen, dan is het toegestaan om er iets van te nemen. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn wanneer een nagel is gebroken, waardoor een persoon pijn lijdt, of wanneer zijn haren over zijn ogen vallen en hij daardoor belemmerd wordt, of wanneer hij een verwonding wil laten genezen, door iets van de huid te nemen.

 

Regels met betrekking tot het offer (oedhh’ieyah)

<<<Noot van uwkeuze.net: de meerderheid van de geleerden is van mening dat het brengen van een offer een soennah moe-akkadah (sterk aanbevolen soennah) is. Dit is de mening van as-Shaafa’ie, Maalik en Ah’mad volgens zijn meest bekende mening.

Anderen waren van mening dat het verplicht is. Dit is de mening van Aboe H’aniefah en een van de meningen overgeleverd van Ah’med. Dit was ook de mening waar Ibn Taymiyyah de voorkeur aan gaf, die zei: “Dit is een van de meningen overgeleverd in de madzh’ab van Maalik, of het schijnt de mening van Maalik te zijn.” (Bron: Risaalat Ah’kaam al-Oedhh’ieyah wa l-Dhakaah van Ibn ‘Oethaymien.)

Sheikh Moh’ammed ibn ‘Oethaymien (moge Allah hem genadig zijn) zei: “Oedhh’ieyah is soennah moe-akkadah voor degene die daartoe in staat is, dus men dient het offer te brengen namens zichzelf en de leden van zijn gezin.” (Bron: Fataawaa Ibn ‘Oethaymien, 2/661.) (Einde noot.)>>>

Geliefde broeders en zusters: het goede kan bereikt worden door het volgen van de leiding van de boodschapper van Allah (vrede en zegeningen van Allah zijn met hem) betreffende alle details in ons leven; en al het kwade komt voort uit tegenstrijdigheden met de leiding van de profeet (vrede en zegeningen van Allah zijn met hem). Daarom willen wij onze geliefden een aantal zaken laten herinneren die hen aangeraden zijn te doen of te zeggen op de avond voor de gezegende dag van ‘ied al-adhh’aa (het offerfeest), de dag van het offer en de drie dagen van at-tashrieq. Wij hebben dit voor je samengevat in de volgende punten:

1.) At-Takbier: het is toegestaan om de takbier te beginnen vanaf de fadjr van de dag van ‘Arafah tot de ‘asr van de laatste dag van at-tashrieq, en dit is de 13de dag van de maand Dzoe l-H’ieddjah. Allah de Verhevene zegt (Nederlandstalige interpretatie): “En gedenk Allah tijdens vastgestelde dagen… (#3) [Soerat al-Baqarah (2), aayah 203.] De wijze daarvan is: “Allaahoe Akbar, Allaahoe Akbar, laa ielaaha iell-Allaah, wa Allaahoe Akbar, Allaahoe Akbar wa liellaahie l-h’amd.” De mannen dienen dit luid in de moskeeën, markten, huizen en na de gebeden uit te spreken, waarmee de verheerlijking van Allah de Verhevene wordt aangekondigd en aanbidding en dank wordt getoond.

<<<(#3) Noot van uwkeuze.net: Ibn ‘Abbaas (moge Allah tevreden over hem zijn) zei: “De ‘vastgestelde dagen’ zijn de ‘dagen van tashrieq’ (de 11de, 12de en 13de dag van de maand Dzoel-H’idjah) terwijl de ‘bekende dagen’ de (eerste) tien (dagen van Dzoel-H’idjah) zijn.” (Tefsier Ibn Kethier.) De ‘dagen van tashrieq’ worden ook wel de ‘dagen van Mina’ genoemd. Mina is een pelgrimsplaats buiten Mekkah onderweg naar ‘Arafaat. Het ligt 8 km buiten Mekkah en zo’n 16 km van ‘Arafaat. In Mina gooien de pelgrims – als onderdeel van de h’adj – kleine kiezels naar drie stenen pilaren, als symbolische steniging van de duivel.>>>

