Als ik groot ben wil ik Aboe Bakr worden!

Moge Allah tevreden zijn met Aboe Bakr as-Siddeeq.

Aboe BakrDoor Muhammad al-Shareef.
Vertaal en bewerkt door Oem Dja’far.

Nadat een groep mensen de Islaam waren binnengetreden, drong Aboe Bakr (moge Allah tevreden zijn met hem) er bij de profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) op aan dat zij hun bekering openbaar zouden maken en niet zouden verbergen. De boodschapper (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) stemde uiteindelijk in met zijn verzoek en als één groep liepen zij de binnenplaats van de Ka’bah op. Zij gingen bij elke hoek van de moskee staan en riepen de mensen op tot de Islaam. Aboe Bakr was de eerste khatieb (#1) die uitnodigde naar Allah de Verhevene en Zijn boodschapper (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem).

<<< (#1) Een khatieb is iemand die de preek (khoetbah) op vrijdag en  tijdens de ‘ied (feest) gebeden verzorgt.>>>

Toen de aanwezige menigte Aboe Bakr (moge Allah tevreden zijn met hem) en de anderen hoorde spreken over Allah en de Islaam, ontstaken zij in woede en begonnen zij de moslims te slaan en stenen naar hen te gooien. ‘Oetbah gooide zijn lederen sandalen naar Aboe Bakr, hij sloeg er meerdere malen mee in zijn gezicht totdat Aboe Bakr bewusteloos neerviel. Vervolgens wierp hij zich op Aboe Bakr en stompte hij hem in zijn maag en in zijn gezicht. De stam van Aboe Bakr slaagde er in ‘Oetbah van hem af te krijgen en zij zwoeren dat als Aboe Bakr zou sterven, zij als wraak het hoofd van ‘Oetbah eraf zouden hakken. Aboe Bakr lag in een plas van bloed, zijn gezicht was niet te herkennen en hij was buiten bewustzijn.

Pas toen de avond viel liet Aboe Bakr (moge Allah tevreden zijn met hem) een teken van leven zien. Weten jullie wat het eerste was wat hij zei? Hij zei: “Wat is er met de boodschapper van Allah (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) gebeurd? Wat is er met de boodschapper van Allah (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) gebeurd?” Zijn moeder bood hem eten aan maar hij weigerde dit en zei: “Ik zal geen eten aanraken totdat ik bij de boodschapper van Allah (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) word gebracht en ik gerustgesteld ben dat het goed gaat met hem.”

Ze droegen hem naar Daar al-Arqam (#2) waar hij naar binnen ging. De boodschapper van Allah (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) huilde om de toestand van Aboe Bakr (moge Allah tevreden zijn met hem) en hij omhelsde hem. Hij (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) liet hem niet los terwijl de andere moslims zich om hen heen verzamelden.

<<< (#2) Daar al-Arqam: dit was het huis van de man die zijn huis in de begintijd van de Islaam ter beschikking stelde als ontmoetingsplaats voor de eerste moslims.>>>

Rolmodellen. In zijn boek Risaalat al-Mo’allim, vertelt Djamal ‘Abidien ons dat kinderen vanaf het tweede jaar – misschien zelfs eerder – voor het grootste deel alles imiteren wat zij zien. Wanneer zij de leeftijd van vijf of zes jaar bereiken – wanneer het kind in groep 2 of 3 zit – bereiken zij een hoogtepunt in het imiteren van wat zij zien, ongeacht of dit goed of slecht is. Hierna neemt deze gewoonte van imiteren af, hoewel het een van de meest cruciale zaken blijft in de opvoeding van het kind.

Ibn Khaldoen schreef over dit thema in zijn Moeqaddimah: “Kinderen worden het meest beïnvloed door een rolmodel. In hun vroege jaren denken zij dat alles wat volwassenen doen goed is en dat hun ouders de beste en meest perfecte (mensen) zijn onder de volwassenen.” (Klik op onderstaande afbeelding om het vergroot weer te geven.)

