Allah schiep Adam naar Zijn evenbeeld

De betekenis van deze h’adieth.

Fataawaa van Nur ‘Ala ad-Darb (van sheikh Ibn Baaz) > Volume 1 > Hoofdstuk over ‘aqiedah (geloofsleer) > Hoofdstuk over de Namen en Eigenschappen van Allah > De betekenis van de h’adieth (Nederlandstalige interpretatie): “Allah schiep Adam naar Zijn evenbeeld.”

Vertaald door Aboe Yoesoef ‘Abdoellaah.

Alle lof is voor Allah, Heer der werelden, en moge de vrede en de zegeningen van Allah neerdalen op de voornaamste van alle boodschappers, Moh’ammed, alsook op zijn familie, al zijn metgezellen en iedereen die hun voorbeeld volgt.

Vraag: er is een h’adieth overgeleverd van de profeet (vrede en zegeningen van Allah zijn met hem) waarin hij verbiedt om het gezicht lelijk te maken, en aangeeft dat Allah Ta’aalaa (Verheven is Hij) Adam (vrede zij met hem) schiep naar Zijn evenbeeld. Wat is het correcte geloof aangaande deze h’adieth?

Antwoord: deze h’adieth is authentiek overgeleverd van de boodschapper van Allah (vrede en zegeningen van Allah zijn met hem) waarin hij zegt (Nederlandstalige interpretatie):

“Als iemand van jullie (iemand anders) slaat, laat hem het gezicht mijden, want Allah schiep Adam naar Zijn evenbeeld.”

[Noot van de vertaler: deze h’adieth is verhaald door Aboe Hoerayrah (moge Allah tevreden over hem zijn) en overgeleverd door Moeslim (2612). – Einde noot.]

In een andere overlevering: “Naar het evenbeeld van ar-Rah’maan (de Meest Barmhartige).”

Dit betekent niet tashbieh (vergelijking) of tamthiel (Allahs Eigenschappen vergelijken met die van Zijn schepping).

(Lees verder onder de afbeelding. Gebruik de afbeelding voor da’wah door het op sociale media te verspreiden.)

 

Volgens de mening van de geleerden betekent dit dat Allah Ta’aalaa Adam (vrede zij met hem) horend, ziend en sprekend schiep zoals Hij wenste.

Dit zijn ook Eigenschappen van Allah Soebh’aanahoe wa Ta’aalaa (Glorieus en Verheven is Hij), want Hij is Alhorend, Alziend, Spreker en Hij heeft een Gezicht (Soebh’aanahoe wa Ta’aalaa).

Maar dit betekent niet tashbieh of tamthiel, aangezien het Uiterlijk van Allah compleet anders is dan het uiterlijk van enig schepsel. Het betekent dat Hij Horend is, Ziend, een Gezicht heeft en Spreekt als Hij dat wil. Evenzo schiep Allah Ta’aalaa Adam met gehoor, gezichtsvermogen, een gezicht, handen en voeten en spraak wanneer hij wil spreken.

Doch zijn gehoor is niet als die van Allah en zo ook zijn gezichtsvermogen en spraak.

Zijn gezicht lijkt niet op het Gezicht van Allah, want niets lijkt op de Eigenschappen van Allah (moge Hij verheven en geprezen worden). Integendeel, zij passen alleen bij Hem (moge Hij geprezen worden).

De dienaren (van Allah) hebben eigenschappen die ook bij hen passen. Dergelijke eigenschappen zijn gedoemd om verloren te raken, hebben gebreken en zwakheden. Maar de Eigenschappen van Allah Soebh’aanahoe wa Ta’aalaa zijn Perfect, zonder gebreken, zwakheden of einde.

Daarom zegt Allah Soebh’aanahoe wa Ta’aalaa (Nederlandstalige interpretatie): “…Er is niets gelijk aan Hem en Hij is as-Samie’ (de Alhorende), al-Basier (de Alziende).” [Soerat as-Shoeraa (42), aayah 11.]

[Noot van de vertaler: de Eigenschappen van Allah Ta’aalaa dienen niet op een antropomorfistische manier (menselijke kenmerken toeschrijven aan dat wat niet menselijk is) geïnterpreteerd te worden. Allah Ta’aalaa is Verheven boven het beperkte voorstellingsvermogen van de mens, en Zijn Eigenschappen kunnen niet vergeleken worden met die van Zijn schepping. Zo hebben dieren poten, ogen en haar (en een stoel heeft ook poten). Maar het feit dat zij dit gemeenschappelijk hebben, betekent niet dat hun poten, ogen en haar op elkaar lijken. Dus als het duidelijk is dat er tussen de gemeenschappelijke eigenschappen van schepsels een groot verschil is, dan is het verschil tussen de Schepper en de schepping nog veel duidelijker en groter. – Einde noot.]

Hij (Verheven is Hij) zegt ook (Nederlandstalige interpretatie): “En niets is gelijkwaardig aan Hem.” [Soerat al-Ikhlaas (112), aayah 4.]

[Noot van de vertaler: dit vat het hele argument samen en waarschuwt ons vooral voor antropomorfisme, de neiging om God – Allah Ta’aalaa – voor te stellen volgens ons eigen model, idee of voorstellingsvermogen, een bedrieglijke neiging dat te allen tijde en bij alle mensen binnen kan sluipen. – Einde noot.]