2.) Het slachten van het offer: dit dient na het gebed van de ‘ied plaats te vinden, omdat de boodschapper van Allah (vrede en zegeningen van Allah zijn met hem) heeft gezegd (Nederlandstalige interpretatie): “Degene die (een offer) geslacht heeft voordat hij gebeden heeft (oftewel voor het ‘ied-gebed) dient een andere (offer) daarvoor in plaats te slachten. En degene die nog niet geslacht heeft, laat hem (een offer) slachten.” (Overgeleverd door al-Boekhaarie en Moeslim.) Er zijn in totaal 4 dagen waarin het toegestaan is om het offer te slachten: de dag van het offer en de drie dagen van tashrieq. Er is overgeleverd van de profeet (vrede en zegeningen van Allah zijn met hem) dat hij gezegd heeft (Nederlandstalige interpretatie): “Op alle dagen van tashrieq kan er geslacht worden.” (Zie as-Sielsielah as-Sah’ieh’ah onder nr. 2476.)

3.) Een ghoesl (#4) verrichten en het zich parfumeren (alleen voor de mannen), en het dragen van de beste kleding zonder verspilling en isbaal (#5) en zonder de baard te scheren, want dit is h’araam (#6). Het is voor de vrouw toegestaan om naar de moesalla (#7) van de ‘ied te gaan zonder zich schaars te kleden of zich te parfumeren (#8). Het is niet toegestaan voor haar om enerzijds Allah te gaan aanbidden, terwijl zij anderzijds Allah ongehoorzaam is door zich schaars te kleden en zich geparfumeerd onder de mannen te begeven.

<<<(#4) Noot van uwkeuze.net: zie het artikel Complete vs. acceptabele ghoesl.>>>

<<<(#5) Noot van uwkeuze.net: isbaal is lange kleding over de enkels (voor mannen). Zie Vraag 19: mag de kleding van een man/vrouw de grond raken (isbaal)?>>>

<<<(#6) Noot van uwkeuze.net: zie het artikel Het islamitische oordeel over de baard.>>>

<<<(#7) Noot van vertaler: de plaats waar het ‘ied-gebed verricht wordt. Normaal worden de ‘ied-gebeden niet in de moskee gebeden, maar in het openbaar, ergens in een sportpark of op een open vlakte.>>>

<<<(#8) Noot van uwkeuze.net: Aboe ‘Iesaa at-Tirmidzie leverde over dat Aboe Moesaa (moge Allah tevreden over hem zijn) zei dat de profeet (vrede en zegeningen van Allah zijn met hem) heeft gezegd (Nederlandstalige interpretatie): “Elk oog begaat ontucht. Wanneer de vrouw parfum opdoet en dan naar buiten gaat tussen mensen (zodat zij haar geur kunnen ruiken) dan is zij dit en dit.” Dat wil zeggen een ontuchtige vrouw.>>> (Klik op onderstaande afbeeldingen om ze vergroot weer te geven. Gebruik de afbeeldingen voor da’wah.)

 

 

4.) Het eten van het offer: de boodschapper van Allah (vrede en zegeningen van Allah zijn met hem) at niet totdat hij terugkwam van de moesalla waarna hij at van zijn offer. (Zaad al-Ma’aad 1/441.)

5.) Lopend naar de moesalla gaan als dat mogelijk is: het behoort tot de Soennah om te bidden in de moesalla van de ‘ied, behalve als dit belemmerd wordt door een geldige reden zoals regen. Dan dient men het gebed in de moskee te verrichten zoals de boodschapper van Allah (vrede en zegeningen van Allah zijn met hem) deed.