 

Kinderen9

 

Kinderen leren niet door wat hen gezegd wordt, zij leren door middel van voorbeelden. Wat voor effect heeft het bevel om te vasten op een kind wanneer de ouders of de leraar zelf een broodje aan het eten zijn!? Om dezelfde reden is het bij Allah de Verhevene gehaat en veracht wanneer een persoon het goede opdraagt en hijzelf het tegenovergestelde doet. De woorden van een dergelijke persoon zullen weinig waard zijn wanneer de twee – zijn daden en zijn woorden – tegenstrijdig zijn. Allah de Verhevene zegt (interpretatie van de betekenis): “Alles wat in de hemelen en alles wat op de aarde is, verheerlijkt Allah (met de tong of anderszins). En Hij is al-‘Aziez (de Almachtige), al-H’akiem (de Alwijze). O degenen die geloven! Waarom zeggen jullie hetgeen jullie niet doen? (#3) Enorm (zeer gehaat) is het bij Allah dat jullie zeggen hetgeen jullie niet doen.” [Soerat as-Saff (61), aayah 1-3.]

<<< (#3) Dit vers is specifiek geopenbaard met betrekking tot het strijden op de weg van Allah de Verhevene. In algemene zin weerlegt dit degenen die nalaten hun beloftes (waaronder afspraken, contracten etc.) na te komen (wat behoort tot de eigenschappen van hypocrieten). Er dient volledige overeenstemming te zijn tussen het woord van een ware gelovige en zijn daad. Hij dient uit te voeren wat hij zegt: als hij geen intentie heeft om iets daadwerkelijk te doen, of er de macht niet voor heeft, dan dient hij het niet te zeggen. Iets zeggen en iets anders doen is in het Zicht van Allah ‘Azza wa Djel (de Almachtige en Majesteitelijke) een van de meest afzichtelijke karaktereigenschappen van de mens. De juristen van de Islaam waren het bijna volledig met elkaar eens dat als een persoon Allah iets belooft (d.w.z. belooft iets te doen), of een overeenkomst aangaat met anderen, of iemand belooft om iets te doen, dan is het verplicht voor hem om dat na te komen tenzij het iets betreft dat op zichzelf zondig is. Als het iets zondigs betreft, dan dient men de overeenkomst niet uit te voeren maar de schending te compenseren zoals genoemd is in aayah 5:89. (AI-Djassas en Ibn al-‘Arabie, Ah’kaam al-Qor-aan.) (Uit Tefhiem al-Qor-aan, Sayyid Aboe al-A’laa Mawdoedie.) Allah de Verhevene zegt (Nederlandstalige interpretatie): “Allah zal jullie niet bestraffen vanwege de onbedoeldheid in jullie eden, maar Hij zal jullie bestraffen vanwege de eden die jullie bewust afleggen. De boetedoening daarvan (voor het verbreken van weloverwogen eden) is dan het voeden van tien armen met het gemiddelde van hetgeen waarmee jullie jullie families voeden, of hen kleden, of een slaaf vrijlaten. Wie zich dat dan niet kan veroorloven dient drie dagen te vasten. Dat is de boetedoening voor jullie eden wanneer jullie zweren (en ze vervolgens verbreken). En houd je aan jullie eden. Zo verduidelijkt Allah voor jullie Zijn aayaat (bewijzen, verzen, tekenen) opdat jullie dankbaar zullen zijn.” [Soerat al-Maa-idah (5), aayah 89.] Je houden aan de eden impliceert drie zaken: (1) houd jullie aan jullie eden door ze niet te verbreken, (2) zweer niet te veel waardoor de waarde daarvan ontnomen wordt; zweer alleen als er een noodzaak voor is, (3) houd jullie aan de eden, door de boetedoening daarvan na te komen (wanneer het verbroken wordt). (Tefsier al-Qor-aan al-Kariem van Ibn ‘Oethaymien.) Het is beter om geen eden af te leggen. Maar als men toch eden dient af te leggen en men ontdekt later een betere oplossing, dan dient men te handelen volgens de betere oplossing en boetedoening voor de verbroken eed te doen. En Allah weet het best.>>>