Bijgevolg is het niet toegestaan om het gezicht te slaan of lelijk te maken.

En Allah weet het het best.

[Toevoeging van de vertaler:]

Ibn Qoetaybah (moge Allah hem genadig zijn) zei: “Dat Allah een beeld heeft (of vorm – soerah) is niet vreemder dan dat Hij twee Handen heeft, Vingers of Ogen. Nee, deze worden algemeen geaccepteerd omdat zij in de Qor-aan genoemd worden. Maar dit idee (beeld of vorm) wordt als vreemd beschouwd omdat het niet in de Qor-aan genoemd wordt. Maar wij geloven in hen allen (alle goddelijke Eigenschappen), maar we bespreken niet hoe zij zijn.” (Ta-awiel Moekhtalif al-H’adieth, p. 221.)

Shaykh al-Islaam Ibn Taymiyyah (moge Allah hem genadig zijn) zei: “Er was geen meningsverschil onder de selef (voorgangers) van de eerste drie generaties dat het voornaamwoord in de h’adieth verwijst naar Allah, en het is overgeleverd via vele sanad (mv. van isnaad – keten van overleveraars) van vele sah’aabah (metgezellen – moge Allah tevreden over hen zijn). De contexten van de ah’aadieth duiden daar allemaal op… Maar toen al-Jahmiyyah wijdverspreid raakten in de derde eeuw AH. (na de hidjrah), begon een groep te zeggen dat het voornaamwoord naar iets anders dan Allah zou verwijzen, en dit is overgeleverd door een groep geleerden waarvan bekend is dat zij kennis hadden en de Soennah volgden in de meeste van hun aangelegenheden, zoals Aboe Thawr, Ibn Khoezaymah, Aboe l-Shaykh al-Asfahaanie en anderen. Aldus werden zij weerlegd door de imams van de islam en andere soennitische geleerden.” (Naqdh at-Ta-asies, 3/202.)

Sheikh al-Ghoenaymaan zei: “Aldus is het duidelijk dat de vorm of het beeld is als alle andere goddelijke Eigenschappen. Elke Eigenschap die Allah bevestigd heeft in de openbaring dienen wij te bevestigen en erin te geloven.” (Sharh’ Kitaab at-Tawh’ied min Sah’ieh’ al-Boekhaarie, 2/41.)

(Lees verder onder de afbeelding.)

 

De volgende woorden van de profeet (vrede en zegeningen van Allah zijn met hem) zullen ook helpen om de betekenis van deze h’adieth (Allah schiep Adam naar Zijn evenbeeld) te verduidelijken. Hij (vrede en zegeningen van Allah zijn met hem) heeft gezegd (Nederlandstalige interpretatie): “De eerste groep die het Paradijs zal binnengaan zal in het evenbeeld van de maan zijn.” [Overgeleverd door al-Boekhaarie (3245) en Moeslim (2834).] Wat de profeet (vrede en zegeningen van Allah zijn met hem) hier bedoelde is dat de eerste groep in menselijke vorm zal zijn, maar vanwege hun zuiverheid, schoonheid en helderheid van het gezicht zullen zij lijken op de maan. Zij worden dus vergeleken met de maan, maar zonder er op te lijken. Omdat over iets gezegd wordt dat het naar het evenbeeld van iets is, betekent niet dat het op alle aspecten er op lijkt.

De woorden van de profeet (vrede en zegeningen van Allah zijn met hem) “Allah schiep Adam naar Zijn evenbeeld” betekenen dat Allah Adam schiep naar Zijn evenbeeld, want Hij heeft een Gezicht, een Oog, een Hand en een Voet, en Adam had een gezicht, een oog, een hand en een voet… Maar dit betekent niet dat deze zaken exact hetzelfde zijn. Er kan enige gelijkenis zijn, maar het is niet precies hetzelfde. Zo ook werd de eerste groep die het Paradijs binnen zal gaan vergeleken met de maan, maar zij zijn niet exact hetzelfde. Dit bevestigt de mening van Ahloe s-Soennah wa l-Djamaa’ah, die zeggen dat geen enkele Eigenschap van Allah vergeleken kan worden met de eigenschappen van geschapen wezens, zonder verdraaiing (van betekenis) of verkeerde interpretatie, of te spreken over hoe (zij zijn) of Hem te vergelijken met Zijn schepping. (Zie Sharh’ al-‘Aqiedah al-Waasitiyyah van sheikh Moh’ammed ibn ‘Oethaymien, 1/107, 293.)

En Allah weet het het best.

 

Relevante artikelen:

De schepping van Adam van aarde

Kennis over Allah is de basis van alle andere kennis

De 99 Namen van Allah سبحانه وتعالى (binnenkort op www.uwkeuze.net, in shaa-a Allaah)

Hoe Allahs Namen en Eigenschappen geïnterpreteerd moeten worden

De Eigenschappen van Allah & de geloofsleer van Ahloe s-Soennah wa l-Djamaa’ah – de correcte methodologie met betrekking tot al-Asmaa-e wasSifaat (de Namen en Eigenschappen van Allah)

Samenvatting van de fundamentele principes van de mensen van de Soennah en de Djamaa’ah aangaande de geloofsleer

Verplichte kennis voor elke moslim – de religieuze aspecten die elke moslim en moslimah behoren te weten

Waar is Allah?

De Handen van Allah

Hoe zit God er uit?

Wat God niet is

God/Allah (diverse artikelen)