6.) Gezamenlijk bidden met de moslims en het aanbevelen om de preek bij te wonen: wat de moeh’aqiqqoen, zoals Shaykh al-Islaam Ibn Taymieyyah, hebben aangegeven als het beste, is dat het gebed van de ‘ied verplicht is. Allah de Verhevene zegt (Nederlandstalige interpretatie): “Dus bid tot jouw Heer en slacht offerdieren (alleen voor Hem).” [Soerat al-Kawthar (108), aayah 2.] Dit vervalt alleen door een geldige reden. Het is voor de vrouwen ook aangeraden om het ‘ied-gebed met de rest van de moslims bij te wonen, ook voor de bejaarden en menstrueren vrouwen. Menstruerende vrouwen dienen zich af te zonderen van de moesalla.

<<<Noot van uwkeuze.net: voor meer informatie over of het ‘ied-gebed verplicht (waadjib) of soennah moe-akkadah (oftewel optioneel, aanbevolen) is, zie o.a. https://islamqa.info/en/48983 (Engels) of https://islamqa.info/ar/48983 (Arabisch), dat eindigt met de volgende fatwaa van sheikh Ibn Baaz die in Madjmoe’ al-Fataawaa (13/7) het volgende zei over de mening dat het een fardh ‘ayn (individuele verplichting) is: “Deze mening is waarschijnlijk correct, gebaseerd op het bewijs.”>>>

7.) Het terugkomen via een andere weg: het is voor de moslim aangeraden om op de terugweg een andere route te nemen dan de heenweg die men naar de moesalla heeft genomen, zoals de profeet (vrede en zegeningen van Allah zijn met hem) deed.

8.) Mensen feliciteren met al-‘ied: het is vastgesteld dat de metgezellen van de boodschapper van Allah (vrede en zegeningen van Allah zijn met hem) dit deden.

 

Let op

Wees gewaarschuwd, mijn moslimbroeder, om niets van de volgende fouten te begaan, die veel mensen treffen.

– Het verrichten van de takbier in één koor, of het herhalen van de takbier nadat iemand dat gezegd heeft in één koor.

– Zich vermaken tijdens de dagen van de ‘ied met verboden zaken, zoals het luisteren naar muziek, het kijken naar films en het mengen van vrouwen en mannen onderling, die geen mah’aariem van elkaar zijn, alsook andere verworpen zaken. (Zie het artikel Bewijs voor het verbod op het mengen van mannen en vrouwen.)

– Het nemen van iets van het haar en nagels vóór het slachten van het offer, voor degenen die een offer willen brengen. Omdat de profeet (vrede en zegeningen van Allah zijn met hem) ons dit heeft afgeraden.

– Verspilling en buitensporigheid zonder grenzen, en in zaken die geen nut hebben. Allah de Verhevene zegt (Nederlandstalige interpretatie): “En wees niet buitensporig; waarlijk, Hij (Allah) houdt niet van de buitensporigen.” [Soerat al-An’aam (6), aayah 141.]

 

Tot slot

Vergeet niet mijn moslimbroeders en moslimzusters om je te haasten naar goede daden, zoals het onderhouden van de familiebanden, het bezoeken van naasten, het achterwege laten van haat, jaloezie en nijd, door je hart daarvan te reinigen.

Men dient barmhartig te zijn tegenover de armen, behoeftigen en wezen en hen bij te staan en vreugde bij hen teweeg te brengen.

We vragen Allah om ons te helpen met zaken waarvan Hij houdt en die Hij lief heeft, en dat Hij ons kennis geeft over onze religie en ons laat behoren tot degene die goede daden verrichten tijdens deze dagen: oprechte, zuivere daden voor Zijn Edele Gezicht.

En moge de prijzingen en de salaam van Allah op Moh’ammed zijn, alsook zijn familieleden en metgezellen.

 

Relevante artikelen:

De voorwaarden voor acceptabele ‘ibaadah (aanbidding)

Vrijwillig vasten

Het beste van het beste

Islamitische kalender

H’adj & ‘Oemrah (diverse artikelen)