Het is tevens overgeleverd in Sah’ieh’ Moeslim dat de profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) heeft gezegd (Nederlandstalige interpretatie): “Een man zal op de Dag der Opstanding gebracht worden en hij zal in het Hellevuur geworpen worden. De bewoners van het Hellevuur zullen zich om hem heen verzamelen en zeggen, ‘O die en die! Wat is er aan de hand? Was jij niet degene die mensen opdroeg het goede te doen en afstand te nemen van het verafschuwde?’ Hij zal vervolgens zeggen, ‘Ja, ik droeg mensen op het goede te verrichten maar ik deed het zelf niet, en ik droeg ze op afstand te nemen van het verafschuwde maar ikzelf deed dit zelf niet.’”

Er ontstaan gevaarlijke littekens op de persoonlijkheid van een kind op het moment dat hij zijn rolmodellen het verafschuwde ziet verrichten en niet het goede. Als wij niet hetgeen opvolgen waarin wij beweren te geloven, dan zouden wij wel eens de oorzaak kunnen zijn van de vernietiging van tientallen levens op de Dag der Opstanding.

In het kader van deze zoektocht naar rolmodellen wenden wij ons naar een lichtend voorbeeld, Aboe Bakr as-Siddeeq (moge Allah tevreden zijn met hem). Toen de profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) de eerste openbaringen ontving, was Aboe Bakr – zijn beste vriend – de eerste man die hij benaderde. Toen Aboe Bakr hoorde dat Moh’ammad (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) de uitverkoren profeet was, verkondigde hij meteen: “Ik heb nog nooit een leugen van u gehoord. Ik getuig dat er geen god is die het recht heeft om aanbeden te worden behalve Allah en ik getuig dat u de boodschapper bent van Allah.” De profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) zei later (Nederlandstalige interpretatie): “Er is geen enkele persoon met wie ik over de Islaam heb gesproken en die er niet met mij over discussieerde behalve van Aboe Bakr.”

Bewapend met de enkele verzen die hij kende, ging Aboe Bakr (moge Allah tevreden zijn met hem) over tot het uitnodigen naar zijn geloof, de Islaam. Vlak daarna begeleidde hij mensen als ‘Oethmaan, az-Zoebayr, ‘Abdoer-Rah’maan ibn ‘Awf, Sa’d, Aboe ‘Oebaydah en Talh’ah – zes van de tien personen aan wie het Paradijs is beloofd gedurende hun verblijf op aarde (moge Allah tevreden zijn met hen). En op de Dag der Opstanding zullen zij allemaal bijgeschreven staan in het boek van goede daden van Aboe Bakr (moge Allah tevreden zijn met hem).

<<< Djarier (moge Allah tevreden zijn met hem) verhaalde: “…de boodschapper van Allah (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) heeft gezegd (Nederlandstalige interpretatie): ‘Degene die aanzet tot een goede gewoonte (of daad) in de Islaam (door het voorbeeld te geven of anderen er van op de hoogte te brengen), en er wordt naar gehandeld na hem, hij zal dezelfde beloning daarvan (deze daad van goedheid) krijgen als de beloning van degenen die dienovereenkomstig handelen, zonder dat er enige mindering van hun beloningen zal zijn. En wie in de Islaam aanzet tot een slechte gewoonte (of daad) en er wordt naar gehandeld na hem, hij zal dezelfde last daarvan (deze zonde) krijgen als de last van degenen die dienovereenkomstig handelen, zonder dat er enige mindering van hun lasten zal zijn.’” (Overgeleverd door Moeslim.) Zie de artikelen in de rubriek Da’wah.>>>

In de vroege periode van de Islaam liep Aboe Bakr (moge Allah tevreden zijn met hem) langs de markten en huizen om te kijken naar de moslimslaven die werden mishandeld. Hij zag hoe Oemayyah de slaaf Bilaal (moge Allah tevreden zijn met hem) in de middag de hete woestijn in sleepte, gedurende het heetste moment van de dag. Oemayyah drukte Bilaal in het verschroeiende zand en plaatste een rotsblok op zijn borst om de marteling erger te maken. Bilaal (moge Allah tevreden zijn met hem) zei maar een ding: “Ah’ad, ah’ad (één, één – verwijzend naar de eenheid van Allah).” Aboe Bakr was getuige van deze verschrikking en fluisterde naar Bilaal: “Yoendjieka al-waah’idoe l-ah’ad [de Ene, Enige (d.w.z. Allah) zal jou redden].”

Aboe Bakr (moge Allah tevreden zijn met hem) ging naar Oemayyah en verzocht hem Bilaal aan hem te verkopen voor 5 oeqiyyah (eenheden die gebruikt werden als betaalmiddel) van goud. Oemayyah stond versteld over dit bedrag en stemde haastig in: “Neem Bilaal, er is niets goeds in hem.” Na de afronding van deze transactie grinnikte Oemayyah: “Al had je geweigerd meer dan 1 oeqiyyah te betalen voor hem, dan had ik hem nog aan je verkocht.” Aboe Bakr zei: “Al had je geweigerd hem te verkopen voor niet minder dan 100 oeqiyyah, dan nog had ik hem van jou gekocht!”

Zoals gewoonlijk verspreidden de boosdoeners geruchten over Aboe Bakr en de bevrijding van Bilaal (moge Allah tevreden zijn met hen beide), zeggende dat hij dit alleen maar had gedaan omdat hij nog iets tegoed had van hem. In de Qor-aan, in verzen die tot het einde der tijd nog gereciteerd zullen worden, bericht Allah de Verhevene over de intentie van Aboe Bakr (Nederlandse interpretatie): “Degene die zijn bezit uitgeeft om zich te reinigen. En niet om voor een gunst aan iemand beloond te worden. Slechts strevend naar het (aanschouwen van het) Aangezicht van zijn Heer, al-A’laa (de Allerhoogste). Hij zal dan zeker tevreden zijn (wanneer hij het Paradijs binnengaat) (#4).” [Soerat al-Layl (92), aayah 18-21.]

<<< (#4) Dit vers kan ook vertaald worden als: “Hij (Allah) zal dan zeker tevreden zijn (met een dergelijke persoon).”>>>

Lees dat laatste vers nog een keer. Allah de Verhevene vertelt Aboe Bakr (moge Allah tevreden zijn met hem) dat Hij hem tevreden zal stellen. Allaahoe Akbar! Stel je eens voor dat Allah Soebh’aanahoe wa Ta’aalaa (Glorieus en Verheven is Hij) dat tegen jou zou zeggen. Zou er iets op deze wereld iets waardevollers voor je zijn dan dat ene vers?

Dit was Aboe Bakr (moge Allah tevreden zijn met hem); dit was de eerste khaliefah (opvolger) van de boodschapper van Allah (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem)! Toen ‘Amr ibn al-‘Aas moslim werd, wees de boodschapper van Allah (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) hem aan als leider over een van de moslimlegers. ‘Amr (moge Allah tevreden zijn met hem) geloofde dat dit alleen maar kon zijn omdat de boodschapper van Allah (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) hem het meest liefhad. Dus nadat het leger teruggekeerd was, ging ‘Amr bij de profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) zitten en stelde hem hardop een vraag zodat iedereen het antwoord zou kunnen horen. Hij vroeg: “Van wie houdt u het meest?” De profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) antwoordde (Nederlandse interpretatie): “Van ‘Aa-ieshah (zijn vrouw).” Verrast vroeg ‘Amr: “Nee, nee, van de mannen?” Hij zei: “Haar vader (d.w.z. Aboe Bakr)!” (Overgeleverd door al-Boekhaarie.)

Wie zijn onze rolmodellen?

Heb je ooit gezeten met je kinderen of moslimkinderen uit de buurt? Geef ze een basketbal, verlaag de basket voor ze en luister eens naar wat ze zeggen. Ze zullen allemaal – op die enkele uitzonderingen na – de naam van een of andere ongelovige basketballer noemen op het moment dat ze de bal werpen. Je zult de naam van Michael Jordan en anderen horen, een naam die vanuit het hart geschreeuwd wordt, op het moment dat ze die bal in de basket dunken.

Luister aandachtig; op hun eigen onschuldige manier roepen ze uit: “Ik wil net als die ongelovige basketballer zijn, net als die ongelovige Jordan.” Kijk dan ook niet raar op wanneer ze naar de universiteit gaan – nadat ze hun kostbare jeugd zijn kwijtgeraakt en ze in staat zijn om een bal met ongelofelijke precisie in de basket te werpen – zij al-Faatih’ah (het openingshoofdstuk van de Qor-aan) niet eens kunnen reciteren zonder te stamelen als een baby. Op de Dag der Opstanding zullen deze entertainment idolen eenieder die hen als idool nam en die hun zonden imiteerde, verstoten. Zij zullen afstand nemen van eenieder die hen volgde en naar hen opkeek. Interessant genoeg heeft Reebok een reclame waarin een van deze idolen een bal de basket in dunkt en aan het eind van het filmpje loopt hij naar de camera en zegt hij: “Dat ik een bal kan dunken betekent niet dat ik jouw kinderen moet grootbrengen.” Soebh’aan-Allaah, als kinderen en ouders eens zouden begrijpen wat deze man zegt!

Kijk eens naar de werkelijke rolmodellen en naar de kinderen die hen als hun rolmodel namen. ‘Aa-ieshah (moge Allah tevreden zijn met haar) heeft overgeleverd dat de profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) gewoon was hen in de ochtend en in de avond te bezoeken. Maar op een dag kwam hij in de middag, een tijdstip dat aangaf dat er iets anders gaande was. Aboe Bakr (moge Allah tevreden zijn met hem) opende de deur en de boodschapper van Allah (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) kondigde aan dat hij toestemming van Allah de Verhevene had gekregen om al-hidjrah (de emigratie) naar al-Medienah te verrichten. Aboe Bakr (moge Allah tevreden zijn met hem) sprong op en zei: “Samen, O boodschapper van Allah, samen!” En de profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) antwoordde (Nederlandstalige interpretatie): “Samen.” Dat wil zeggen: we zullen de hidjrah samen verrichten!

Aboe Bakr (moge Allah tevreden zijn met hem) begon te huilen. ‘Aa-ieshah (moge Allah tevreden zijn met haar) merkte op: “Ik geloofde nooit dat iemand kon huilen van blijdschap totdat ik mijn vader zag huilen van blijdschap toen hij erachter kwam dat hij de hidjrah samen zou verrichten met de boodschapper van Allah (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem).”

Kijk eens naar het verhaal van de emigratie en je zult zien dat alle betrokken persoonlijkheden, afgezien van Aboe Bakr (moge Allah tevreden zijn met hem), kinderen waren. ‘Aa-ieshah en haar broer ‘Abdoer-Rah’maan. Asmaa-e werd in het gezicht geslagen door Aboe Djahl toen zij weigerde te vertellen waar haar vader (Aboe Bakr) was. Ook de gids die hen naar al-Medienah begeleide was een kleine jongen (genaamd Oerayqit). Soebh’aan-Allaah, deze kinderen groeiden op om te horen bij de beste mensen die ooit op dit aardvlak hebben gelopen. En hoe kan het ook anders met de beste rolmodellen – de boodschapper van Allah (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) en Aboe Bakr (moge Allah tevreden zijn met hem)!

Na een periode van tien jaar van da’wah en djihaad in al-Medienah, nadat de boodschapper van Allah (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) was gestorven, riep ‘Oemar (moge Allah tevreden zijn met hem) de mensen bijeen. Hij maakte zijn zwaard scherp en zei: “Moh’ammad is niet gestorven. Hij is slechts naar zijn Heer gegaan, zoals ‘Iesaa (Jezus – vrede zij met hem) naar zijn Heer is gegaan en hij zal – net zoals ‘Iesaa – terugkeren. En wanneer hij dit doet, dan zal hij eenieder doden die zei dat hij overleden was.”

Het nieuws van het overlijden van de profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) bereikte Aboe Bakr (moge Allah tevreden zijn met hem). Hij bereidde zich voor en galoppeerde op zijn paard naar het huis van de profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem). Daar lag hij, de boodschapper van Allah (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem), bedekt met een kleed. Aboe Bakr tilde het kleed op en kuste de profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) en zei: “Tibta h’ayyan wa mayyitan (u bent in het leven en in de dood gezegend).” Vervolgens liep hij naar buiten waar ‘Oemar (moge Allah tevreden zijn met hem) de mensen toesprak. Hij zei: “Ga zitten, O ‘Oemar.” Hij prees vervolgens Allah en zei: “Degene die Moh’ammed aanbidt, laat hem weten dat Moh’ammed gestorven is; en degene die Allah aanbidt, laat hem weten dat Allah leeft en nooit zal sterven.” Vervolgens reciteerde hij de aayah (Nederlandse interpretatie): “En Moh’ammed is niet meer dan een (menselijke) boodschapper, vóór hem zijn voorzeker (vele andere) boodschappers heengegaan. Als hij dan zou overlijden of gedood zou worden, zullen jullie dan jullie ruggen toekeren (terugkeren naar koefr – ongeloof)?…” [Soerat Aal ‘Imraan (3), aayah 144.]

‘Omar zei: “Toen ik dat vers hoorde, zakte ik door mijn knieën. Ik wist dat de boodschapper van Allah (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem) was gestorven.”

Vlak hierna stuurde Aboe Bakr een leger uit onder leiding van Oesaamah. Oesaamah was op dat moment 18 jaar, de leeftijd van onze jeugd in het examenjaar. Hij leidde een heel moslimleger, vocht tegen de Romeinen, kwam thuis als overwinnaar en boezemde angst in bij eenieder die de moslims in al-Medienah wilde aanvallen.

Toen Oesaamah (moge Allah tevreden zijn met hem) al-Medienah verliet, begeleide Aboe Bakr hem en liep hij naast zijn paard. Oesaamah zei: “Je zult met mij rijden of ik zal afdalen en lopen.” Aboe Bakr (moge Allah tevreden zijn met hem) weigerde en zei: “Jij zult niet afdalen en ik zal niet rijden. Welke schade ondervind ik van stof onder mijn voeten, omwille van Allah, gedurende een uur van de dag!?” Inderdaad, Oesaamah bereikte deze positie door rolmodellen als Aboe Bakr (moge Allah tevreden zijn met hem).

Moslims begrepen het belang van de rolmodellen die hun kinderen hadden. ‘Amr ibn ‘Oetbah (moge Allah hem genadig zijn) adviseerde de leraar van zijn zoon: “Laat de eerste verbetering die je aan mijn zoon geeft de verbetering zijn van jezelf. Goed is voor hem hetgeen dat jij doet, ook al is dit slecht. En slecht is voor hem hetgeen dat jij niet doet, ook al is dit goed.”

Vele ouders begrepen het punt van het vinden van gepaste rolmodellen voor hun kinderen. Hier volgt een voorbeeld ter afsluiting: op een kleuterschool zat een niet-islamitische leraar met de kinderen en vroeg elke leerling wat ze wilden worden wanneer ze groot waren. Een van hen zei: “Ik wil een agent worden.” Een ander zei: “Ik wil brandweerman worden.” Toen sprak een moslimjongen: “Ik wil een sah’aabie (metgezel van de profeet) worden!” Een wat!? Toen de ouderavond aanbrak vroeg de docent naar het hoe en wat met betrekking tot de metgezel die hun zoon graag wil worden wanneer hij groot wordt. Zij zeiden: “Wij gebruiken elke gelegenheid die wij hebben om hem verhalen voor te lezen over de metgezellen van de profeet (Allahs zegeningen en vrede zijn met hem). Zij zijn zijn rolmodellen geworden. En als hij ouder is, wil hij net als de metgezellen worden (moge Allah tevreden zijn met hen).”

Is dit niet wat wij voor onze kinderen willen!?

 

Relevante artikelen:

Het opvoeden van moslimkinderen & seksuele voorlichting in de Islam

Zijn er PlayStations in al-Djennah?

Wees niet te streng voor je kinderen